Europese Beweging

Europees Financieel Verkiezingsdebat, 7 mei in Nieuwspoort Verrassend Toekomstgericht

Een hoge opkomst en enkele verrassende constateringen bij het verkiezingspanel dat de Nederlandse Vereniging van Banken, het Verbond van Verzekeraars, Adfiz, de NVP en Dufas In de aanloop naar de Europese Parlementsverkiezingen op 23 mei 2019, organiseerden.

In een vol Nieuwspoort gingen Sophie in ’t Veld (D66), Caroline Nagtegaal (VVD), Paul Tang (PvdA), Arnout Hoekstra (SP), Derk Jan Eppink (FvD), Sabine Klok (GL) en Auke Zijlstra (PVV) onder leiding van politiek commentator Charles Groenhuijsen in debat over Europa en de toekomst van de financiële sector na jaren van crises. Twee thema’s stonden centraal: duurzaamheid en innovatie.

Ondanks de partijpolitieke verschillen over duurzame financiering van klimaat en energietransitie maatregelen, en de uiteenlopende meningen over het belang van Europese sturing, initiatief en data, die natuurlijk volop aan bod kwamen, was er verrassende overeenstemming in de zaal over vier punten:

  • Waar Nederland als zodanig qua duurzaamheid niet het beste jongetje van de klas is, loopt de financiële sector in Nederland in Europa voorop als het gaat om duurzaam investeren (zo bevestigde Paul Tang).
  • Om verdere stappen te zetten op het gebied van duurzaamheid vraagt de sector Europa terecht om duidelijkheid te maken wat ‘duurzaam’ en ‘groen’ is.  Daarvoor is standaardisatie en categorisering en een ecolabel nodig. Voor private en institutionele investeerders is dit van vitaal belang: voor hen moet glashelder zijn wat ‘groen’ is. Dat neemt onzekerheid weg en bevordert ‘groen’ investeren.
  • De financiële sector lijkt meer dan voorheen te willen samenwerken met de Europese instellingen om kennis te leveren en vaart te maken. Dit gebeurt al in expert teams, maar kan nog breder.
  • De financiële sector wil dat Brussel op het gebied van duurzaamheid het voortouw neemt, en dingen niet aan de Lidstaten overlaat. Er  klonk dus een duidelijke roep om een enkel helder Europees eco-label.

Het volledige debat tref je hier aan:

Voor korte impressie met quotes van verschillende sprekers, zie hier.

 

Europese BewegingEuropees Financieel Verkiezingsdebat, 7 mei in Nieuwspoort Verrassend Toekomstgericht
read more

Europese Unie is een blijvertje….

Verslag verkiezingsdebat 9 mei 2019 ter gelegenheid van komende Europese verkiezingen op donderdag 23 mei. Het debat werd gehouden in het Auditorium van NHL Stenden Hogeschool in Leeuwarden. Een groep studenten European Studies van de Thorbecke Academie, onderdeel van de Hogeschool, hadden voor de stellingen van de avond gezorgd. Het debat stond onder leiding van Simone Scheffer, journalist bij Omrop Fryslân. Het debat werd georganiseerd door het EU Netwerk Noord-Nederland, dat is gelieerd aan de Europese Beweging Nederland.

Negen kandidaten, zeven vrouwen en twee mannen, van negen verschillende Nederlandse politieke partijen. Eén ding hadden ze gemeen: het debat ging over de wijze waarop de Europese Unie functioneert en wat de inhoudelijke taken zouden moeten zijn. Ze konden zich allen vinden in de boodschap van de Europese Raad, eerder die dag bijeen in Sibiu: De Europese Unie is een blijvertje. Maar wat maken we ervan?

Arme Annie Schreijer-Pierik, die in het Europees Parlement ijvert voor afschaffing van de zomer- en wintertijd. Negen forumleden, waaronder Eveline Herben (CDA), willen er geen strijdpunt van maken. Laten we maar alles rondom het verschuiven van de klok houden, zoals het is. Er zijn belangrijker zaken! Dat was het opwarmertje, niemand had daar echt problemen mee.

Het debat kwam los bij stelling 2: het klimaatbeleid. Hoewel, alle forumleden vinden dat er Europees klimaatbeleid nodig is. Meer of minder Europees, daar zaten wel verschillen. Tineke Strik (GroenLinks en lid van de Eerste Kamer) was daar het meest uitgesproken over. Lijsttrekker Bas Eickhout van haar partij leeft voor dat Europese klimaatbeleid.

Maar wie dit punt belangrijk vindt, kan veilig op haar of zijn partij van voorkeur stemmen. Hooguit kwam er gemor, vooral van CDA-zijde, dat Wopke Hoekstra in zijn rede in Berlijn van dinsdag 7 mei ook zou hebben bedoeld Nederland te straffen met minder geld uit de Europese schatkist, als er bij ons zoals tot nu toe, niet genoeg gebeurt aan het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen, zoals kooldioxide.

‘Wopke’ zou vooral horen bij stelling 3: wie niet genoeg bijdraagt aan de solidariteit van een Europees migratiebeleid, moet worden gestraft. Dat was veilig, want dan praat je niet direct over Nederland, maar over lidstaten uit Centraal-Europa. Opvallend was de neiging van velen in het forum om toch echt tot ‘scheiding bij de bron’ over te gaan tussen ‘arbeidsmigranten’ en ‘echte vluchtelingen’.

In de regio, waar vluchtelingen terecht komen vlak na hun vlucht moet al worden bepaald wie ‘echt vluchteling’ is en door mag naar Europa. Binnen de Europese Unie moet een eerlijke verdeling naar draagkracht plaats vinden en dienen alle lidstaten daaraan bij te dragen. Wie weigert, wordt gekort uit de Europese kas. Het Vluchtelingenverdrag (1951) moet wel blijven.

Voor de Europese Unie vooral als taak een stevig beleid voor Afrika te voeren, waarin nadruk ligt op de verdere economische ontwikkeling van het continent. De inwoners van dat continent dienen, door een zekere welvaart te ervaren, te worden gestimuleerd om hun toekomst in eigen land of regio te zoeken. Eveline Herben noemt de tuinbouwontwikkeling als voorbeeld. Op die manier zou de stroom illegale immigranten naar de Europese Unie tot staan gebracht moeten worden

Opvallende eensgezindheid tussen forum en publiek was er rond Stelling 4. Cultuur en ondersteuning van minderheidstalen werd erg belangrijk gevonden. Er hoeft niet zo zeer veel meer geld voor te worden uitgetrokken. Maar de Europese Unie dient wel degelijk actief op dit gebied de ontwikkeling van de regio’s te ondersteunen. Raquel García Hermida-van der Walle (D66) was in dat opzicht rolmodel: geboren in Madrid, wonend in Gorredijk, Spaanse, Friezin en Europeaan, zo vertelde ze. Ze maakte zich in het forum sterk voor zowel dat klimaatbeleid als voor steun aan de diversiteit van de Europese cultuur.

Misschien niet heel opvallend voor een debat in de voormalige Europese culturele hoofdstad Leeuwarden, maar de zaal reageerde opvallend afwijzend toen er enige relativering werd aangebracht inzake nog grotere diversiteit binnen het Europees Parlement. Is ook niet nodig, zei zittend europarlementariër Jan Huitema (VVD), die veel kans op herverkiezing heeft. Hij vertelde laatst in het Fries te hebben gesproken tijdens een debat. “De tolken hadden er opvallend weinig moeite mee”, vertrouwde hij de aanwezigen toe.

Het debat kwam echt los toen de geopolitieke verhoudingen aan bod kwamen (“De Verenigde Staten is een grotere bedreiging voor de EU dan China”). Waar zijn de tijden gebleven dat partijen aan de linkerzijde van het politieke spectrum in Nederland nogal snel een anti-Amerikaanse houding innamen?

Maar nee, op de dag dat Federica Mogherini in een officiële verklaring namens de Europese Unie haar ernstige zorgen uitsprak over het Amerikaanse beleid inzake Iran, waarmee ook de Europese Unie in de kou wordt gezet, sprak ook Fardau Procee (PvdA) zich in Leeuwarden uit voor een blijvend stevige relatie met de Verenigde Staten. “Ondanks het feit dat ik het beleid van President Trump verkeerd vindt” zei ze.

Nilüfer Vogels van nieuwkomer Volt kwam op dit punt los. “Kom op, Europese Unie, kom op voor jezelf”. Zij en anderen in het forum voerden een pleidooi voor het loslaten van de regel van unanimiteit in het buitenlands beleid. Daarmee is het Europese buitenlandse beleid vleugellam en dat moet veranderen. Ook van belang, lieten een aantal forumleden weten, voor een versterking van de Europese samenwerking op het terrein van defensie.

Niemand in het forum durfde het op dat punt aan, de kiezer te vertellen vóór een Europees leger te zijn. Samenwerken bij de aanschaf van spullen voor het leger, akkoord. Een Duits-Nederlands legerkorps of een Belgisch-Nederlandse marine? Is er al, geen probleem. Maar Nederlandse soldaten laten uitzenden door politieke besluiten op Europees niveau? Absoluut niet. En toch klonk de formulering van CDA’ster Eveline Herben (“In het komende decennium in ieder geval niet”) wat minder absoluut, dan we haar partijgenoten als minister Ank Bijleveld (defensie) en lijsttrekker Esther de Lange regelmatig horen zeggen op dit punt.

Is Nederland te zuinig op Europees vlak (stelling 6)? Nou, je moet niet meer uitgeven dan strikt nodig is. En mogelijk valt er het nodige te halen uit het budget voor landbouw (nu 38% van de begroting) en regionale subsidies (35%). Zelfs veehouder Jan Huitema wil vooral zijn eigen inkomen kunnen verdienen op een duurzaam te runnen bedrijf. Herben vindt dat de mededingingsregels nu alleen rekening houden met de consument en niet met de (kleine) producent.

Maar de Europese Unie moet wel de mogelijkheden faciliteren voor zo’n duurzame landbouw, zei Huitema (stelling 7). Dat bleek in goede aarde te vallen bij zijn mede-forumleden. Luuk van der Veer (namens de Partij voor de Dieren) ondersteunde dat. “Ik ben lid geworden van de PvdD, toen in 2011 Europese regels het verplicht ruimen van vee na een uitbraak van mond- en klauwzeer bleken te bevatten”. Dat was niet duurzaam, zei hij. Hij kon zich daarom vinden in een op meer duurzaamheid gericht gemeenschappelijk landbouwbeleid.

Moet de Europese Unie hervormd worden (laatste stelling)? Meest uitgesproken: Fenna Feenstra (SP). Haar partij wil zoveel mogelijk taken terug brengen naar het nationale niveau. Maar Anja Haga (ChristenUnie en SGP) was heel realistisch. Wat Europees moet, dat steunen we ook. Maar we willen vooral ‘Europese variaties’, zoals de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid WRR onlangs heeft geadviseerd. Als dat mogelijk is, moeten ook kleinere groepen van lidstaten samen iets kunnen ondernemen, zei ze.

Koos van Houdt, voorzitter EU Netwerk Noord-Nederland

Europese BewegingEuropese Unie is een blijvertje….
read more

Zullen straks ook in Europa ‘the Noes have it’?

Het was een merkwaardig feestje een paar weken geleden: de bijeenkomst bij gelegenheid van het zeventigjarige bestaan van de NAVO. Ofschoon het ledental gestaag groeiende is – iets wat voor de meeste verenigingen toch reden tot vreugde zou zijn – was de sfeer niet al te best. En het belangrijkste lid, waarop de club decennialang dreef, zagen de anderen ditmaal eigenlijk liever niet komen, uit vrees dat het onappetijtelijke taal zou uitslaan.

Donald Trump is immers de eerste Amerikaanse president die openlijk zijn twijfel aan het Noord-Atlantisch bondgenootschap ten toon heeft gespreid. Vooral kort na zijn aantreden, maar er bestaat nog steeds twijfel of zijn twijfel van toen wel helemaal verdwenen is. Niet alleen door meermalen vraagtekens te zetten bij de grondslag dat de leden elkaar zullen verdedigen – zoals in het geval van Montenegro, ‘een land verweg waarvan wij weinig weten’, om met Neville Chamberlain anno 1938 inzake Tsjechoslowakije te spreken.

Of door de Amerikaanse bereidwilligheid daartoe in afzonderlijke gevallen geheel afhankelijk te (dreigen) maken van de financiële bijdrage van de desbetreffende lidstaat, waarbij hij, getuige zijn voortdurende gescherm met handelsoorlogen op basis van zijn electorale America-First-principe, de korte-termijns-economische en lange-termijns-militaire belangen van de Verenigde Staten geheel in elkaar laat overvloeien.

Ook doordat hij zich, zelf een nationalistisch populist met autoritaire trekken, duidelijk meer thuis lijkt te voelen bij nationalistische autocraten als Poetin en Bolsonaro dan bij de herhaaldelijk door hem geschoffeerde democraten Theresa May en Angela Merkel, nog afgezien van zijn evidente misogynie, die hij zowel met deze autocraten als met hun bewonderaars binnen Europa deelt, tot Victor Orban en Thierry Baudet toe. Ook heeft Trump, vermoedelijk mede vanwege die instinctieve zielsverwantschap, al tenminste één keer openlijk meer waarde gehecht aan de verzekering van Poetin dan aan de informatie van zijn eigen inlichtingendiensten.

Maar niet alleen worstelt de NAVO, die dankzij de toenemende assertiviteit, zo niet agressiviteit van het Kremlin, inmiddels toch weer over een duidelijke tegenstander en dus bestaansreden beschikt, met een groeiende tegenstelling tussen Amerika en Europa, nu China steeds meer als de grote tegenstrever wordt gezien. Ook binnen Europa is het steeds moeilijker om tot één lijn naar buiten te komen, mede omdat het ook steeds moeilijker is om tot één lijn naar binnen te komen, bijvoorbeeld waar het de democratische waarden als grondslag van zowel de NAVO als de EU betreft. Denk voor het eerste bijvoorbeeld aan Erdogans Turkije, ook al lijkt zijn almachtsfantasie met het verlies van Ankara en Istanbul bij de jongste gemeenteraadsverkiezingen een duchtige knauw te hebben gekregen.

Hoezeer er ook nog landen zijn die staan te dringen om toe te mogen treden – naast die op de westelijke Balkan ook Oekraïne, dat heeft ook de nieuwe president Zelensky benadrukt – staat de interne samenhang steeds verder onder druk. Op het gebied van de rechtsstatelijkheid slaagt Frans Timmermans er niet in om een steeds verder ontsporend Polen en Hongarije tot een wezenlijke koerswijziging te dwingen, omdat beide landen elkaar de hand boven het hoofd houden, daarin ook steeds meer steun vindend bij de inmiddels Europabrede nationalistische beweging, die inmiddels eveneens in Rome sterk de toon is gaan zetten.

Er wordt zo aan alle kanten aan de Europese Unie getrokken, misschien wel meer dan ooit. Nee: bijna niemand wil er inmiddels meer uit – het Brexit-drama heeft inmiddels zelfs Baudet, voor wie meedoen aan Brussel jarenlang gelijkstond aan de Ondergang van de Boreale Beschaving, tot binnensmonds gemompel over eventuele een Nexit gedwongen. Je krijgt – en daar is toch wel wat voor nodig – nog bijna met Derk Jan Eppink te doen, die als columnist altijd rechtlijnig kon zijn, maar zich nu als Europees lijsttrekker in vele kronkels zal moeten wringen.

Maar de Brexit werkt wel in Brussel verlammend, en zuigt er alle energie op. Wat het eerste betreft: wie gelooft dat Westminster er, na drie mislukte stemmingen, binnen een maand wèl uit is, en daarmee ook bijtijds de unie uit is, is een rasoptimist. Wat nu dreigt is dat Britse deelname aan de Europese verkiezingen tot een monsterzege van boze Brexiteers leidt, die er vervolgens van alles aan zullen doen om Brussel van binnenuit te verlammen – Nigel Farage heeft er al mee gedreigd. En wat als May ten val komt voor Londen de unie verlaat? Is de laatste dan wel Boris-proof?

Door deze al drie jaar voortetterende tragikomedie, die door zijn uitzichtloosheid – The noes have it, the noes have it, werkelijk geen enkel voorstel leidde in het Lagerhuis de afgelopen maanden tot een meerderheid voor een ja – – het morele failliet van de Britse democratie illustreert, kan Brussel onvoldoende aandacht aan de grote externe uitdagingen besteden. En dat zijn er minstens drie.

Ten eerste China, dat er met zijn Zijderoute in slaagt om de facto steeds meer landen uit het Europese blok los te weken, en daardoor een eensgezind optreden tegenover China steeds vaker onmogelijk maakt. Ten tweede Rusland, dat inzake de Krim en de Donbass geen sjoege geeft, en zo een formele toenadering van Oekraïne tot Europa belemmert, omdat nieuwe leden geen grensproblemen met zich mee mogen nemen. Ten derde de instabiliteit in de Arabische wereld, waar het nu in Algerije, Libië en Soedan gist. Dat het relatieve succes van Tunesië ook elders navolging krijgt, is een evident Europees belang, al was het maar met het oog op anders dreigende nieuwe vluchtelingenstromen, die de belangrijkste grondstof voor de anti-Europese populisten in Europa vormen.

Thomas von der Dunk, 24 april 2019

Europese BewegingZullen straks ook in Europa ‘the Noes have it’?
read more

EBN op Democracy Alive Festival (11-13 april, 2019)

Van 11-13 april vond op Texel het grote, door de European Movement International mee georganiseerde Democracy Alive festival plaats. Het vormde de aftrap van de Europese verkiezingen en de campagne This Time I’m Voting. Tientallen Europese netwerken en organisaties met een passie voor democratische vernieuwing namen deel. De burgemeester van Texel heette alle Europeanen hartelijk welkom en onderstreepte het belang van verbindingen tussen burgers en lokale gemeenschappen in Europa. Texelaren waren ook ruim vertegenwoordigd met allerlei kramen voor hapjes. En met lokale pulsevissers, die van zich lieten horen, en wezen op Europese regelgeving waar ze momenteel last van hebben en waarvoor ze alternatieven aandroegen.

De EBN was op Texel natuurlijk van de partij. Samen met bevriende clubs zoals European May (van o.a. European Alternatives), the Commons Network, Netwerk Democratie, de Embassy of the North Sea, en de Vertegenwoordiging van de Europese Commissie/Europe Direct/ECI verzorgden we een festival paviljoen, getiteld Democratise Europe, met als thema ‘democratische vernieuwing’.

Buiten was het nog wat koud: maar binnen waren er veel geanimeerde discussies en verrassende ontmoetingen. EBN  bestuurslid Laura Frühmann (LF) blikt terug.

Vr: Wat sprak je het meest aan in het festival?

LF: De creativiteit! Het was hartverwarmend te zien hoeveel enthousiasme voor Europa er in alle clubs zit die meededen. Er was een enorm gevoel van saamhorigheid en er samen voor gaan. Er waren Europa-debatten, panels, quizzen; er werden Europa scenario workshops gehouden, posters en games gemaakt. Iedereen had het gevoel: We kunnen elkaar versterken. Er was heel veel uitwisseling, met goeie gesprekken, demonstratie van leuke voorbeelden en kruisbestuiving.  Belangrijke rode draad door het hele festival was dan ook te bezien hoe je allerlei mensen die iets constructiefs met Europa willen bij elkaar kunt brengen. En iedereen was bezig met de uitdaging wat we zelf kunnen bijdragen.

Vr: Het festival markeerde de aftrap van de Europese verkiezingen, wat was daarvan de toon?

LF: Energiek, toekomstgericht. Vanuit Brussel waren er Europese lijsttrekkers zoals Bas Eickhout van de Groenen aanwezig, Eurocommissaris voor Competitie Margrethe Vestager sprak. En er was een bijzondere sessie met EU Brexit onderhandelaar Michel Barnier, die een forse uithaal deed naar de afbraakpolitiek van mensen als Farage, en een warme oproep plaatste aan iedereen om veel meer te gaan staan voor Europese verworvenheden en niet terug te vallen in oude politiek van verharding, nationalisme en onnodige grenzen. Letterlijk zei hij: “Please take care of our Europe”…. Dat raakte me enorm. Het moment is nu toch echt gekomen dat mensen die iets met Europa willen er ook voor moeten gaan staan!

Vr: Wat is de inzet van de EBN?

LF: Constructief en verbindend: tussen oud en jong, en tussen ‘established’ en ‘nieuwe beweging’. Het is eigenlijk heel bijzonder te zien hoe loyaal we als oudere Europa vereniging zijn aan dat woord ‘beweging’ en nog steeds proberen te gaan ‘waar de beweging zit’. Onze eigen workshop ging dan ook over de vraag: welke veranderingen willen we zien in de wereld, wat doet Europa daaraan en wat doen we zelf? In die workshop kwam ook aan de orde hoe je van activisme en sociale beweging naar duurzame veranderingen in instituties komt: van demonstratie naar constructie. We hadden als speciale gast Devika Partiman, oprichter van Stem op een Vrouw, die ook nog eens extra benadrukte wat een bredere inzet van vrouwen in een positieve Europapolitiek kan betekenen.  Allemaal heel geïnspireerd. We moeten voorkomen dat onze generatie de deur gaat dichtdoen in Europa, zoals zangeres Amber Arcades tijdens het festival bezong in haar Goodnight Europe.

Als EBN trekken we daarom ook de komende weken en maanden op met onze vrienden uit andere netwerken die vooruit willen.

Beelden van het festival zijn terug te zien op YouTube, of via Facebook.

TALKING EUROPE with Margrethe Vestager:
//www.youtube.com/watch?v=QNwF2qi6c5M

TALKING EUROPE with Bas Eickhout:
//www.youtube.com/watch?v=QNwF2qi6c5M

TALKING EUROPE with Michel Barnier:
//www.youtube.com/watch?v=zjbGzxfg9y0&t=537s

 

 

Europese BewegingEBN op Democracy Alive Festival (11-13 april, 2019)
read more

Is Europa inzake China eindelijk de naïviteit voorbij?

Op 24 november 2005 nam ik deel aan een forumdiscussie van de Nederlandse Maatschappij voor Handel en Nijverheid over internationale economische betrekkingen, die – symbolisch of ironisch? – werd gehouden in een zaaltje in Madurodam. Centraal stond de opkomst van China. Wat mij vooral is bijgebleven is de grenzeloze naïviteit van twee van mijn debatgenoten, VVD-Kamerlid Annette Nijs en de directeur van de High Tech Campus te Eindhoven, Jerôme Verhagen, de broer van. Zij zagen alleen maar kansen.

Het enige wat telde was de grenzeloze afzetmarkt – voor Nederlandse goederen en geleerden beide – die hier voor het oprapen lag. Het nog steeds totalitaire karakter van de Chinese staat achtten zij weinig relevant, daarmee opnieuw illustrerend dat het begrip ‘vrijheid’ zich hier te lande in de praktijk vooral tot vrijhandel beperkt. Met dit geringe (geo)politieke benul stond het tweetal niet alleen. Ik herinner me nog een andere bijeenkomst in die jaren, waar toenmalig Shell-baas Jeroen van der Veer – toch niet de minste, dacht ik tot op dat moment (maar alleen dus tot op dat moment) – zijn ervaringen met de Russen op Sachalin uit de doeken deed, en daarbij te kennen gaf dat hij tot zijn verbazing had moeten ontdekken hoezeer elke beslissing inzake olieboringen door Shell van de goodwill van het Kremlin afhankelijk was. Over die verbazing was ík dus weer verbaasd.

Wereldvreemdheid: zelfs in de hoogste Hollandse kringen heeft men daarvan dus last. In dat soort onvrije landen vormt namelijk élke grote institutie – of het nu om een onderneming of een universiteit gaat – nu eenmaal het directe verlengstuk van de staat. Er bestaat ginds geen samenleving los daarvan. In naam mag het – want dat willen de door het Westen geformuleerde internationale spelregels immers – steeds om een zelfstandige instelling gaan, de feitelijke verhoudingen zijn anders.

Intussen hebben we het Groningse debacle met een universiteitsdependance in Yantai gehad, en begint men zich allerwegen achter zijn oren te krabben vanwege de tentakels van Huawei. Daarin loopt Trumps Amerika overigens nog altijd op Tusks Europa voor – en wat men ook van Trumps grilligheid en onvoorspelbaarheid mag vinden, in dít opzicht is zijn instinct wel het juiste. Alleen zal hij van een koude kermis terugkomen als hij echt denkt dat Amerika de klus in z’n eentje klaren kan.

Is Europa eindelijk de geopolitieke naïviteit inzake China voorbij? In elk geval begint men zich eindelijk te realiseren dat Beijings eenzijdige interpretatie van de handelsrelatie – wel alle ruimte voor Chinese bedrijven in het Westen, niet voor westerse bedrijven in China – niet een kwestie van toevallige traagheid of onhandigheid of wat dan ook is, maar van systeem. Beijing speelt het spel volgens de eigen regels, en dat betekent dat het thuis altijd de regie in handen houdt. Van een gelijkwaardige uitruil is geen sprake – niet vandaag en niet in de toekomst.

In de verwachting dat die er wel was, of tenminste zou komen, heeft het Westen het afgelopen decennium veel teveel uit handen gegeven, mede vanwege een beperkte economische kijk op de economie. Zeker in Nederland is dat laatste van oudsher dominant. Denk aan het door de kabinetten-Balkenende aangehangen doel om Nederland tot de gasrotonde van Rusland te maken – nog voordat half Groningen in elkaar was gezakt. Wat goed verdient is immers goed gedaan. Banen, banen, banen, om met Balkenendes opvolger te spreken.

Over geopolitieke consequenties werd niet nagedacht: ieder ging voor zijn eigen voordeel, zodat Poetin de Europese landen behendig tegen elkaar uit kon spelen. De een z’n dood is de ander z’n brood. Al tijdens de Tachtigjarige Oorlog zagen Amsterdamse wapenhandelaren er geen bezwaar in om ook met de Spaanse vijand zaken te doen. Pas recent heeft ook Rutte doorgekregen dat we niet alleen lid van de EU zijn om handel te drijven. Maar goed, beter laat dan nooit.

Want het besef dat het laat is, mag intussen hopelijk ook tot de krochten van het Binnenhof zijn doorgedrongen. Als gevolg van eenzijdig commerciële oogkleppen is een riskante situatie ontstaan, waar het de wereldwijde invloed van China betreft. Met de Zijderoute, waarvoor Beijing afzonderlijke lidstaten met gunstjes weet te paaien, dringt het al tot in het hart van Europa door. Piraeus is intussen een soort omgekeerd Hong-Kong, en binnenkort volgt mogelijk ook Triëst. De daarmee beoogde geopolitieke effecten worden al zichtbaar. Als gevolg van de Griekse afhankelijkheid van Chinese welwillendheid, is Brussel niet meer in staat om tot een unanieme koers te komen, waar het Beijing betreft. Zo werd niet zo lang geleden nog een poging tot gezamenlijke veroordeling van de steeds belabberder mensenrechtensituatie in China door een Grieks veto geblokkeerd.

Piraeus staat daarmee symbool voor een kortzichtige neoliberale economische koers, die met de geopolitieke gevolgen van bepaalde beleidsdaden amper rekening houdt. Onder druk van de noordelijke landen moest Athene in de crisisjaren de eigen infrastructuur in de uitverkoop doen: privatisering werd vanuit Brussel opgelegd. Den Haag heeft daarbij, als bolwerk van monetaire hardliners, een zeer kwalijke rol gespeeld – ook al keert het, waar het het leerstuk van de verboden economische staatsinterventie betreft, nu zelf – zie KLM – op z’n schreden terug.

Maar opnieuw is het de nu in Nederland als KLM-redder gevierde Wopke Hoekstra, die ten aanzien van Italië de hardste lijn bepleit – we blijven een volk van benepen krentenwegers, dat wist al Multatuli. Dat leidt dus straks, na Piraeus, ook tot de afgedwongen verkwanseling van Triëst. Daarmee wordt ongetwijfeld het financiële huishoudboekje van Europa wat makkelijker kloppend, maar het politieke niet. En uiteindelijk zal het toch dat laatste zijn wat over de langere termijn in de mondiale confrontatie met een assertief China het meeste telt.

 

Thomas von der Dunk, 20 maart 2019

Europese BewegingIs Europa inzake China eindelijk de naïviteit voorbij?
read more

Alfred Mozer biografie boekpresentatie 28 februari 2019

Op 28 februari 2019 werd onder grote belangstelling in de Campus Den Haag van de Leidse Universiteit de nieuwe biografie Alfred Mozer, Duitser, Nederlander, Europeaan (1905-1979) ten doop gehouden.

Alfred Mozer (1905-1979) was een vroege en belangrijke voortrekker van de Europese beweging. Al qua afkomst en levensloop was hij een Europeaan, geboren in München als zoon van een Hongaarse vader en een Duitse moeder. Hij groeide op in een socialistisch milieu en werd een politiek actieve journalist. Hartstochtelijk verdedigde hij de zwakke Duitse democratie tegen het oprukkend nazisme. Al in 1933 moest hij naar Nederland vluchten. Zijn Duitse nationaliteit werd hem ontnomen, hij was ‘onwaardig Duitser te zijn’. Er volgden zeven jaren van politieke ballingschap in Amsterdam en daarna vijf oorlogsjaren in eenzame onderduik in Poortugaal bij Rotterdam. Na de oorlog werd hij Nederlander. Hij sloot zich aan bij de PvdA en werd daar de eerste Internationaal Secretaris. Daarnaast was hij actief in de Europese federalistische beweging en bouwde een indrukwekkend internationaal netwerk op. In 1958 werd hij politiek adviseur en kabinetschef van de eerste Nederlandse Eurocommissaris in Brussel, Sicco Mansholt.

Auteur en EBN lid Paul Weller ging in op Mozers leven en werk en hoe dit zich afspeelde tegen de achtergrond van dramatische ontwikkelingen in Europa: de Eerste Wereldoorlog, de ondergang van de Weimarrepubliek, de Tweede Wereldoorlog. De gevolgen hiervan ondervond hij aan den lijve. Het maakte hem na de oorlog tot een hartstochtelijk pleitbezorger van een verenigd Europa. Niet alleen vanwege de nieuwe dreigingen die voortvloeiden uit de Koude Oorlog, maar ook vanuit een voortdurende zorg over een mogelijke terugval naar oude en nieuwe vormen van eng nationalisme. Weller benadrukte hoe de studie van Mozer’s leven hem er opnieuw van bewust had gemaakt dat niets ‘onvermijdelijk is’: ‘Er waren keuzen, ook toen. Net als nu.’

De inleiding van de auteur werden gevolgd door drie reflecties op de belangrijkste dimensies van het leven van Alfred Mozer en de waarde van deze biografie voor de discussies over Europese ontwikkelingen.

Leiden Universiteit historicus Patrick Dassen plaatste de vroege publieke en politieke activiteiten van Mozer in de context van de Weimar Republiek. Historicus en voormalig Europarlementariër en PvdA Internationaal Secretaris Jan-Marinus Wiersma reflecteerde op de naoorlogse PvdA tijd van Mozer en Mozer’s unieke positie als Duitse Nederlander/Nederlandse Duitser, die als eerste PvdA Internationaal secretaris zijn eigen rol speelde in de relaties tussen sociaaldemocratische partijen in Europa en de vormgevende discussies in de sociaaldemocratie in Europa post-1945. Europarlementariër en huidig IS van de PvdA Kati Piri onderstreepte het belang van gepassioneerde Europeanen als Mozer  ging in op de relaties met het heden en de voortdurende intellectuele en praktische inzet die nodig is om het hoofd te bieden aan een aantal grote gedeelde Europese problemen, waarvoor ook historische kennis van de diverse ontwikkelingen in Europa van groot belang is.

Europese BewegingAlfred Mozer biografie boekpresentatie 28 februari 2019
read more

Rome heeft helaas meer gelijk dan Parijs lief is. Column door Thomas von der Dunk

Italië heeft veel aan Frankrijk te danken. Het omgekeerde is ook zo – op cultureel gebied. Vanaf de renaissance werden regelmatig grote Italiaanse kunstenaars binnengehaald, van Leonardo da Vinci tot Bernini. Hoewel men er tijdens het Grand Siècle van de Zonnekoning vanuit ging dat Parijs inmiddels het nieuwe Rome was, bleef een reis naar het oude Rome voor het aankomend talent aan de Académie des Beaux-Arts tot in de dagen van Napoleon III verplicht.

Italië dankt, omgekeerd, mede aan Frankrijk zijn politieke bestaan. In ruil voor Nice en Savoye heeft Napoleon III zich achter de Italiaanse eenwording geschaard. Aan het Franse voorbeeld dankte Italië vervolgens ook sterk zijn politieke systeem. Anders dan het nieuwe federatieve Duitse Keizerrijk, werd het nieuwe Italië een centralistische eenheidsstaat. Waar Pruisen en de andere Duitse vorstendommen in 1871 bleven voortbestaan, en het keizerschap slechts als koepel fungeerde, veegde Piemonte de Italiaanse concurrentie van de kaart, totdat, met de reductie van de Kerkelijke Staat tot het Vaticaan, de hoofdstad van het verenigde Italië van Turijn – na een tussenstop in Florence – naar Rome werd verplaatst.

In staatkundig opzicht zijn de verschillen inmiddels groter. Italië is serieus werk gaan maken van binnenlandse decentralisatie, resulterend in vergaande autonomie voor vijf afwijkende regio’s, het Aostadal (‘Frans’), Zuid-Tirol (‘Oostenrijks’), Friuli (‘Furlaans’) en die twee rare eilanden Sardinië en Sicilië, die zich evenmin gewoon als ‘Italië’ beschouwen. Nu is dàt een verschijnsel dat zich ook in de rest van het land veelvuldig voordoet – denk aan de Lega (Nord), die (ooit) een onafhankelijk Padanië voorstond. Roma ladrona – ‘Rome de dief’: dat is een sentiment t.o.v. de eigen hoofdstad dat maar in weinig andere landen zo breed wordt gedeeld. Nog steeds geldt, anderhalve eeuw na de eenwording, het fameuze dictum van Cavour: “Eindelijk hebben we Italië – nu graag ook nog Italianen”.

In dat opzicht is het verschil met Frankrijk groot. Dat houdt de facto nog stug aan de eenheidsstaat vast. Van serieuze decentralisatie is geen sprake, en waar die in Zuid-Tirol een einde maakte aan ooit zelfs tot bomaanslagen leidende onvrede, is het tekort aan francofilie op Corsica echt nog steeds niet opgelost. In het historische museum in Corte, een plaatsje midden op het eiland, wordt zodoende ongegeneerd gesproken van tweehonderdvijftig jaar Franse bezetting, zoals ik in de zomer van 2017 met eigen ogen kon constateren.

Na de Tweede Wereldoorlog vonden beide landen elkaar binnen de nieuwe EEG relatief makkelijk, vanwege hun gedeelde rekkelijke ‘romaanse’ mentaliteit. Parijs wil binnen Europa de brug tussen noord en zuid vormen, en dat vertaalt zich in minder hekel aan protectionisme en meer hekel aan monetair fetisjisme. Het werpt zich, met steun van de andere romaanse landen, vandaag op als voorstander van een transferunie, waar de meeste germaanse landen niets van willen weten.

Maar waar Parijs en Rome vanouds bondgenoten zijn, staan zij nu tegenover elkaar. In Parijs zetelt met Macron een neoliberale internationalist bij uitstek, in Rome zijn met Salvini en Di Maio twee antiliberale populisten aan de macht. Dat leidt regelmatig tot aanvaringen. Zoals het populisten betaamt, vermeien die zich niet nodeloos met de conventies van fijnbesnaardheid in het diplomatieke verkeer. Zij hebben openlijk hun steun uitgesproken aan de Gele Hesjes die het Élysée zoveel hoofdbrekens bezorgen. Di Maio deed dat vorige week zelfs in Orléans, terwijl Salvini een dag later de hoop uitsprak dat de Fransen “zich zouden bevrijden van een heel slechte president”, die “tegen zijn volk regeert”. Dat was meteen goed voor een rel: Parijs heeft zijn ambassadeur in Rome teruggeroepen.

Een dergelijke openlijke inmenging in de binnenlandse politiek van bevriende landen – waar overigens ook de Grote Populist in Washington niet vies van is – is inderdaad ongehoord, en maakt de formele Franse reactie onvermijdelijk en terecht. Daarbij meent Parijs met reden dat die aanvallen op Macron mede door electorale motieven zijn ingegeven, vanwege de komende Europese verkiezingen.

Maar waar de Franse regering in zo’n geval wel een streep moet trekken, geldt dat voor een commentator niet. En dan moet die toch constateren dat Salvini en Di Maio inhoudelijk met hun kritiek niet gehéél ongelijk hebben. Dat gold ook voor hun evenmin in dank afgenomen opmerkingen over de niet van neokoloniale trekken gespeende Franse Afrikapolitiek. Premier Conte deed het even later in Brussel nog eens dunnetjes over: de hele EU is verworden tot een oligarchisch systeem dat de burgers economisch in de kou laat staan. En speciaal Macron heeft in dat opzicht thuis een gigantisch geloofwaardigheidsprobleem. Dat, zoals Di Maio het formuleerde, “de wind van verandering de Alpen is overgewaaid”, laat zich, hoe onvriendelijk het vast ook is om dat over een andere regeringsleider te zeggen, gezien de permanente protesten in Frankrijk niet helemaal ontkennen.

Daarbij komt dat juist Macron eerder zelf tegenover Rome nogal hoog van de toren geblazen heeft. Toen Rome in juni het aanmeren van een vluchtelingenboot verbood, verweet Macron de Italianen “cynisme en onverantwoordelijkheid”. Dat was, zoals Rome reposteerde, tamelijk hypocriet – Italië vangt al jarenlang (samen met Griekenland, en inmiddels ook Spanje) de bulk van de vluchtelingen op, terwijl Frankrijk ze bij Ventimiglia ijskoud allemaal tegenhoudt.

Er bestaat terecht kritiek op het nul-asylzoekers-beleid van Boedapest, maar bijna alle Europese hoofdsteden wentelen deze last met een beroep op ‘Dublin’ op de mediterrane landen af – Nederland inclusief. Niet alleen Parijs, ook Den Haag blijft, als het om het nakomen van toezeggingen over opvang gaat, uit angst voor eigen populisten totaal in gebreke, en dat maakt de noordelijke kritiek op de Italiaanse populisten onwaarachtig en Dublin op den duur onhoudbaar.

Thomas von der Dunk, 12 februari 2019

Europese BewegingRome heeft helaas meer gelijk dan Parijs lief is. Column door Thomas von der Dunk
read more

28 februari 2019: Boekpresentatie ‘Alfred Mozer, Duitser – Nederlander – Europeaan (1905-1979)’, biografie door Paul Weller

Graag nodigen wij u uit tot het bijwonen van de boekpresentatie van de biografie van Alfred Mozer:

Deze feestelijke bijeenkomst met seminar zal plaatsvinden op donderdag 28 februari a.s. van 16.00 tot 18.00 uur in het nieuwe gebouw van de Haagse Campus van de Leidse universiteit aan de Turfmarkt 99 in Den Haag (300 m. van Den Haag Centraal Station, richting Stadhuis).

Met medewerking van de auteur Paul Weller, en gastsprekers Patrick Dassen (historicus), Jan-Marinus Wiersma (Senior Visiting Fellow Clingendael, vml. MEP en internationaal secretaris PvdA) en Kati Piri (Europarlementariër).

Achtergrond

Alfred Mozer (1905-1979) was een vroege en belangrijke voortrekker van de Europese beweging. Al qua afkomst en levensloop was hij een Europeaan, geboren in München als zoon van een Hongaarse vader en een Duitse moeder. Hij groeide op in een socialistisch milieu en werd een politiek actieve journalist. Hartstochtelijk verdedigde hij de zwakke Duitse democratie tegen het oprukkend nazisme. Al in 1933 moest hij naar Nederland vluchten. Zijn Duitse nationaliteit werd hem ontnomen, hij was ‘onwaardig Duitser te zijn’. Er volgden zeven jaren van politieke ballingschap in Amsterdam en daarna vijf oorlogsjaren in eenzame onderduik in Poortugaal bij Rotterdam. Na de oorlog werd hij Nederlander. Hij sloot zich aan bij de PvdA en werd daar de eerste Internationaal Secretaris. Daarnaast was hij actief in de Europese federalistische beweging en bouwde een indrukwekkend internationaal netwerk op. In 1958 werd hij politiek adviseur en kabinetschef van de eerste Nederlandse Eurocommissaris in Brussel, Sicco Mansholt.

Mozers leven en werk speelden zich af tegen de achtergrond van dramatische ontwikkelingen in Europa: de Eerste Wereldoorlog, de ondergang van de Weimarrepubliek, de Tweede Wereldoorlog. De gevolgen hiervan ondervond hij aan den lijve. Het maakte hem na de oorlog tot een hartstochtelijk pleitbezorger van een verenigd Europa. Niet alleen vanwege de nieuwe dreigingen die voortvloeiden uit de Koude Oorlog, maar ook vanuit een voortdurende zorg over een mogelijke terugval naar oude en nieuwe vormen van eng nationalisme.

Alfred Mozer was een begenadigd en productief spreker en schrijver, die zijn opvattingen met overtuiging en humor overbracht. Dit boek vertelt het verhaal van zijn rijk en veelbewogen leven. Op beslissende momenten toonde hij grote moed en vastberadenheid. Van Duitser werd hij Nederlander en vervolgens een overtuigd Europeaan, die bijdroeg aan de opbouw van het huidige Europa.

Programma

Na een inleiding door de auteur (Paul Weller) zullen drie sprekers (Patrick Dassen, Jan-Marinus Wiersma en Kati Piri) vitale aspecten van het leven en werk van Alfred Mozer nader belichten.

Aanmelden

De toegang tot het seminar is gratis, maar aanmelding wordt op prijs gesteld. Bij volle zaal hebben deelnemers met een registratie voorrang.

RSVP via email: europesebewegingnl@hotmail.com, onder vermelding van Alfred Mozer boek-seminar.

We zien uit naar uw komst,

 

Paul Weller
Uitgeverij Matrijs
Europese Beweging Nederland
Foundation Max van der Stoel (waarin opgenomen de Alfred Mozer Stichting)

Europese Beweging28 februari 2019: Boekpresentatie ‘Alfred Mozer, Duitser – Nederlander – Europeaan (1905-1979)’, biografie door Paul Weller
read more

Coming to Texel: the International Democracy Alive Festival. An interview with Mads Hvid

In the lead up to the European Elections 2019, The European Movement International is the chief initiator of a big Democracy Fest, called Democracy Alive. Preparations are in full swing. We spoke with Mads Hvid, Head Projects and Campaigns, at the EMI office in Brussels, who is now busy around the clock with what already promises to become one of the Must-Go events of 2019.

Democracy Alive festival, that sounds quite exciting. How did the idea arise?

The idea of initiating a European Democracy Festival has been on our minds for a while. But when in February 2018, we held a democracy workshop for 100 activists and experts from all over Europe, and the idea also emerged among their main ideas for how to engage with Europeans, we decided that we had to move on it.

What are the main drivers of/motivators for this festival?

We want to create a space for Europeans to meet with both their elected representatives and with the organisations which everyday are working on influencing the direction of Europe to the benefit of the citizens. We were looking for a place where a fisherman from Texel can have a beer with an MEP from Romania and somebody working for an Italian environmental organization. We didn’t see such spaces anywhere, so we decided to create it.

Why Texel?

We were originally inspired by the Scandinavian tradition of Democracy Festivals. For many reasons these fests often take place on islands. It helps create a unique atmosphere being somewhere out of the ordinary.

We looked at several beautiful places around Europe, places with distinct and small communities, but relatively close to a major airport so it would be accessible for our international participants. Texel quickly became a place we considered seriously. A nd when we reached out to the potential host locations the local people of Texel were incredibly welcoming and constructive. We established a great relationship with the local municipality and tourist office, and they have been incredible partners all through the planning stages.

Since starting our frequent visits to Texel, we have continued to meet the many passionate people on the island, and this has only confirmed that our decision to base the festival on the island was the right one. We are also working as much as we can with local suppliers on everything: from the organizer pavilions and logistics to food trucks, accommodations and decorations. Texel has a vibrant local business scene, and it’s a delight to get to work with people who are so passionate about their home.

There is quite a bit of democratic ‘unrest’ in Europe these days -from yellow vests to new populist movements – how does the festival relate to all that?

We believe that calm and constructive dialogue is the essence of democracy. Unfortunatey, this is often lacking at the European level. DEMOCRACY ALIVE is our attempt to inspire more of such interactions by showing that it can be done; and that the fight for democratic progress can happen over a drink at a festival and not only in a sterile meeting room or on the streets.

What do you hope this festival will contribute to the European elections?

We hope it will be a great starting-shot for the European election campaign. Together with civil society and party activists from across Europe we will be making the final stretch before the elections and boosting motivation to get out the vote.

When would you call the festival a success?

We would be very happy if we have 3 days in April in which we see great conversations taking place and new relationships being forged. We hope everyone will leave with a feeling of hope and excitement about the upcoming elections, and a whole bunch of ideas of how to get fellow citizens feel the same.

If people wish to join, what are their options?

Several organisations have already signed up, from youth and women’s organisations to trade unions, businesses and NGOs – but we are still looking for more. So if your organisation wants to take part, please reach out to us by contacting us either by email or by going here:

//www.democracyalive.eu/become_an_organiser

If you are looking for how to take part as an individual or if you wish to become a volunteer, www.DEMOCRACYALIVE.eu is the place to go.

See you on Texel in April!!!

 

Europese BewegingComing to Texel: the International Democracy Alive Festival. An interview with Mads Hvid
read more

Komen de Britten er zelf nog uit? Column door Thomas von der Dunk

Er was dus geen plan B. Er was namelijk eigenlijk zelfs geen plan A. Westminster had vanaf het begin geen flauwe notie wat het wilde, en zo daar al het begin van een flauwe notie van mocht bestaan, of wat het wilde ook kon. Het heeft de afgelopen maanden voortdurend geleid tot een herhaling van zetten. Waar May uit Brussel in Londen mee thuis kwam, bleek onacceptabel, zonder dat men het er over eens kon worden wat dan wel acceptabel zou zijn.

Nu lijkt ze alleen nog te beschikken over plan X: net zo lang heen en weer vliegen over het Kanaal – dat is zolang dat nog, tot de Britten uit de EU tuimelen, op geordende wijze mogelijk is – tot de deadline nadert, en May tegen de Brexiteers kan zeggen: het is dit of de chaos.

Die chaos is er al, althans politiek. Zelden heeft een West-Europees land de afgelopen driekwart eeuw zo’n totaal politiek onvermogen gedemonstreerd. Het begon met een referendum dat vooral bedoeld was om een intern probleem van de Tory’s op te lossen, waarbij de meest fanatieke Brexiteers de kiezers allerlei fantasieën voorspiegelden, en vervolgens na winst de benen namen. Cameron had misgegokt, en May mocht de rommel opruimen.

De actiegroep Led by Donkeys heeft intussen een aantal fraaie toenmalige ‘voorspellingen’ van Brexiteers op grote billboards geplaatst. “De dag nadat we voor de Brexit hebben gestemd, hebben we alle kaarten in handen en kunnen we het pad kiezen dat we willen nemen”. Aldus minister Michael Gove in 2016. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat zo’n beetje elk Lagerhuislid weer een ander pad wil nemen, dus dat schiet niet echt op.

“Het vrijhandelsakkoord dat we met de EU gaan sluiten moet een van de gemakkelijkste uit de geschiedenis zijn”, verkondigde indertijd minister van Internationale Handel Liam Fox. En toenmalig collega-minister David Davis, inmiddels ex, een tijdje terug: “Er zullen geen schaduwzijden aan de Brexit zijn – alleen flinke voordelen”. Eh….ja. Tenminste één schaduwzijde lijkt mij nu al duidelijk: dat het Verenigd Koninkrijk inmiddels onbestuurbaar geworden is.

Dat begint er al mee dat het referendum als een gijzelingsinstrument wordt gebruikt. ‘Het volk’ heeft immers gesproken. Alles wat geen volwaardige Brexit is, heet zo een schoffering van meer dan zeventienmiljoen pro-Brexit-kiezers te zijn. Alleen hebben er bijna net zoveel in 2016 tegengestemd: het was geen landslide, maar een nipte zege, eentje die bij een iets hogere opkomst van jongeren en wat meer bedlegerige ouderen ook net omgekeerd had kunnen uitvallen.

Het grootste probleem met een referendum over een kwestie als deze is niet zozeer dat men ja of nee moet stemmen, zonder de mogelijkheid wijzigingen aan te brengen: dat moeten parlementariërs soms ook – zie de voldongen-feiten-politiek van May in het Lagerhuis.

Moeizamer is al dat er na een referendum als dit ingeval van een patstelling moeilijk een compromis te sluiten valt – dat heet dan verraad aan de kiezer – en ook niet meer dan twee opties voorgelegd kunnen worden, terwijl er evident een handvol bestaan: van NoDeal tot bijna-blijven. Maar het grootste probleem is wel de ‘geldigheidsduur’. Dat is, wat nu in feite de Britten in gijzeling houdt. Een parlement kan namelijk veel makkelijker ingeval van gewijzigde omstandigheden of gebleken obstakels een ouder besluit herroepen. Bij een eerder referendum moet het dan echter opnieuw aan de kiezers worden voorgelegd.

Zo’n nieuw referendum heet in de ogen van de Brexiteers, die de buit binnen meenden te hebben, ondemocratisch te zijn. Waarom het ondemocratisch zou zijn om een belangrijk besluit aan de kiezer voor te leggen als dat de keer daarvoor superdemocratisch was, ontgaat mij. Nog meer democratie is minder democratie?? Wel schuilt er natuurlijk het gevaar in dat je de kiezer net zo lang opnieuw laat stemmen, tot de uitslag bevalt – iets waar de EU bij vorige referenda in Ierland en Denemarken wel eens (met succes) op heeft aangedrongen.

En dat is een cruciaal punt: hoelang blijft de uitslag van een referendum “de uitslag”? Het is duidelijk dat men niet met een beroep op die van honderd jaar terug iets kan tegenhouden – maar ook dat je niet na een week kunt zeggen: laten we het overdoen. Ergens ertussenin ligt wat redelijk is – maar waar? Daar komt men nu in Londen de facto niet uit, omdat de beide kampen belang hebben bij een wezenlijk andere geldigheidsduur.

Wat het echt hopeloos maakt is dat May voor de keuze staat of het landsbelang of het partijbelang de doorslag geven moet. Ze heeft de Brexit-problematiek steeds benaderd als een interne kwestie van de Tory’s, en aan de oppositie geen boodschap gehad. Het is twijfelachtig of zij met haar chantage-politiek jegens de harde Brexiteers succes heeft – en of, als zij het, om hen binnenboord te houden, op een NoDeal kan laten aankomen zonder de pro-Europese Tory’s te verliezen.

Ofschoon ook Labour niet helemaal vrijuit gaat, was het toch May, als eerste zou moeten bewegen: door de terechte eis dat de NoDeal als optie van tafel moet, te honoreren. Maar gaat May in op een aantal cruciale wensen van Labour – zoals blijven in de douaneunie – dan betekent dat een scheuring in haar eigen partij.

Hier wreekt zich, nog afgezien van de persoonlijke afkeer van May en Corbyn die de traditionele partijvijandschap versterkt, het met het kiesstelsel samenhangende polariserende Engelse politieke systeem wat, net als in Amerika, in twee onverzoenlijke kampen resulteert. Samenwerking in het nationaal belang, waarbij desnoods de radicale vleugels afbreken, is zo een onhaalbare kaart. Er valt veel aan te merken op ons poldermodel, maar in een geval als dit werkt dat beter.

Thomas von der Dunk, 22 januari 2019

Europese BewegingKomen de Britten er zelf nog uit? Column door Thomas von der Dunk
read more