Opinies

Poetin versterkt met zijn agressie ongewild Europa

   “Elk nadeel heeft z’n voordeel”, om een bekend voetbalfilosoof te citeren. En hoe wrang het gezien de enorme verwoestingen en vele duizenden doden ook is: dat gaat in zekere zin eveneens op voor Poetins agressieoorlog tegen Oekraïne.

   De oorlog verenigt – nog wranger – allereerst de Oekraïners zelf. Waar er voor 24 februari zeker bij de buitenwacht gerede twijfel bestond of zij wel een (apart) volk vormden, en of niet veel Russischtalige inwoners in het oosten liever bij Rusland zouden horen, is die twijfel nu wel weg. Er zullen, na de massale barbarij die Moskou het afgelopen halfjaar bedreven heeft – tot op het ‘individuele’ niveau van marteling en mishandeling van gewone burgers door Russische soldaten toe – maar weinig Oekraïners zijn, die aan de knoet van het Kremlin boven de regering in Kyiv de voorkeur zullen geven.

   Als Oekraïne niet al een natie vormde, dan is die Oekraïense natie alsnog door en in deze oorlog ontstaan. Dat is iets, wat in het verleden wel vaker is voorgekomen: dat buitenlands geweld het besef doet groeien dat men ondanks alle binnenlandse twisten meer gemeen heeft dan dat men van elkaar verschilt.

   Ook onze eigen Nederlandse Republiek is ooit dankzij een buitenlandse onderdrukker ontstaan, in dit geval de Spaanse, namelijk pas tijdens de Opstand. Het was niet zo dat op basis van een gemeenschappelijk natiebesef een al mentaal verenigd Nederland in opstand kwam, het werd pas door de opstand mentaal verenigd, waardoor ook dat gemeenschappelijke natiebesef werd gecreëerd. Tot dan toe had het provinciaalse besef van eigenheid overal hoogtij gevierd; het zou overigens ook daarna nog voor lange tijd beslist niet geheel verdwijnwen. Pas echt een natie werd Nederland in de vormende jaren van de Bataafs-Franse tijd, toen de oude confederatie der Zeven Provinciën in een eenheidsstaat werd omgezet.

   Maar het waren niet de Nederlanders zelf geweest, maar de Bourgondiërs en Habsburgers die vanaf de vroege vijftiende eeuw eerst die (uiteindelijk) zeventien gewesten tegen hun zin bij elkaar gebracht hadden – Gelderland kwam er als laatste pas in 1543 bij, precies een kwart eeuw voor het ‘officiële’ begin van de Tachtigjarige Oorlog – waarna die vervolgens, omdat Filips II met zijn religieuze rigiditeit in vrijwel alle gewesten dezelfde weerzin opriep, in de strijd tegen Spanje hun inmiddels gegroeide gemeenschappelijkheid ontdekten.

   Die onbedoeld verenigende functie van boeman van buiten die de ‘tyran’ in Madrid toen voor Nederland vervulde, vervult nu diens evenknie in Moskou, eveneens onbedoeld, voor de Europese Unie. Ook die is nu meer verenigd dan voorheen, en het besef van gemeenschappelijkheid en van lotsverbondenheid is in het aangezicht van de Russische agressie sterker dan ooit in de afgelopen dertig jaar. En datzelfde geldt voor de NAVO, waarvan het grondgebied binnen ons continent immers een sterke overlap met dat van de Europese Unie vertoont.

   Niet alleen willen steeds meer zich nu opnieuw door Moskou bedreigd voelende buurlanden van Rusland zich bij (één van) beide organisaties aansluiten, om zo onder die collectieve paraplu die individuele veiligheid garandeert te schuilen. Zie de NAVO-lidmaatschapsaanvraag van voorheen neutrale landen als Zweden en Finland; zie Moldavië en Georgië, die als ex-Sovjet-republieken (moeten) vrezen dat zij ook het slachtoffer van Poetins revanchistische landhonger kunnen worden. De recente Paneuropese top in Praag maakt duidelijk hoezeer Rusland alle anderen bijeen gedreven heeft, en zijn hoop met zijn overval op Oekraïne de Europeanen uit elkaar te spelen, in het tegendeel is verkeerd.

   Over een mogelijke volgende Exit uit de EU – Nexit, Italexit, Frexit – heeft niemand het meer. Ook de leiders van de meeste extreem-rechtse partijen in de diverse lidstaten als Wilders en Le Pen hebben dit strijdpunt stilzwijgend laten vallen; alleen Baudet, die steeds verder van het padje af is, laat zich als Poetinvereerder ook in dit opzicht voor het Russische karretje spannen.

   De nieuwe Italiaanse regeringscoalitie zou, waar het dat trekken van één Europese lijn tegenover Rusland betreft, met oude Poetinvriendjes als Salvini en Berlusconi een risico kunnen vormen, maar juist de aanstaande premier Meloni heeft in dat opzicht steeds onvoorwaardelijk stelling tegen Moskou genomen. Het gevaar dat van haar nieuwe coalitie in Rome uitgaat, betreft niet zozeer de buitenlandse politiek, als wel de rechtstaat – met een nativistische natieopvatting, ultraconservatieve socioculturele opvattingen en een xenofoob vluchtelingenbeleid.

   Wat Poetin ook teweeg heeft gebracht: de destructieve as tussen Warschau in Boedapest – tussen twee regering die stelselmatig de rechtstaat afbreken – is stuk. Waar Polen onvoorwaardelijk voor Oekraïne kiest, sympathiseert Orban nog steeds met Poetin, waarmee hij zich volledig isoleert. Mede dat heeft het in Brussel mogelijk gemaakt om nu eindelijk Hongarije hard aan te pakken, met financiële sancties – die inderdaad het effect lijken te hebben dat Hongarije eindelijk buigt. De hamvraag is, of Brussel dat – gezien Polens positieve rol in de Oekraïense kwestie – ook in het Poolse geval aandurft, en beide dossiers weet te scheiden.

   En wat tenslotte de EU ook helpt, is dat de volgens de Brexiteers zo veelbelovende Brexit toch niet helemáál het beloofde positieve effect blijkt te hebben. De soapachtige totale chaos waarin Westminster door de kamikwasi-politiek van de in no time uit zijn ambt gekukelde nieuwe Britse minister van Financiën is beland, vormt geen aanmoediging voor potentiële Exiteers elders in Europa om het ook eens te proberen. Er zullen althans best wel negatieve kwalificaties voor de inzake Rusland standvastig opererende commissievoorzitter Von der Leyen in omloop zijn, maar nog niemand heeft haar, zoals de Daily Star doet Liz Truss, vergeleken met een verwelkende krop ijsbergsla.

Thomas von der Dunk, 16 oktober 2022

Europese BewegingPoetin versterkt met zijn agressie ongewild Europa
read more

Blijft Nederland een vrijbuiterstaat binnen Europa?

   Beseft Den Haag wel dat het oorlog is? EU-commissievoorzitter Ursula von der Leyen hamert er herhaaldelijk op dat Poetins overval op Oekraïne Europa en haar lidstaten tot een fundamentele koersverandering dwingt, vooral op het gebied van energiebeleid. De Duitse bondskanselier Olaf Scholz sprak van een Zeitenwende. De Franse president Emmanuel Macron richt zich herhaaldelijk met toespraken tot de bevolking, waarin hij het belang en de gevolgen van 24 februari uitlegt. En er viel heel veel op Boris Johnson aan te merken, maar niet dat hij eromheen draaide dat de Russische agressie grote consequenties heeft.

   En Den Haag? Rutte heeft nog geen enkele keer de natie toegesproken – zoals hij zich al twaalf jaar lang bij élk probleem veilig op de achtergrond houdt. Minister Jetten van Energie is tot dusverre niet verder gekomen dan wat weinig energieke vrijblijvende aanbevelingen aangaande Uw thermostaat.

   Vergelijk dat met het stevige ingrijpen van Den Uyl tijdens de oliecrisis een halve eeuw geleden, die toch echt een stuk minder ingrijpend en gevaarlijk dan de huidige situatie was: rantsoenering van de benzine op basis van het beginsel van verdelende rechtvaardigheid, zodat niet een kleine welvarende bovenlaag schaars geworden cruciale goederen tegen een voor de rest van de bevolking onbetaalbare meerprijs voor zichzelf voor niet-urgente zaken opkopen kan.

   Waarom bijvoorbeeld niet een verbod op de verwarming van privé-zwembaden – sowieso met de stijgende waterschaarste in de toekomst een onhoudbare luxe – en dito terrassen, en nog zo wat? Waarom niet ook rantsoenering van gas? Brussel komt met ingrijpende voorstellen: een prijsplafond voor energie, afromen van woekerwinsten van energiebedrijven. De Haag ligt dwars – want de sacrosancte markt! En nieuwe belastingen? Dat kan onze fiscus, en ook de rest van het door dertig jaar neoliberale afbraak uitgeklede overheidsapparaat niet meer aan.

   Dat een oorlog een oorlogseconomie vergt, met vergaand overheidsingrijpen – eigenlijk wil deze coalitie daar nog steeds niet aan. En daardoor hobbelt zij er in Europa ook weer steeds achteraan. Waar in Londen zelfs de Tory’s, die met Thatcher zo’n beetje het marktfetisjisme hadden uitgevonden, snappen dat ook Shell zijn deel moet leveren, vindt Den Haag dat allemaal heel erg ingewikkeld. Ja, misschien dat we dat voor elkaar zouden kunnen krijgen in 2025 of zo.

   Want bij stevig ingrijpen horen stevige, en dus pijnlijk keuzes, en dat vergt moed en gezag, wat de regering volledig ontbeert, omdat zij al zolang elke pijnlijke keuze uit de weg is gegaan. Bij de eerste boerenhooivork gaat de minister van Buitenlandse Zaken met zijn partij namelijk door de knieën en keert de meerderheid van de leden van de premierspartij zich tegen de wetenschap. Ook bij het asylvraagstuk vluchten zij uit angst voor een electorale vloedgolf in de illusie dat met een magische ‘asielstop’ alles anders wordt.

   Door dit voodoo-beleid bereidt de Nederlandse regering boeren en burgers er amper op voor dat het juist de andere kant op zal gaan. De stikstofnormen zijn in Europese ogen niet te streng, maar eerder te slap. En niet langer pikt Brussel die uitzonderingen voor Nederlandse boeren bij het uitrijden van de mest. Regels zijn regels: het eeuwige getraineer wordt niet langer gepikt.

   Nederland staat er toch al niet al te best op: als een soort egoïstische vrijbuiterstaat die anderen op hoge toon over regels de les leegt maar zichzelf snel aan regels onttrekt als de naleving ervan voor de éigen achterban vervelende consequenties heeft. Denk ook aan Nederland als lucratief belastingzwendelparadijs – ‘een goed vestigingsklimaat’ heet dat dan in Haagse Newspeak – waaraan slechts schoorvoetend en onder grote druk heel traag een einde wordt gemaakt. Hoe zit het bijvoorbeeld met de jacht op het bezit van Russische oligarchen? Sinds zijn aanstelling als jachtopziener is van Stef Blok niets meer vernomen.

   Wat wel in het nieuws kwam, is dat Nederland nu weer Qatar de mogelijkheid biedt om Spanje, Polen en Indonesië van wettige belastinginkomsten te beroven – de Amsterdamse Zuidas gaat gewoon onverstoorbaar met haar praktijken door. En de verhouding met onze oosterburen dreigt belast te worden door de weigering uitzendbureaus aan te pakken die net over de Duitse grens in Emmerik en Goch voor een prikje woningen opkopen om hun uitgebuite Oosteuropese werknemers in overlastgevende krotten te kunnen huisvesten: een van de zoveelste uitwassen van onze ‘winstgevende’ flexeconomie – wij de lusten, de anderen de lasten – die terecht steeds minder door die anderen wordt gepikt.

   Maar ingrijpen in de markt, tja, dat is zo’n ding. Dat leidt maar tot vervelende lobby’s en gezeur aan het sponsordiner – voor 3000 Euro in de partijkas mag immers elke ondernemer een vorkje meeprikken met de top van de VVD. Iedere eigen kiezer koest houden en dus keuzes vooruitschuiven: dat is veel makkelijker.

   In feite zien we dat ook bij de Defensienota. Heel mooi dat er fors extra geld beschikbaar komt, maar opnieuw: geen keuzes, geen prioriteiten op basis van enige diepere analyse. Elk krijgsmachtonderdeel krijgt weer wat, zodat niemand dwars gaat liggen. De interne rust binnen de organisatie is als vanouds belangrijker dan de externe effectiviteit – dat leidde indertijd al tot de uitzending van Tom Karremans naar Srebrenica: niet omdat hij daarvoor het meest geschikt was, maar omdat hij aan de beurt was, en hem passeren maar tot scheve gezichten leiden zou.

   Waardoor komt het dat Den Haag weer zo’n weinig doortastende indruk maakt? We kunnen dan niet voorbijgaan aan de premier, die stelselmatig van zijn afkeer van ‘visie’ kond heeft gedaan. Want wie geen visie heeft, weet niet waar hij heen  wil en wat daarvoor belangrijk is. Die kan geen prioriteiten stellen en tracht vooral door iedereen aardig gevonden te worden. Totdat dat echt niet langer gaat.

Thomas von deer Dunk, 15 september 2022

Europese BewegingBlijft Nederland een vrijbuiterstaat binnen Europa?
read more

Houdt de Europese energie-solidariteit straks stand?

Wie heeft nu wie in de greep, als het om de Europese energievoorziening gaat? Rusland Europa, doordat Poetin Europa naar believen van het gas kan afkoppelen, en Europa zo met de dreiging van een koude winter chanteren kan? Of juist Europa Rusland, omdat Poetin voor zijn vernietigingsoorlog tegen Oekraïne – bij voorlopig gebrek aan andere afnemers als volwaardig alternatief – niet zonder de Europese gasinkomsten kan?

   Duidelijk is dat het Kremlin met de gaskraan speelt. Eerst kleine landjes pesten door die – niet zonder ogenschijnlijke willekeur in de keuze van het slachtoffer – stuk voor stuk van het Russische gasnet af te koppelen om zo te proberen heel Europa een zenuwinzinking te bezorgen – wie is het volgende slachtoffer? – en daarmee de Europese eenheid onder druk te zetten. Want als Poetin iets haat en vreest, is het een verenigd Europees front tegenover zich.

   Het Hongarije van Orban, zelf sowieso al meer van buiten-Europese autocraten dan van Europese democraten gecharmeerd, heeft Poetin al met bijzondere gunsten en afzonderlijke regelingen in zijn netten gevangen. Het is daarmee tot een permanente stoorzender voor Brussel uitgegroeid.

   De vraag is ook wat de Italiaanse verkiezingen deze hete (of eerder koude?) herfst na de val van het kabinet van Draghi zullen brengen, gezien Salvini’s eerdere banden met het gangsterregime in Moskou. Italië is in grote conflicten wel vaker een wat wankelmoedige bondgenoot geweest, dat moesten de Duitsers zowel in 1915 als in 1943 ook al eens tot hun grote schade ontdekken.

   Of moeten we hoop putten uit het feit dat de volgens de peilingen gedoodverfde winnaar, Giorgia Meloni van de ultrarechtse Fratelli d’Italia, juist de Russische overval op Oekraïne scherp veroordeeld heeft, anders dan haar rechts-extremistische kompanen elders in Europa als Thierry Baudet, die in deze donkere dagen een feestje rond de Russische ambassadeur meende te moeten gaan bouwen?

   Een aantal Middeneuropese landen is nu in een ijltempo begonnen de eigen gasafhankelijkheid van Rusland te verminderen, om uiteindelijk straks zélf de gaskraan te kunnen dichtdraaien, en daarmee Rusland voor te zijn. Het oogt immers altijd souvereiner als je zelf de stekker er uit trekt, in plaats van dat je belager dat doet.

   Zolang dat niet gebeurd is, kan Poetin met de gastoevoer spelen, wat hij niet nalaat. Vermoedelijk gooit hij bewust de kraan niet in één keer dicht, niet alleen vanwege de dan gederfde inkomsten, maar ook omdat hij dan een economisch wapen kwijt is. Chanteren kan immers alleen als je daartoe ook nog over geëigende middelen beschikt. Heb je die eenmaal uit handen gegeven door die volledig in te zetten om een verpletterende indruk te maken, dan heb je niets meer in handen voor een volgende keer, als die inzet toch niet dat effect heeft gehad.

   De snelle afkoppeling van het Russische gas stelt de afnemers in elk geval voor de noodzaak om nu intern keuzes te maken en prioriteiten te stellen, gezien de daardoor nog verder uit de pan rijzende energieprijzen. Wat gaat vóór? En dus: wie of wat zal het het eerste zonder gas moeten stellen? In Berlijn heeft de regering dat al begrepen, in Madrid – ofschoon juist níet van de Russen afhankelijk – ook: zie de verplichting om nu bij 40 graden de airco lager te zetten.

   Maar heeft Den Haag wel óók de urgentie door? Van minister Rob Jetten horen we vooral sussende woorden – het loopt zo’n vaart allemaal niet – zoals we dat van collega Ernst Kuipers maandenlang inzake corona hoorden. Sussende woorden, gepaard aan wegkijken, zijn zeker onder Rutte een Haagse specialiteit geworden, waardoor het kabinet nu overal hardhandig tegen de wand knalt: inzake het klimaat, de boeren, de woningnood, de vluchtelingen, het vliegverkeer en nog zowat. Waarbij de verantwoordelijke bewindslieden bij het vinden van een oplossing vooral elkaar in de weg zitten, want een makkelijker oplossing van het ene probleem maakt die voor een ander probleem juist moeilijker.

   Met een gasafhankelijkheid van 15% loopt Nederland natuurlijk minder risico’s dan Duitsland, maar met vrijblijvende oproepen tot energiebesparing komen ook wij er niet. Als de voorspelling uitkomt dat de maandlasten met wel 500 Euro kunnen stijgen, komen miljoenen burgers in het nauw. Dat vergt een gerichte politiek van herverdeling van de schaarste, om door wettelijk afgedwongen vermindering van de vraag de prijzen in de hand te helpen houden.

   Dat iedereen kan koken is belangrijker dan dat sommigen ook ’s winters aardbeien kunnen eten. En men zal aan luxepaardjes moeten durven komen, als terrasverwarming en verwarmde privé-zwembaden. Als dat niet gebeurt, en een rijke bovenlaag zich de jacuzzi kan blijven veroorloven, terwijl anderen verkleumen, krijgen we een volksopstand waarbij die boerenrellen verbleken.

   En kan Den Haag wel zijn beloftes aan Groningen gestand blijven doen? Ook als in Duitsland de gasnood stijgt? En hoe solidair zijn dan de landen die zelf nauwelijks van Russisch gas afhankelijk zijn, zoals Spanje? In het zuiden zit de wrevel over de noordelijke bezuinigingsdictaten – omdat men boven zijn stand geleefd zou hebben – bij de oplossing van de eurocrisis tien jaar terug nog diep. “Anders dan in andere landen hebben de Spanjaarden op het gebied van energie niet boven hun stand geleefd”, zo sloeg de Spaanse milieuminister Teresa Ribera naar aanleiding van Duitse oproepen tot energiesolidariteit fijntjes terug.

   Nederland mag zich gelukkig prijzen dat het het vermoedelijk wel net in z’n eentje redt, want met Wopke Hoekstra op Buitenlandse zaken is men, gezien diens betweterige arrogantie tegenover Italië in de coronacrisis twee jaar terug, in het zuiden anders vast ook niet tot grote coulantie tegenover Den Haag geneigd.

Thomas von der Dunk, 4 augustus 2022

Europese BewegingHoudt de Europese energie-solidariteit straks stand?
read more

Door Oekraine wordt EU definitief geopolitiek

Tot 1989 was de wereld vanuit Haags perspectief decennialang zeer overzichtelijk. De drie belangrijkste internationale organisaties waarvan Nederland lid was, vervulden daarbij ieder een andere taak. Voor de veiligheid was er de NAVO. Voor de handel was er de EEG. En voor mooie verheven dingen als mensenrechten en ontwikkelingshulp was er de VN. Die heldere driedeling was alleen daarom al handig, omdat de VN veruit de meest machteloze van de drie organisaties was, zodat die verheven dingen het handel drijven of de veiligheidsbelangen niet teveel in de weg zouden staan.

   Ook toen de EEG na de Val van de Muur tot EU transformeerde, en daarmee van een economische gemeenschap tot een politieke unie, bleef men op het Binnenhof de facto aan dit overzichtelijke wereldbeeld vasthouden. ‘Politiek’, en zeker geopolitiek was wat Den Haag betrof in Brussel uit den boze. Zelden is het zo plomp verwoord als door Uri Rosenthal in de kortstondige periode dat hij minister van Buitenlandse Zaken – we zijn vooral EU-lid omdat het goed is voor onze afzetmarkt – maar de insteek werd vrij breed gedeeld. Het verklaart mede waarom ook Rutte nog zeer lang bleef volhouden dat de aanleg van Nordstream puur een technisch-economische kwestie was.

   In de praktijk lag het natuurlijk al met de EEG wat ingewikkelder. Stond voor Nederland, van een handvol Europese idealisten afgezien, bij de toetreding het economisch profijt voorop, voor Frankrijk en Duitsland prevaleerde en prevaleert het politieke aspect van de Europese eenwording.

   Parijs en Berlijn zien de EU niet allereerst als een economisch, maar als een politiek project. Ja, een politiek project met gebruik van economische middelen, maar dat is iets wezenlijks anders – en een verschil dat Nederland, puur door het economisch-financiële aspect gebiologeerd, stelselmatig onderschat. Het verklaart menige aanvaring met de Fransen, die bij uitstek geopolitiek denken, en de EU ook graag – voor Nederland traditioneel een nefaste gedachte – tegenover de NAVO plaatsen, om de Europese onafhankelijkheid van Amerika te bevorderen.

   Die nadruk op het geopolitieke verklaart ook een soepeler omgang met economische regeltjes en financiële afspraken als die dat geopolitieke belang in de weg blijken te staan. En de Haagse blindheid daarvoor leidt er regelmatig toe dat Nederland plots alleen dreigt te komen te staan, omdat Berlijn uiteindelijk, net als Parijs, andere zaken de doorslag laat geven. Dat gold voor de begrotingsregels als daardoor een scheuring tussen Noord en Zuid dreigt, en het geldt voor uitbreiding van de EU in oostelijke richting, waar de Nederlandse regering inzake een mogelijk lidmaatschap van Oekraïne tot een plotselinge volte face gedwongen is ten einde niet in een isolement te belanden, omdat men niet tijdig aan wilde zien komen dat ook bij Duitsland het geopolitieke belang de doorslag zou geven.

   Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen. En dat is de Russische agressie met alle middelen wordt gestopt, omdat Poetin zich ook door een halve zege gesterkt zal voelen en dan over een paar jaar opnieuw de aanval zal inzetten. Laat men geen illusies koesteren: het Kremlin verstaat alleen de taal van de macht, en de huidige dictator zal, als niemand hem tegenhoudt, gezien zijn imperialistische visioenen waarbij hij zichzelf als een nieuwe Peter de Grote beschouwt en Stalin als inspirerende voorganger ziet, niet rusten tot zijn leger weer aan de Oder staat.

   Voldoet Oekraïne aan de regels voor het EU-lidmaatschap? Nee, bij lange na niet, en dat is terecht de afgelopen maand al vele malen benadrukt, ter geruststelling van de regelfetisjisten. En laat ik er meteen – en daar wordt vervolgens wèl meestal omheen gedraaid – aan toevoegen: het zal daaraan ook niet al over tien jaar voldoen. Dat mooie beloftes en voornemens in dat opzicht niet voldoende zijn, bewijst de bijzonder trage voortgang op de Westelijke Balkan, alsmede de regressie in Bulgarije, Roemenië en Hongarije na hun toetreding.

   Als we er vanuit moeten gaan – en dat lijkt mij verstandig – dat de kans groot is dat ook over twintig, dertig jaar Oekraïne niet aan de huidige regels voldoet, en we tegelijk dit land ook niet zo lang in het vagevuur kunnen houden omdat dat dat Poetin en trawanten alle gelegenheid geeft om het land (en daarmee ook Europa) verder te destabiliseren, dan moet Brussel daarop anticiperen. En wel reeds nu.

   Het dilemma in de kern geformuleerd is dit. Ofwel de EU houdt aan haar regels vast, en dan blijft niet alleen de Oekraïne, maar ook de westelijke Balkan nog zeer lang buiten staan, met alle risico’s dat de Russen – of de Chinezen! – er economisch en/of politiek greep op krijgen: uiteindelijk een groot veiligheidsrisico voor Europa zelf. Ofwel de EU gaat een andere koers varen, waardoor vanwege het geopolitieke belang ervan lidmaatschap van deze landen toch veel eerder mogelijk wordt, ook als ze nog niet aan de regels voldoen.

   Het voornaamste obstakel daarvoor is uiteraard dat zo’n wegens disfunctionerende rechtstaat en notoire corruptie ‘voortijdig’ lidmaatschap de EU intern zou ontwrichten. Dus moet er over een andere oplossing worden nagedacht, en niet toevallig is het in Parijs, dat dat al als eerste is gebeurd: het plan van Macron voor een soort ‘provisorisch’ politiek bondgenootschap met de kandidaatleden in een schil rond de EU, waarbij de EU de facto bescherming biedt, zonder dat die landen al op gelijke basis binnen de EU participeren..

   Laat het woord ‘tijdelijk’ daarbij maar eerlijkheidshalve achterwege – dat suggereert teveel dat het maar om een handvol jaren gaat. En laten we andermaal eerlijk zijn: er ontstaat zo natuurlijk een Unie met A- en B-leden. Zonder dat iemand dat nu zo durft te benoemen, is dat de onvermijdelijke consequentie. En tevens de enige oplossing om zowel de EU te vergroten als te behouden.

Thomas von der Dunk, 13 juli 2022 

Europese BewegingDoor Oekraine wordt EU definitief geopolitiek
read more

Wandel durch Handel

   Tot de belangrijke geopolitieke gevolgen van Poetins roofoverval op Oekraïne behoort de enorme draai die de grootste lidstaat van de Europese Unie, Duitsland, heeft moeten maken – zowel economisch als militair. Wat tot 24 februari ondenkbaar was, is inmiddels al gebeurd: Duitse wapenleveranties in een Europese oorlog. Wat daarmee feitelijk ten einde komt, is meer dan een halve eeuw Ostpolitik. Voor andere Europese landen behoort wantrouwen jegens Rusland tot hun tweede natuur. Dat geldt uiteraard allereerst voor Polen, dat vanaf de Poolse Delingen altijd vrezen moest tussen twee machtige buren gemangeld te worden.

   Maar het geldt ook voor Groot-Brittannië, dat al sinds tenminste twee eeuwen Rusland als een gevaarlijke rivaal beschouwt; ook de huidige spanningen tussen Moskou en Londen bestonden al veel langer, en Boris Johnson hervindt nu een klassieke Britse rol van Churchilliaanse onverzoenlijkheid. En in het verlengde van Londen is dat – na het vierjarige interval van Trump – tevens in Washington het geval. Voor Rome en Madrid, veel meer op het zuiden dan op het oosten gericht, vormt Rusland historisch amper een thema, en in Parijs poogt Macron, passend bij de oude Franse neiging om á la De Gaulle een soort middenpositie in te nemen, zich als bemiddelaar op te werpen, tot dusverre zonder veel resultaat.

   De langzame, late en nog steeds halfslachtige draai van Berlijn, waar men lang – en dat geldt niet alleen voor Gerhard Schröder die zijn ziel aan het Kremlin heeft verkocht – voor het despotische en agressieve karakter van het Poetinregime de ogen had gesloten, valt niet los te zien van de economische verstrengeling tussen Duitsland en Rusland gedurende de afgelopen decennia, waarbij Schröders politiek de facto onder Merkel is voortgezet. Zeer lang is men daarom in Berlijn het geopolitieke karakter van Nordstream blijven ontkennen.

   Overigens heeft Nederland weinig recht om dienaangaande met verwijten te komen: diezelfde neiging tot ontkenning van het onvermijdelijk geopolitieke karakter van economische relaties is in Den Haag diepgeworteld. Ook daar staat nu bij het nemen van sancties het eigen economisch belang en de angst voor protesten van machtige lobby’s indien hun belangen onder zulke sancties lijden, hoog genoteerd. Denk aan de lamlendige aanpak van het Russische oligarchengeld op de Zuidas. En in feite gold dat tot voor kort ook voor de antipolitieke Nederlandse kijk op Nordstream, die niet erg van de Duitse verschilde.

   En net als Duitsland was ook Nederland de decennialang nalatig in het op peil houden van de krijgsmacht, zich wentelend in het gelukzalige idee dat met de Val van De Muur het einde van de geschiedenis aangebroken en een periode van eeuwigdurende vrede begonnen was. De rancune van Poetin is stelselmatig onderschat, waarschuwingen over zijn revanchisme werden weggewuifd. De kansen die de Russische markt voor de eigen handel beloofde, stonden voorop.

   Vooral in Duitsland was het Nie wieder Krieg al na 1945 tot een breed gedeeld grondbeginsel geworden, dat na 1989 moeiteloos kon worden voortgezet. Tot 1989 wist men zich in Duitsland, waar het NAVO-oproepen tot meer militaire verantwoordelijkheid betrof, achter twee argumenten te verschuilen: Duitsers schieten niet op Duitsers, en: hebben jullie in het verleden niet al genoeg Duitse soldaten in Europa gezien? Dat laatste deed het ook ná 1989 nog heel lang goed.

   Was, gezien Ruslands huidige onverhulde agressie, daarmee de hele Duitse Ruslandpolitiek, mede gebaseerd op het uitgangspunt Wandel durch Handel, a priori fout? Dat gaat veel te ver. In de eerste decennia vanaf Willy Brandt kan zij, ook met de kennis van nu, als succesvol worden beschouwd. Tot de Val van de Muur – die slechts door zeer weinigen werd voorzien – bood zij binnen de vanwege de kernwapens als onwrikbaar beschouwde machtsblokken mogelijkheden tot ontspanning, ook op puur menselijk vlak. Het afnemende wantrouwen tussen Oost en West maakte uiteindelijk onder Gorbatsjov een doorbraak mogelijk, uitlopend op de terugkeer naar Europa van de westelijke Sovjet-satellieten, die zonder dat moeilijk denkbaar was geweest. De groeiende economische interdependentie na 1989 hield wel degelijk zinnige beloftes op vreedzame coëxistentie in.

   Maar er zijn nadien door Europa twee grote fouten gemaakt, nog los van de verwaarlozing van de eigen defensie voor geval van nood. Dat is enerzijds dat Europa, samen met de eigen neoliberale afbraak van de staat en vermarkting van cruciale algemene nutsvoorzieningen op energiegebied, zich vervolgens veel te afhankelijk heeft gemaakt van Russische fossiele grondstoffen. Economisch goedkoop is politiek duurkoop gebleken: de enorme Duitse en Italiaanse gasimport uit Rusland verhindert nu een snelle omschakeling die de permanente aanvulling van Poetins oorlogskas lamlegt. Waarbij kennelijk de staat niet in staat is om bij de grote energiebedrijven in eigen land naleving van de sancties af te dwingen.

   En de tweede fout, is dat men deze conciliante politiek veel te lang heeft volgehouden, ook toen, vooral in het tweede decennium van deze eeuw, duidelijk werd dat het met Rusland volledig de foute kant opging. Dat Poetins politieke koers een wezenlijk andere is dan die van Jeltsin, en zeker die van Gorbatsjov, heeft men te lang niet willen zien, omdat het voortzetten van de handel, op basis van dat niet-willen-zien, te profijtelijk was.

   Daarmee is niet met terugwerkende kracht de hele Duitse verzoeningspolitik vanaf de jaren ’70 gediskwalificeerd. Wie dat doet, omdat op Gorbatsjov Poetin is gevolgd, diskwalificeert daarmee ook de westerse verzoeningspolitiek jegens Duitsland ná 1919, omdat op Ebert en Stresemann na 1933 Hitler is gevolgd. Alleen: zoals men indertijd tegen beter weten in te lang bleef hopen dat Hitler voor fatsoen en rede vatbaar zou zijn, zo heeft men dat ook te lang bij Poetin gedaan.

Thomas von der Dunk, 30 mei 2022

Europese BewegingWandel durch Handel
read more

Pyrrhuszege Macron is waarschuwing voor de hele EU

Uiteindelijk viel het verschil nog meer in het voordeel van Macron uit dan voorspeld, omdat uiteindelijk toch meer kiezers met dichtgeknepen neus voor het minste kwaad gekozen hadden. Zo, en niet anders moet zijn verkiezingszege worden verklaard. Als massale steun voor Macrons beleid mag de uitslag zeker niet worden geïnterpreteerd. Veel burgers vonden het alternatief alleen nog erger.

   Die beschouwen zich niet geheel zonder reden in sociaal-economisch opzicht als het slachtoffer daarvan. Zij hebben ditmaal nog de Franse Republiek gered door hun persoonlijk belang daaraan op te offeren. Ook Europa is daarmee voorlopig gered – maar óók niet meer dan voorlopig. En Macrons zege zal een Pyrrhusoverwinning blijken, als niet eindelijk – eindelijk – in heel Europa de lessen uit de opkomst van het rechtsradicale populisme worden getrokken.

   In heel Europa – ook in Nederland. Want dat staat er electoraal niet echt veel florissanter voor. Overal in Europa voelen steeds meer kiezers zich door de staat in de steek gelaten, en vertrouwen die de overheid niet meer, omdat die hun belangen negeert, maar tegelijk wel als gewillige dienstbode voor een elite functioneert, zodra díe tegen iets haar onwelgevalligs protesteert.

   Wat de door haar afgedwongen afschaffing van de vermogensbelasting – ‘anders vertrekken de rijken’ – door Macron in Frankrijk was, was Ruttes door Shell en Unilever ingestoken poging tot afschaffing van de dividendbelasting – ‘anders vertrekken we de bedrijven’ – bij ons. Tegenover multinationals en multimiljonairs, die jarenlang onder het motto van een goed vestigingsklimaat met fiscale rulings werden bediend, staan de toeslagenouders die jarenlang door de fiscus werden achtervolgd. En anders dan de CEO’s van Shell en Unilever beschikken die niet over het telefoonnummer van het Torentje.

   Onze Gele Hesjes: dat zijn de flitsbezorgers met hun flexbaantjes, of het grondpersoneel op Schiphol, dat tegen een hongerloontje lichamelijk slopende slavenarbeid verricht, opdat onze nationale luchthaven, nationale trots, nationale banenmotor – vult U de propagandaprietpraat op de spreadsheets van de duurbetaalde consultants daar boven in de directietorens maar in – voor een prikkie met bulkvervoer andere vliegvelden de loef afsteken kan. Het onzekere bestaan van velen garandeert de megawinst voor enkelen. Voor soortgelijke wantoestanden bij PostNL is in België de verantwoordelijke bedrijfstop, die zich bij ons dan achter een systeem van onderaannemerschap verschuilt, de bak ingedraaid. Er zijn momenten, waarop we aan onze zuiderburen een voorbeeld zouden kunnen nemen.

   De oorlog in Oekraïne versterkt die sociale kloof nog verder. Daardoor dreigt nu voor miljoenen mensen basale energie onbetaalbaar te worden, terwijl anderen van die groeiende schaarste profiteren – vaak opnieuw met een beroep op ‘Europa’ en de daarmee onlosmakelijk verbonden ‘vrije markt’.

   Tegelijk gaat bovenaan het onbeschaamde gegraai door. Neem Philips. Goed of slecht resultaat, problemen met apparatuur of niet: de bonus blijkt een basisrecht, en Frans van Houten ziet, vanwege zijn eigen genialiteit, geen reden om daarvan af te zien. Want elders lachen zijn soortgenoten nu al om zijn hongerloon.

   Als iets de totale vervreemding van een zelfzuchtige bovenlaag belichaamt, dan deze habitus, waarin zij moreel in niets van de Russische kleptocratie verschilt – het enige verschil is, dat dit door neoliberale wetgeving juridisch is afgedekt. Niets is in heel Europa fataler voor het vertrouwen in de democratie van degenen die het – ook met zichzelf – minder hebben getroffen dan het laten voortetteren van zulke wantoestanden, en de politieke onwil om daaraan paal en perk stellen.

   Zonder onderbezoldiging van het grondpersoneel gaat het niet, zo mocht een of andere expert – die zelf vast voor zijn eigen bureaustoelwerk nog niet met een tienvoudig uurloon genoegen zou nemen – laatst weer eens onder verwijzing naar de vrije markt in het journaal uitleggen. Dat is de kern van het veelgeroemde profijtelijke businessmodel, dat Schiphol Mainport mogelijk maakt. Bij zo’n redenering is dan ook door veel Haagse politici, wier kernelectoraat uit veel van zulke bureaustoelexperts bestaat, jarenlang instemmend geknikt.

   Wel, als het bestaande businessmodel fatsoenlijke bezoldiging verhindert, dan is de oplossing simpel: dan moet het businessmodel worden aangepast. Ook de slavernij vormde eeuwenlang een heel lucratief businessmodel, dat plantage-CEO’s een mooie bonus opleverde. En ook toen waren hunnerzijds de bezwaren tegen beëindiging van hun businessmodel niet van de lucht. En ook toen hadden die betere lijntjes met de machthebbers. Bij de afschaffing van de slavernij in 1863 werden de slavenhouders ruimschoots gecompenseerd. De slaven kregen niets.

   Wat de grondwerkers op Schiphol terecht eisen, is meer baanzekerheid en fatsoenlijke salariëring. Precies hetzelfde wat die vele Franse kiezers wilden die in de eerste ronde op Mélenchon stemden, en in de tweede met tegenzin Macron – die verwachten daarvoor nu terecht iets terug. En dat is niet een voortzetting van de fêtering van een verwende rijke bovenlaag. Hetzelfde speelt in veel andere landen. Ook daar wordt vaak naar de Europese vrije markt verwezen, die die schrijnende ongelijkheid ‘nu eenmaal’ met zich meebrengt. Als de Europese politiek nu niet eindelijk bij zulke uitwassen drastisch durft in te grijpen, dan zal zich dit ook tegen Europa keren, en zit Marine le Pen in 2027 in het Elysée.

   Bij één Nederlandse partij is het kwartje duidelijk nog steeds niet gevallen – en zal het dus ook wel nooit vallen. Op tv kwam VVD-woordvoerder Daniel Koerhuis jammeren over die arme ouders met hun nog armere kindertjes in de wachtrij. Over de uitgebuite grondwerkers, die zowel die goedkope vliegtripjes als de megasalarissen van de top mogelijk maken, geen woord. Ik herhaal: geen woord.

Thomas von der Dunk, 12 mei 2022 

Europese BewegingPyrrhuszege Macron is waarschuwing voor de hele EU
read more

Regimechange in Moskou is een legitiem doel

Het kwam, door de terloopse wijze waarop het gebracht werd, een beetje over als een verzuchting en een verspreking: Bidens opmerking dat er na de door hem begonnen vernietigingsoorlog in Oekraïne voor Poetin op deze wereld geen plaats meer is. Bovendien krabbelde, nadat Moskou woedend gereageerd had dat de Russen daar zelf over gingen, de Amerikaanse president weer een beetje terug.

   Maar was het een vergissing, een verspreking – of is het inderdaad wat hij wilde zeggen, waarop hij uit is? En als dat zo is, zou dat dan inderdaad verkeerd zijn omdat dat de kwestie nog moeilijker oplosbaar zou maken, zoals allerlei commentatoren haastig verklaarden? De aard en toon van hun commentaren suggereerde alsof werken aan regime-change buiten hun denkkader valt.

   Out of the box-denken is momenteel een zeer populaire kreet, waarmee ook in Nederland in menige managercursus gretig wordt geschermd, maar waaraan zich in de praktijk vervolgens maar weinigen daadwerkelijk durven wagen. Je kon de kramp op de gezichten van de door Bidens uitspraak gepijnigde experts bespeuren. In een oorlogssituatie iets doen wat niet helemaal volgens de internationale juridische handboekjes is, omdat je je in de interne bedrijfsvoering van souvereine staten mengt – oef! Alleen al de gedachte leidt kennelijk tot samengeknepen billen.

   Een eeuw geleden had men daar tijdens de Eerste Wereldoorlog minder moeite mee. Men stookte lustig in binnenlandse brandhaarden van de vijand en zo een binnenlands vuurtje op. De Entente binnen de Habsburgse veelvolkerenstaat en het Ottomaanse Rijk, de Centralen in Franse en Britse koloniën, waaronder Ierland, waar de Duitsers de Ierse Paasopstand hebben aangemoedigd, terwijl ze later ook Lenin naar Rusland hebben gestuurd om dat in revolutionair vuur en vlam te zetten. Poetin zelf was er ook niet zo vies van, de laatste jaren: met de Ossetiërs in Georgië, met de Russische separatisten in de Donbass. 

   Alle reden dus om niet principieel van hetzelfde af te zien. Met koorknapenschuwheid komt men in zulke situaties niet ver. En dat kan zich natuurlijk eveneens uitstrekken tot Moskou zelf. Want dat ‘alleen de Russen zelf over Poetin gaan’, daar valt wel een kanttekening bij te plaatsen. Daar gaan ‘de Russen’ zelf helemaal niet meer over. Die gaan namelijk helemaal nergens meer over. Rusland is inmiddels een totalitaire dictatuur, en met het tyrannieke karakter ervan heeft het Poetinregime bovendien elk moreel bestaansrecht verloren. Tyrannenmoord is al sinds de oude Grieken volstrekt legitiem.

   De hoofdcommentator van de NRC was een van de weinigen die het al expliciet stelde: voor Poetin is er na alles wat hij reeds nu heeft aangericht binnen Europa niet langer plaats. Concreter was het niet gemaakt, maar de logische consequentie is, dat hij van het toneel verdwijnen moet – en dus, dat het Westen niet moet schromen om naar middelen te zoeken waarmee het daaraan bijdragen kan.

   De cruciale vraag is niet, of dat legitiem is, maar of dat zinvol is. Het antwoord hangt samen met de aard van Poetins regime, en de vraag in hoeverre de Russische agressie sterk op zijn persoonlijk conto komt, of er met Poetin (nu nog) wel een duurzame overeenkomst te sluiten valt, of dat hij hierna gewoon zo verder gaat.

   Mijn inschatting is, dat zowel dat tweede als dat laatste het geval is. We zijn in hoge mate getuige van de uitbarsting van een enorme persoonlijke wrok die Poetin de afgelopen jaren jegens het Westen heeft opgebouwd. Een democratischer en westerser Oekraïne vormt daarbij een bedreiging voor zijn eigen bewind, dat juist steeds dictatorialer wordt: het doet de Russische bevolking een voor haar geloofwaardig alternatief aan de hand, juist omdat Oekraïne door de Russen als verwant wordt beschouwd. Dat verklaart niet alleen veel van de verbetenheid van Poetin jegens Zelenski, maar ook de steun aan Loekasjenko toen in Belarus hetzelfde dreigde.

   De imperiale Groot-Russische grootheidswaan van Poetin wordt zeker door een belangrijk deel van zijn entourage gedeeld. Maar dat wil niet zeggen dat die entourage nu zelf ook zover zou zijn gegaan als Poetin. Dat vergt een vorm van brutaliteit, bluf en bereidheid tot va banque-spelen die niet elke Kremlinautocraat gegeven is. Wat dat betreft is het als met Hitler: ook diens ideeën werden breder gedeeld. Maar met iemand anders dan Hitler is het de vraag of Duitsland de militaire risico’s had genomen die het heeft genomen – en uiteindelijk de eigen ondergang inluidden. Veel generaals vonden het veel te gewaagd. Zeker: zo lang het goed ging, hadden zij weinig in handen om zich tegen de Führer te keren. Zo ook nu. Zodra de balans echter omslaat en een catastrofe dreigt, wordt dat anders. Het is vrij aannemelijk dat voor Poetin-Rusland hetzelfde geldt als voor Hitler-Duitsland: zonder de opperdictator schrikt men voor steeds verdere escalatie terug.

   Tenslotte inderdaad het einddoel. Poetin wil niet bij de Donbass, of zelfs maar Kyiv stoppen – hij wil in feite heel Oost-Europa tot aan de Oder terug. Dat betekent, net als indertijd bij Hitler, dat een compromis vandaag – waarbij men omwille van de lieve vrede Poetin een stuk Oekraïne geeft – slechts uitstel van executie betekent.

   Een nieuw München, waarbij Poetin dit slechts misbruikt om straks een volgende stap te kunnen nemen. Een stap die niet iedereen in zijn omgeving aandurft. Om die reden moet het Westen trachten het bewind te splijten, door duidelijk te masken dat een Rusland mèt Poetin nooit in de beschaafde wereld terug kan keren, en een zonder ooit mogelijk wel. Dan kan er een moment komen, waarop sommigen rondom Poetin de schade voor Rusland te groot vinden worden, en dan is een scheut polonium in de juiste thee niet ver. En ginds hebben ze een afdoende rijke traditie aan paleiscoups om uit eerdere ervaringen te kunnen putten.

Thomas von der Dunk, 14 april 2022

Europese BewegingRegimechange in Moskou is een legitiem doel
read more

Zijn de eerste barsten in de poetincratie zichtbaar?

   Poetin is gaandeweg zijn imperiale oorlog aan het verliezen – en dat weet hij. Het is op dit vroege moment ongetwijfeld nog gewaagd dat te beweren, en militaire deskundigen waarschuwen voor voorbarig optimisme, omdat Moskou nog onnoemelijk veel materiële en personele reserves achter de hand heeft, maar de voortekenen wijzen toch wel in die richting. Als menig dictator lijkt ook Poetin hier het slachtoffer van zijn eigen leugens te worden, omdat niemand in zijn omgeving het aangedurfd heeft zijn rooskleurige verwachtingen te ontkrachten.

   Dat het Poetin nog lukt om Kyiv zonder zeer grof geweld op de knieën te krijgen, wordt met de dag twijfelachtiger. Het verrassingseffect van de erste dagen is weg, de tijd werkt in dat opzicht nu tegen hem. Niet alleen het hardnekkige Oekraïense militaire verzet, dat mede dankzij de in steeds groter getale geleverde westerse wapens steeds succesvoller blijkt in de uitschakeling van Russische tanks, wijst in die richting: de opmars stageert. Iets wat Poetin duidelijk heeft onderschat, evenals de eensgezinde politieke frontvorming – de Duitsers kennen daarvoor het onvertaalbare woord Schulterschluss – en de genadeloze financiële en economische sancties die nu al Rusland beginnen te ontwrichten.

   Bovenal de recente rede van Poetin wijst daarop, waarin zondebokken worden aangewezen en zuiveringen worden aangekondigd. De eerste functionarissen zijn al van hun post ontheven, en deels onder huisarrest geplaatst; wat straks ongetwijfeld op de rol staat, is een stalinistisch schijnproces. Iets waarin Rusland onder Poetin dit decennium in steeds heftiger mate naar teruggrijpt – van de nepdemocratie die het twintig jaar geleden was en de autocratie van tien jaar terug verandert het nu weer steeds meer in een totalitaire dictatuur, waarbij elke potentïele oppositie met draconische maatregelen de kop in moet worden gedrukt. Niet toevallig wordt (de Georgiër) Stalin inmiddels door het Kremlin zo’n beetje als de ‘grootste Rus’ aller tijden gevierd.

   Maar het meest veelzeggend was Poetins uitval naar de oligarchen, zijn oude bondgenoten, die ooit de Russische staat hebben leeggeroofd, en sindsdien dankzij megabankrekeningen op de Amsterdamse Zuidas in megapaleizen in Londen en megajachten aan de Côte d’Azur hun miljardairsbestaan vieren. Het koude Rusland is slechts hun melkkoe geweest, hun leven speelt zich grotendeels af in het warme Westen, hun kinderen studeren er, etcetera – ook in Nederland.

   Het zal U misschien verbazen, maar ik kan bij wat Poetin in zijn inmiddels beruchte rede over hén te berde bracht, niet anders dan instemmend knikken. Hij schetste een beeld van verwende rijke Russen die verslaafd zijn aan “foie gras” en “oesters”, die niet langer loyaal zijn aan het Russische volk – gewoon nooit geweest, zou ik zeggen, evenmin als de heer V.P. – maar aansluiting zoeken bij een zelfzuchtige internationale beau monde.

   Zeg maar de wereld van de topvoetballers van Chelsea, zo kan men daaraan toevoegen, die dankzij zo’n oligarch hetzelfde jetsetgedrag kunnen vertonen. Of van onze ‘eigen’ Max Verstappen, die ook in het fiscale roversnest Monaco zijn officiële optrekje heeft en net als de Abramovs graag in een privéjet rondvliegt.

   “Zulke mensen zouden hun eigen moeder nog verkopen”, aldus Poetin – en ook daartegen valt weinig in te brengen. Medelijden met deze oligarchen die nu plots tussen twee vuren komen te zitten – in Europa eindelijk als Poetinbendelid uitgekotst, in Rusland daarentegen als decadente collaborateur van het Westen weggezet – is niet op z’n plaats, en men kan juist handig gebruik maken van de uiterst ongemakkelijke situatie, waarin deze lui zich nu bevinden. Nog even, en ze mogen immers niet meer kiezen tussen foie gras en oesters, maar tussen een Europese cel wegens belastingzwendel of een Russisch strafkamp wegens Poetinverraad.

   Het is een van de breuklijnen die nu binnen het Russische gangsterregime zichtbaar wordt: dat de oligarchen, die zolang van het Kremlin hebben geprofiteerd, door het Kremlin tot staatsvijand zijn verklaard. Dat biedt voor het Westen perspectieven, waarvan het niet moet schromen gebruik te maken. Tegen een oorlogs- en vernielzuchtige dictator kom je er nu eenmaal niet door je uitsluitend tot methodes te beperken die je op de zondagschool hebt geleerd.

   Kortom: een mogelijkheid is nu dat al die miljardairs een paar miljoen bijelkaar leggen, om aan Poetins bewind een fysiek einde te maken. Dat Poetin daar zelf ook best benauwd voor is, is evident. De geschiedenis van de Romanovs biedt voldoende verschillende opties om daarvoor concrete inspiratie op te doen. Er is niets op tegen, wanneer westerse geheime diensten daarvoor ondershands zulke oligarchen met enige suggesties benaderen, daarbij aan de boven aangestipte alternatieve toekomstscenario’s refererend, mochten zij zich niet meteen inschikkelijk tonen. Misschien gebeurt dat inmiddels ook al.

   De tweede potentiële breuklijn is er eentje binnen de Russische staatsbureaucratie zelf. Afgaande op een bericht in de NRC van 19 maart, was bij een grote manifestatie ter meerdere glorie van Poetin een deel van de verplicht aanwezige Russische ambtenaren al naar huis voor de dictator aan zijn verhaal begon, met de afgestempelde kaartjes – waarmee ze hun aanwezigheid konden bewijzen – op zak. Ook schijnt er tussen het verplichte gejuich tevens al enig gefluit vernomen te zijn – zo begon het ooit met het einde van Ceaucescu.

   Zover is het nog niet, maar dat Poetins speech, waarmee hij min of meer met de fysieke vernietiging dreigde van iedereen die hem nog dwars durft te zitten, hogerop tot ongerustheid heeft geleid, mag als zeker worden beschouwd. Wie, zo zullen veel Poetincraten zich afvragen, is de volgende die in ongenade valt? Als er maar voldoende zijn die zo’n lot vrezen, is een staatsgreep snel gepleegd.

Thomas von der Dunk, 21 maart 2022

Europese BewegingZijn de eerste barsten in de poetincratie zichtbaar?
read more

Morgen, bij het aanbreken van de dag

   Het doet denken aan die Amerikaanse dominees die op gezette tijden met groot aplomb de ondergang van de wereld voorspellen, daarvoor na een blik in hun geheime bol (boek) precies dag en uur weten aan te geven, en vervolgens even zonder tekst zitten als er op dat moment niets blijkt te zijn gebeurd. Het is nu woensdagochtend tien uur, en de Russen zijn niet Oekraïne binnengemarcheerd.

   Washington zal op kritische vragen vast verklaren: dat komt juist daardoor. Doordat wij het voorspelden, heeft Poetin het uiteindelijk niet gewaagd, omdat hij ons daarmee gelijk zou geven. Zover heeft van die dominees nog niemand durven gaan: dat het door hún voorspelling kwam dat God het toch maar niet heeft gewaagd om de wereld ten onder te laten gaan. Meestal wordt dan de datum van het Onontkoombare Onheil gewoon wat verder naar de toekomst verschoven, nadat de profeet geconstateerd heeft dat er ergens een rekenfoutje is gemaakt.

   Dat kan nu natuurlijk eveneens op het Kremlin zijn uitwerking niet hebben gemist, waar Poetin graag om zich heen een soort distantie creëert die een oppergod niet zou misstaan, ook gezien de tafelschikking bij het bezoek van Macron, die zélf in zijn optredens overigens evenmin van Olympische kapsones is ontbloot. Wie als nieuwe president zijn verkiezingsoverwinning in Versailles viert, staat in dit opzicht wat anders in het leven dan wie een Torentje bewoont.

   Aannemelijk is in dit geval inderdaad dat Amerika het met de aankondiging van de Russische invasie Poetin een stuk moeilijker heeft gemaakt om Oekraïne aan te vallen. Het Kremlin heeft zich de afgelopen dagen immers voortdurend verplicht gezien om te verzekeren dat het dat niet van plan was, en al die legioenen slechts voor een oefening in een halve cirkel rond Oekraïne waren samengetrokken. Om dan toch aan te vallen en dus wel heel openlijk als leugenaar te boek te staan: dat vergt een vorm van brutaliteit, waarvoor mogelijk zelfs Poetin terugschrikt.

   In dat opzicht was dat nadrukkelijke Amerikaanse aankondigen van een Russische invasie voor vandaag, indien die inderdaad gepland was, een briljante zet. Die zette Poetin immers voor het blok: de aanval dan toch door laten gaan, zou voor de hele wereld het gelijk van de Amerikanen (en de kwaliteit van hun inlichtingendiensten) bewijzen; de aanval bij nader inzien afblazen, is dan natuurlijk toch een nederlaag. Poetin, die zichzelf als meesterstrateeg beschouwd, is dan door de tegenspeler overtroefd. 

   Stel dat Poetin dus inderdaad vandaag had willen aanvallen, deze aanval nu uitstelt en daarvoor binnenkort een nieuwe datum kiest. Nog afgezien van de organisatorische rompslomp die zo’n verandering van de plannen vergt: wie garandeert hem dan dat de Amerikanen, indien ze voor vandaag met hun voorspelling eigenlijk juist zaten, er dan niet weer achterkomen, en de nieuwe datum opnieuw aan de grote klok hangen?

   Zo kunnen ze dan wel door blijven gaan – althans, tot een zeker moment. Want als Washington steeds weer een aanvalsdatum publiek maakt, en zo’n aanval dan steeds weer uitblijft, gaat dat op den duur aan de Amerikaanse geloofwaardigheid knagen en zich juist tégen Washington keren. Dan haalt men elders over zulke alsmaar ‘foute’ voorspellingen de schouders op – temeer daar Washington, om begrijpelijke redenen, niet tot in detail haar informatiekanalen openbaren zal.

   Dan komen we in de situatie, waaraan de kop van deze column refereert: de titel van een boek uit 1977 van de diplomaat J.G.de Beus, die aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog aan de ambassade in Berlijn verbonden was.

   “Morgen, bij het aanbreken van de dag”: dat waren namelijk de woorden waarmee de Duitse kolonel Hans Oster laat op de avond van 9 mei 1940 de Nederlandse militaire attaché meedeelde dat Hitler nu echt Nederland zou binnenvallen. Omdat Oster daarvoor al vele malen eerder had gewaarschuwd, zonder dat dit was gebeurd (omdat er telkens voor Hitler redenen waren geweest om de inderdaad geplande aanval toch nog even uit te stellen), werd hij in Den Haag inmiddels niet meer geloofd, en zijn waarschuwing als belachelijk afgedaan.

   Dat gevaar ligt natuurlijk ook nu voor het Witte Huis op de loer: dat na herhaaldelijke grote stelligheid op een gegeven moment iedereen de schouders ophaalt, en ook terechte waarschuwingen als paniekzaaierij af gaat doen.

   De vergelijking met Nazi-Duitsland is overigens ook in die zin wel op zijn plaats, dat Poetin net als Hitler in 1938 met de Sudetenkwestie zelf bewust en zonder echte concrete aanleiding deze hele crisis heeft gecreëerd. De combinatie van leugenachtige propaganda, over ‘genocide’ op Russischtaligen in Oost-Oekraïne, waarmee de geesten binnenslands opgehitst worden, in combinatie met vage dreigingen (‘militair-technische maatregelen’) en absurde eisen waarvan het Kremlin weet dat die voor het Westen onacceptabel (moeten) zijn: het is München revisited. En ja: Kiev is, onder invloed van militante nationalisten in eigen land, niet altijd even handig omgesprongen met het Russische minderhedenvraagstuk, zoals dat ook indertijd voor Praag inzake het Duitse gold.

   Tot nu toe kan Poetin bovendien volhouden dat al zijn troepenbewegingen legale oefeningen betreffen. En inderdaad valt op de legitimiteit – anders dan de wenselijkheid – daarvan weinig af te dingen. Wat overigens natuurlijk ook voor de NAVO geldt: zoals Witrusland het recht heeft samen met een bondgenoot binnen de eigen grenzen te oefenen, geldt dat evenzeer onverkort voor de Balten.

   Dat is natuurlijk het cruciale geschilpunt: het Westen gaat hier – anders overigens dan op gezette tijden in Amerika’s eigen achtertuin op het Westelijk Halfrond – uit van nationale souvereiniteit, Rusland van invloedssferen. Zoals Jaap de Hoop Scheffer in Buitenhof opmerkte: Poetin wil gewoon zijn rijk terug.

Thomas von der Dunk, 17 februari 2022

Europese BewegingMorgen, bij het aanbreken van de dag
read more

Rutte-IV begint in Europa op forse achterstand

   Vormt capaciteit nog enig criterium voor politiek personeelsbeleid? Of tellen alleen de carrièrebelangen van de desbetreffende bewindslieden? Wie de samenstelling van de buitenlandploeg van het nieuwe kabinet beziet, kan niet anders dan constateren, dat Nederland hiermee meteen al op forse achterstand staat, niet in de laatste plaats binnen Europa en de NAVO.

   Dat begint met Buitenlandse Zaken zelf. Herhaalt zich hier straks wat we al met Rutte-I (Uri Rosenthal) en Rutte-III (Halbe Zijlstra) zagen? Dat er iemand om partijpolitieke redenen op een prestigieus departement moet worden ondergebracht, ook al heeft hij van het desbetreffende beleidsterrein weinig kaas gegeten? Aan de diplomatieke gaven van de nieuwe bewindsman hebben de zuidelijke lidstaten van de Europese Unie in elk geval een niet al te beste actieve herinnering, om het vriendelijk te zeggen. En een eerste vereiste voor een succesvolle minister van Buitenlandse Zaken is het mentale vermogen om de wereld door een andere bril dan de beperkte eigen te zien. Waarom is niet gewoon Ben Knapen gecontinueerd, die, anders dan zijn opvolger, dit vermogen wèl bezit?

   Wie herinnert zich, op het moment dat enige minimale coronasolidariteit mocht worden verwacht, niet het vermanende vingertje van de toenmalige minister van Financiën, dat die spilzieke zuiderlingen eerst maar eens hun zaakjes op orde moesten brengen, niet in de laatste plaats fiscaal? Na de banenruil met Sigrid Kaag arriveert Wopke Hoekstra straks in Brussel met drie forse handicaps.

   De eerste: dat Nederland met z’n intelligente lockdowns, verlate prikcampagnes, nonchalante omgang met coronaregels en wat niet al, regelmatig een modderfiguur heeft geslagen, die zeker de nieuwe minister, als prominent lid van de vorige betweterige ministersploeg, vooreerst tot heel erg veel bescheidenheid noopt.

   Ten tweede, dat hij in persoon in het verleden niet vies is gebleken van het gebruik van enige fiscale sluiproutes om het eigen kapitaal te vermeerderen, en Nederland er juist als belastingwitwasparadijs bij de rest van Europa – terecht – toch al zo slecht op staat. Nu vanuit Brussel de druk toeneemt om een einde te maken aan de vele jarenlang getolereerde wanconstructies met brievenbusfirma’s, waarmee Nederland bijvoorbeeld de veelgesmade Grieken van legitieme belastinginkomsten heeft berooft door Griekse reders voor een appel en een ei onder Nederlandse vlag te laten varen, maakt een minister die in een iets verder verleden zelf op zijn financiële voordeel ten nadele van de nationale fiscus bedacht bleek, de Haagse onderhandelingspositie er niet sterker op.

   Ofschoon, je kunt natuurlijk ook cynisch andersom redeneren: met een bewindspersoon met een gehavend fiscaal-moreel track-record kan Den Haag, bij gebrek aan veel medestanders op dit vlak, voorlopig beter z’n mond houden, en dat is misschien bij voorbaat al winst.

   Ten derde staat het regeeraccoord Hoekstra’s eigen geloofwaardigheid niet alleen met terugwerkende kracht in de weg. Dat betreft de honderden miljarden die nu plotseling uitgegeven kunnen worden zonder zich van enige (tot voor kort voor ándere lidstaten als sacrosanct beschouwde) Europese begrotingsnorm aan te trekken, omdat de nieuwoude coalitie het over grote klimaatmaatregelen niet eens is geworden, en dit de enige wijze is waarop een opstand van het eigen electoraat – in casu de boeren met hun tractoren – voorkomen kan worden. Daarnaast krijgen de diverse nieuwbenoemde Staatssecretarissen voor Puinhoopzaken – toeslagen, gasbevingen en nog zo wat – ook een heel forse geldzak mee.

   Aan Hoekstra dus nu de taak om in zijn nieuwe rol aan de Zuid-Europeanen, die zijn vermaningen over uitblijvende hervormingen en geldverkwisting tijdens zijn vorig ministerieel bestaan vast nog niet zijn vergeten, uit te leggen, waarom zulke mega-uitgaven in het Nederlandse geval zeer verantwoord zijn, en in het Italiaanse niet. Want geld om sociale ellende te dempen, zonder te moeten hervormen en pijnlijke maatregelen te hoeven nemen die meteen het Malieveld vol laten lopen: dat willen ze in Rome met het oog op het Marsveld vast ook. 

   Buitenlandse Zaken is overigens niet het enige departement, waarvan de nieuwe personele bezetting de wenkbrauwen doet fronsen. Wat zoekt Kajsa Ollogren op Defensie? En haar nieuwe staatssecretaris Christophe van der Maat? Welke achtergrond en ervaring verbindt hen met dit beleidsterrein, die relevante kennis en visie mag doen veronderstellen, zodat ze niet de halve ambtsperiode daarvoor volledig van hun ambtenaren afhankelijk zullen zijn?

   Terwijl het nieuwe kabinet toch over één nieuw lid beschikt, dat in Uruzgan pelotonscommandant is geweest, Hanke Bruins Slot. Maar die komt dus op Ollongrens vorige post terecht. Ik wil niet zo ver gaan dat er per se een hoge militair op Defensie benoemd moet worden – zoals er voor de Oorlog meestal een generaal op het toenmalige departement van Oorlog belandde – maar als de Nederlandse afgang in Afghanistan iets leert, is het de mijlendiepe kloof tussen Haagse illusies over militaire interventies en de militaire praktijk ter plekke.

   Iemand met frontervaring als Bruins Slot, die weet wat werkt en vooral wat niet werkt, zou hier zeer van pas zijn gekomen, en veel irreële verwachtingen en veel voorspelbaar vals gebleken beloftes bijtijds als fictie hebben doorgeprikt. Ik noem de idiote randvoorwaarden, waarmee indertijd de parlementaire steun voor Kunduz moest worden gekocht, of de uit stuitend laffe Wildersangst voortvloeiende Haagse obstructie bij het bijtijds organiseren van de evacuatie van Afghaanse hulpkrachten in augustus. Zie het vernietigende interview met de plaatsvervangende ambassadeur in Kabul, Cees Roels, in De Volkskrant van 31 december, dat ook het hele nieuwe kabinet van schaamte onder de bank zou moeten doen kruipen.

Thomas von der Dunk, 17 januari 2022

Europese BewegingRutte-IV begint in Europa op forse achterstand
read more