Europese Beweging

Wordt de natte droom van Baudet nu echt werkelijkheid?

Veilig opgesloten binnen de eigen grenzen, waar alleen Den Haag nog over gaat, niemand meer het land in, bijna alle buitenlandse werknemers terug naar huis, de ‘dictatoriale’ Europese Unie gereduceerd tot wat handelscontacten, de moskeeën dicht, en de culturele sector van links-elitaire subsidieslurpers in puin: wordt de natte droom van Wilders en Baudet nu werkelijkheid?

   Wel, zou ik tegen hun kiezers zeggen: kijk uit waarvan je droomt. Dit is wat die droom van veilige gesloten grenzen, waarbij ieder land heel souverein zijn eigen ding doet, óók betekent: geen bruinbakvacanties op Spaanse stranden, een volledig vastlopende economie, want we kunnen het echt niet meer als Nederland alleen. Cruciale medische producten komen uit China: misschien uit diplomatiek oogpunt toch wat handiger om de eigen racistische sentimenten te bedwingen. De fabricage van veel goederen is zeer internationaal georganiseerd, zeker alle Europese economieën zijn nauw met elkaar verweven, en alleen voor wie de rest van zijn leven van zelfgekweekte bruine bonen wil leven, begint nu het paradijs.  

   En o ja: het Immense Vraagstuk van het handenschudden – tot voor kort het ijkpunt voor het ware Nederlanderschap – heeft zich nu ook vanzelf opgelost.

   In de huidige coronacrisis vallen de grote helden van Alt-Right als incompetente dilettanten door de mand. Figuren als Bolsonaro en Trump, die het virus als een hoax afdeden, als een tegen hen gericht complot, en wekenlang in een staat van ontkenning verkeerden, omdat zij de wetenschap als een bedreiging voor hun eigen bouwwerk van leugens beschouwen. ‘De mensen hebben schoon genoeg van deskundigen’, zo heette het in 2016 in het Brexitkamp, en dus zette Trump alle pandemie-experts die hij van Obama geërfd had, uit de nationale veiligheidsraad. Terecht zette Madame Tussaud in Amsterdam onlangs hém buiten de deur.

   In plaats daarvan kregen we een bigotte kwezel als vice-president Pence, die als gouverneur van Indiana bij een aids-uitbraak vijf jaar meende dat het belangrijkste bestrijdingsmiddel bestond uit vurig bidden. Zulke godsdienstige gekte blijft niet tot het Witte Huis beperkt. In Iran bleven de heilige plaatsen in Quom eveneens veel te lang open om voor redding te bidden, terwijl die juist de belangrijkste besmettingshaard bleken; in Zimbabwe noemde de minister van Defensie het virus een straf van God voor westerse landen die zijn land met sancties belagen.

   Sowieso werd een opmerkelijke cultuurkloof tussen Europa en Amerika zichtbaar: sloeg men bij ons massaal pleerollen in, ginds volgde een run op wapenwinkels. Overigens: ook bij ons ontspoorde het Reformatorisch Dagblad, door in een onsmakelijk domineescommentaar het virus te presenteren als een Goddelijke oproep tot bekering. De ellende komt zogezegd allemaal omdat inzake abortus en euthanasie en homohuwelijk de Nederlandse grondwet nog niet naadloos met het SGP-partijprogramma samenvalt. 

   Zouden ‘de mensen’ nog steeds genoeg van deskundigen hebben? Interessant is de status als autoriteit die het RIVM en de WHO intussen hebben verworven. Enige maanden terug, toen de Brabantse boeren naar Bilthoven optrokken om de wetenschap hun waarheid op te leggen – je hoort ze nu even niet meer – was dat nog anders, en doken ook de Nederlandse Alt-Right-populisten op het Malieveld op. Plotseling prefereert men ook in die kring, na alle virologische zelfkazerij, intussen liever deskundigen boven dilettanten, ofschoon dat leerproces bij Baudet – de zelfbenoemde grootste intellectueel aller tijden – nog wat moeizaam verloopt.

   Ongeacht alle vallen en opstaan zijn de regeringen van Europese democratieën toch te verkiezen blijven boven ‘doortastende’ autocraten als Xi of Trump. Duidelijk is immers dat zowel China als Amerika aanvankelijk het probleem hebben genegeerd, omdat het eigen populariteitsbelang belangrijker werd geacht. Inmiddels hebben we een propaganda-oorlog tussen Washington en Beijing, waarbij men elkaar er min of meer van beschuldigd het virus gefabriceerd te hebben (en anders zit volgens Fox wel Soros of de Deep State erachter). En dan is er nog de perfide trollenfabriek van Poetin, van wie Baudet in Brussel de Britse buikspreekpop John Laughland tot fractie-assistent heeft benoemd.

   Desondanks zullen ook Europa en Nederland er niet aan ontkomen, om enige lessen te trekken. Aan vorige crises, van sars en ebola, waren we nog ontsnapt, en dat heeft toen niet tot bezinning geleid – evenmin als al die ziektes die aan het massale rondslepen van dieren verbonden zijn. Bij elk beest hebben we het wel een keer gehad: koeien, varkens, geiten, kippen. In dat opzicht zal ook de agrarische sector in exportland Nederland anders moeten – en het valt te hopen dat als straks die stikstofmaatregelen echt geïmplementeerd moeten worden, niet weer een deel van de regeringspartijen voor de eerste tractorterrorist door de knieën gaat.

   Twee hele concrete lessen tenslotte. Wat mij zorgen baart, is tot nu toe niet – van Italië afgezien – het aantal dodelijke slachtoffers. Dat is, hoe treurig ook, voor een pandemie toch echt nog minimaal. Ik bedoel: bij de Spaanse Griep van 1918 gingen heel wat meer mensen dood, om van de Zwarte Dood in 1348 te zwijgen. Nee: zorgwekkend is dat met duizend intensive care-patiënten het zorgsysteem al overbelast raakt. Een gebrek aan reservecapaciteit! Juist ook in Nederland: bijna nergens is het aantal ziekenhuisbedden per inwoners zo gering. Dat valt niet los te zien van het marktdenken, waarbij zorginstellingen steeds meer als bedrijven moeten functioneren, die vooral op zuinigheid afgerekend worden.

   Een gebrek aan reservecapaciteit ook waar het mondkapjes betreft, toch een vrij simpel product. Het marktstreven naar kostenreductie en efficiëntie heeft ertoe geleid dat die eigenlijk op slechts twee locaties worden gefabriceerd: in Wuhan en Noord-Italië. Ai! Leg als Europa voortaan niet meer alle eieren in één mandje.

Thomas von der Dunk, 23 maart 2020

Europese BewegingWordt de natte droom van Baudet nu echt werkelijkheid?
read more

Zit Europa straks aan tafel of staat het op het menu?

Zit Europa straks (nog) aan tafel, of staat het dan op het menu? Zijn de lidstaten zich wel van de urgentie van die vraag bewust? Wie momenteel het miezeriger gezever van de ‘Zuinige Vier’ over een paar promille – een paar promille! – extra voor de Brusselse begroting beziet, krijgt niet die indruk. Wil de EU in een steeds woeliger wereld overeind blijven, dan zal gezamenlijke slagkracht prioriteit moeten hebben boven nationaal profijt. Dat vergt dus ook wat van Nederland, waarvan de premier jarenlang verklaarde dat de EU er slechts voor de handel was.

De uitdagingen waarvoor Europa zich gesteld ziet, zijn mogelijk groter dan op welk moment sinds 1945 ook, en dat komt omdat Europa er nu in feite voor het eerst sindsdien alleen voor staat.

Dat is namelijk probleem nummer één: Amerika, dat onder Trump in ijltempo alle ordenende mondiale structuren afbreekt die het sinds Roosevelt zelf heeft opgebouwd. Met de impulsiviteit en infantiliteit van zijn president is het een onvoorspelbare factor geworden, een bedreiging voor de internationale stabiliteit. Sterker: Trump ziet zijn onvoorspelbaarheid zelf zelfs als een grote plus. Puur dankzij het gewicht van zijn land komt hij met zijn botte intimidatie bovendien een heel eind, wat hem in zijn gelijk bevestigt. De door hem veroorzaakte schade zal pas onder zijn opvolgers echt duidelijk worden. Zijn sympathie voor autocraten als Poetin en Bolsonaro, en zijn schoffering van democratische bondgenoten – van Canada tot Japan – weerspiegelt zijn eigen autoritaire inslag.

Met de jammerlijke mislukking van de impeachment-procedure zijn de Verenigde Staten in een bananen-democratie veranderd. Ofschoon een aantal Republikeinse senatoren erkende dat Trump zich aan machtsmisbruik bezondigd had, was dat voor hen geen reden voor afzetting te stemmen. Partijbelang gaat voor hen boven staatkundig fatsoen. Bij Trump versterkt dat het idee dat hij boven de wet staat, en de staat zijn eigendom is: ik ben democratisch gekozen dus ik mag doen wat ik wil. Zijn wraakzucht kent in het verlengde van zijn leugenachtigheid nu al geen grenzen.

Zal de kiezer hem dit najaar stoppen? Hoe overtuigend zijn de Democratische presidentskandidaten? Sommigen zijn voor Amerikaanse begrippen helaas te links om een kans te maken – ofschoon ook Obama en Trump indertijd eerst kansloos werden geacht – en anderen maken een uitgebluste indruk. En waar Buttigieg nog wel erg jong is, zijn Sanders, Warren en Biden juist wel erg bejaard. Wordt Amerika een gerontocratie zoals China er lange tijd eentje was? Ik weet, Konrad Adenauer was 73 toen hij voor het eerst bondskanselier werd, en hij hield het veertien jaar vol, maar toch. Sommigen opperen dat de Democraten voor Bloomberg moeten gaan. De ene miljardair tegenover de andere dus? Dan wordt de bananendemocratie Amerika een bananenplutocratie.

Als Trump herkozen wordt – en met die mogelijkheid moet serieus rekening gehouden worden – dan is zijn bewind meer dan een incident. Dan is het een fundamentele koersverlegging van de meest rauwe soort. Dat heeft consequenties voor de EU en de NAVO, voor de economie en voor de veiligheid. Trump laat wereldwijd voortdurend twijfel bestaan over Amerikaanse veiligheidsgaranties; de Koerden heeft hij al verraden. Anticiperen op het risico dat Europa alleen komt te staan is absolute noodzaak. Dat betekent dat in Brussel de nationale souvereiniteit ondergeschikt moet worden aan internationale samenwerking, omdat alleen zo de belangrijkste tegenstanders met hun verdeel-en-heers-politiek het hoofd geboden kunnen worden: militair een militair agressief Rusland, economisch een economisch agressief China.

Militair: een veel vergaander integratie van de nationale legers, zodat de middelen aanzienlijk efficiënter besteed kunnen worden, en alles goed op elkaar aansluit. Dat heeft voor Nederland bijvoorbeeld consequenties voor het aanschafbeleid – ontwikkeling van gezamenlijk Europees materieel, niet inkopen van Amerikaans (JSF!), waarmee men zich technologisch van Amerika afhankelijk maakt, en daarmee ook politiek. Gezien Poetins gestook in Oekraïne en Trumps flirten met Poetin is dat extra ongewenst.

Economisch: China koopt de wereld op. Het land is economisch succesvol, waar de groei in het Westen hapert – een groot verschil met West-Europa versus het Oostblok tijdens de Koude Oorlog. Alleen al door zijn soortelijk gewicht – bijna anderhalfmiljard mensen – vormt China daarmee op termijn een veel grotere bedreiging dan de Sovjet-Unie ooit kon zijn. Het is bovendien een totalitaire staat die dankzij technologisch vernuft een intern controlesysteem heeft kunnen opzetten waarvan Stalin slechts kon dromen. Het slaat inmiddels ook zijn tentakels naar Europa uit. Met het opkopen van de Griekse havenstad Piraeus heeft het Athene in de tang, wat krachtdadige Europese eensgezindheid jegens China frustreert.

Voor China is economie allereerst politiek – achter elk Chinees bedrijf van enige omvang staat de Chinese staat. Het wordt hoog tijd dat Europa in dat opzicht zijn naïviteit verliest, niet in de laatste plaats ook Nederland. Denk Huawei en ASML.

Dat betekent drie dingen: geopolitieke veiligheid moet vóór lucratieve handel gaan. Beslissingen op dit vlak voortaan in Brussel, niet in Den Haag – omdat alleen Europa als geheel voldoende gewicht heeft om Chinese en Amerikaanse druk te weerstaan. En een einde op het taboe op industriepolitiek: Europa moet zelf de nodige technologie ontwikkelen om niet langer van Google of Huawei afhankelijk te zijn. Weg dus met het verbod op ‘kartelvorming’ als dat erin resulteert dat cruciale Europese bedrijven op de Europese markt door Amerikaanse en Chinese giganten worden weggeconcurreerd.  

Thomas von der Dunk, 17 februari 2020  

Europese BewegingZit Europa straks aan tafel of staat het op het menu?
read more

Film en nieuwe verhalen voor Europa – Impressies uit het Videograms of a Nation, Redux filmfestival

Begin dit jaar werd het EBN bestuur blij verrast met een uitnodiging voor het filmfestival Videograms of a Nation/Redux. In een tijd waarin de Europagesprekken bol staan van Brexit, was dit festival dat van 5 tot 22 januari in het Eye filmmuseum in Amsterdam plaatsvond, een ware verademing. Het betrof een filmretrospectief in het kader van Europalia2020 en bracht een ode aan 100 jaar Roemeense cinema, met speciale aandacht voor de internationale doorbraak van Roemeense cineasten sinds 2000. Meer dan 50 documentaires en feature films werden vertoond. De EBN was bij diverse films en debatten aanwezig.

Op minstens drie manieren was het festival een urgente reminder wat ons als mensen in Europa bindt en wat ons als Europa gezinde mensen te doen staat.

Allereerst zette het filmprogramma de schijnwerpers vol op de zuidoost kant van Europa. Dit is momenteel broodnodig. Met alle Brexit malheur zou je soms vergeten dat Europa groter is dan haar westflank. Teveel energie is de afgelopen jaren weggelekt in Brexit debatten en Europese onttakeling, in plaats van te investeren in nieuwe verbindingen. De EBN vindt al langer dat we veel meer energie zouden moeten steken in nieuwe relaties met landen die na 2004 met heel veel hoop en verwachting toetraden tot de EU. En die verbinding begint met elkaars geschiedenissen en verhalen te kennen. In een prachtige selectie van klassiekers en nieuwe films, documentaires en fictie, werden kijkers meegenomen in de culturele evolutie van Roemenië sinds de jaren twintig van de vorige eeuw. Duidelijk werd hoe gelaagd die ontwikkelingen zijn geweest en hoezeer de lang adem van diepe geschiedenissen vandaag de dag nog doorwerkt.

Daarnaast kwamen door de uitdagende selectie door festivalprogrammeur Andrei T?n?sescu thema’s aan de orde die – hoewel gesitueerd in een Roemeense context – een universele zeggingskracht hadden. Bijna alle films maakten spannende verbindingen tussen de grote historische ontwikkelingen en het dagelijks leven van mensen. Hoe is het om een tiener te zijn in een land dat grote politieke turbulentie beleeft, zoals in de film Alice T. van Radu Muntean (2018)? Hoe gaan we als mensen om met pijnlijke geschiedenissen, wat maken we zichtbaar, en wat verzwijgen we? Hoe houden we ons in een wereld vol propaganda, zoals in de Autobiography of Nicolae Ceausescu (2010/11), een bijna geheel uit propaganda-archiefbeelden opgebouwde compilatie van de hand van regisseur Andrei Ujica, die laat zien hoe een ‘propagandistisch wereldbeeld’ zich in een samenleving nestelt, en schuurt met de werkelijkheid en waarin de megalomanie en de meeloopcultuur je snel onder de huid gaan zitten. Of hoe om te gaan met de vraag wie nog kritiek kan leveren op een corrupt systeem en wat eigenlijk onze kritische instituties waard zijn, zoals in de adembenemend spannende documentaire Colectiv van Alexander Nanau (2019). Deze film bracht een journalistieke ontleding van het grote ziekenhuisschandaal dat aan het licht kwam na een grote brand in nachtclub Colectiv in Boekarest in 2015, een soort Roemeense Volendambrand. In de nasleep van de ramp werd duidelijk dat 37 van de gewonden waren overleden aan bacteriële infecties in lokale ziekenhuizen, die sjoemelden met verdunde desinfectiemiddelen. De speurtocht leidt tot de confrontatie met het fingerende corrupte staatssysteem.

Kijkend en luisterend naar zulke films werd het opnieuw zonneklaar dat hoewel we in Europa dicht op elkaar leven en de mediakanalen 24 uur per dag open staan, we vaak toch verbijsterend weinig van elkaar weten. Wat ons brengt bij het laatste punt. Misschien wel de allergrootste waarde van het festival was dat het een paar weken lang liet zien dat tussen Europeanen andere gesprekken en nieuwe gedeelde conversaties mogelijk zijn en ontwikkeld kunnen worden. Want tijdens het festival, in zalen met vaak zeer gemengd publiek, jong en oud, uit verschillende landen, kwamen boeiende gesprekken op gang over het grondweefsel van Europa. Hierbij bleek opnieuw wat een belangrijk democratisch hulpmiddel film kan zijn. Film nodigt laagdrempelig uit om diepere gezamenlijke reflecties aan te gaan.

Europa is een web van verhalen. Ruimte te scheppen om oude verhalen te exploreren, gedeelde geschiedenissen opnieuw tegen het licht te houden, en samen nieuwe verhalen te ontwikkelen is wellicht de belangrijkste culturele opgave voor nu. Als antidoot tegen alle politiek van haat, nijd, polarisatie en aftakeling.

(Tijdens het festival werd het boek Romanian Cinema Inside Out: Insights on Film Culture, Industry and Politics 1912 – 2019 gelanceerd. Met essays van Dominique Nasta, Gabriela Filippi, Iulia Popovici and Andrei State)

Europese BewegingFilm en nieuwe verhalen voor Europa – Impressies uit het Videograms of a Nation, Redux filmfestival
read more

Bekentenis Teheran zal Moskou niet doen buigen

Waaraan Iran reeds na een paar dagen niet kon ontkomen, weigert Rusland al meer dan vijf jaar, en het ziet er niet naar uit dat, zeker niet zolang Poetin aan de macht is, Rusland aan die weigering een einde te maken: de erkenning dat met haar wapens per abuis een burgervliegtuig uit de lucht is geschoten.

   Toegeven wat in Nederland alleen nog door een paar louche complotdenkers rondom Thierry Baudet wordt ontkend, zou namelijk ook het toegeven impliceren van directe Russische militaire steun aan de separatisten in oostelijk Oekraïne. En de instorting van het door het Kremlin daaromtrent opgetrokken leugenbouwwerk zou politiek alsnog zeer gevaarlijk kunnen worden voor de positie van Poetin.

   Niet dat de uiteindelijk onverwachts ruiterlijke erkenning van Teheran zónder politieke gevaren voor het desbetreffende regime is. Integendeel: het lijkt onvermoede oppositiekrachten te hebben losgemaakt, de demonstraties, waarin zelfs – ongehoord – om het vertrek van de opperste geestelijke leider Khamenei wordt geroepen, hebben de machthebbers na de (sterk georkestreerde) anti-Amerikaanse begrafenisdemonstratie rond de nationale held Soleimani volledig verrast. De vergissing die bijna tweehonderd veelal Iraanse burgers het leven heeft gekost wordt hen hoogst kwalijk genomen. De vragen van de demonstranten lopen daarmee sterk parallel aan die van de Canadezen en Oekraïners.

   Pikant detail: de regering in Kiev heeft Teheran gevraagd waarom, zo kort na de Amerikaanse dronemoord op Soleimani en het Iraanse rakettenantwoord daarop, niet allang het luchtruim gesloten was. Een terechte vraag, gezien de gespannen situatie en het grote risico van een militaire tegenactie van Amerikaanse zijde.

   Maar hoor wel, wie hem stelt! Het pikante is immers dat het uitgerekend Oekraïne is dat zich over die nalatigheid van Iran beklaagt – het land dat dat sluiten zelf in 2014 ook niet voor de Donbass had gedaan, met het neerschieten van de MH-17 als gevolg. In beide gevallen, toen en nu, bleef dat sluiten ongetwijfeld vooral om politiek-psychologische redenen uit – omdat daarmee Kiev respectievelijk Teheran impliciet zou moeten erkennen geen heer en meester over het eigen luchtruim meer te zijn.

   Wat dus moreel tegenover de nabestaanden onvergeeflijk is, is puur politiek daarom best verklaarbaar; zo’n tegenstelling komt dan ook wel vaker voor. En, gegeven het niet-sluiten van het luchtruim om de bedoelde redenen, is het vervolgens begrijpelijk dat in de hectische semi-oorlogssituatie die inmiddels was ontstaan, al snel een militaire vergissing wordt gemaakt. Het gevaar van de huidige ‘perfecte’ techniek is dat de minder perfecte mensen áchter die techniek in enkele seconden een beslissing moeten nemen, die meteen dodelijke gevolgen heeft. De bedenktijd is door al die geavanceerde techniek miniem. Vergelijk het met 1914: de mobilisatie duurde een maand, zodat men ook zo lang nog had terug gekund.

   Dat overhaaste gold voor de MH-17, het gold ook voor de Amerikanen die in 1988 een Iraans vliegtuig uit de lucht schoten. Het idee dat zulke misverstanden altijd en overal door probleemloze communicatie kunnen worden voorkomen – het argument dat Teheran eerst aanvoerde om de feitelijke toedracht als ondenkbaar te ontkennen – is zowel voor democratieën als dictaturen een illusie.

   Zodoende kan men beter het zekere voor het onzekere nemen, en dat betekent dat het enerzijds de verantwoordelijkheid van het desbetreffende land is om bijtijds het luchtruim te sluiten, en anderzijds de verantwoordelijkheid van een vliegtuigmaatschappij om, als dat toch niet gebeurt, zelf voor een andere vliegroute te kiezen, ook als dat een paar druppels kerosine extra kost en daarmee het verdienmodel van de aandeelhouders lichte schade oploopt.

   Wat dat betreft is het niet alleen opmerkelijk dat bij de MH-17 nooit aan de toenmalige KLM-top indringend de vraag is gesteld wat dat vliegtuig van haar en Malaysian Airlines daar eigenlijk deed, maar ook dat men daaruit in de directieburelen toch weinig lering lijkt te hebben getrokken, gezien de KLM-vliegroutes door het Midden-Oosten tot op die fatale woensdag 8 januari, terwijl na de aanslag op Soleimani al alle alarmbellen hadden moeten afgaan.

   Ik bedoel: ook op Schiphol kan men toch wel zelf de krant lezen, en daaruit destilleren dat het noch in de Donbass, noch in de Golf geheel vrede-op-aard is, dat militaire conflicten er noch in het ene noch in het andere geval nog uitsluitend met pijl en boog worden uitgevochten, zodat zelfs een zekere vlieghoogte tegen op de grond afgestoken vuurwerk geen absolute veiligheid meer biedt?

   Blijft de vraag, hoe met met zulke vergissingen om te gaan. Waarbij, om enig effect te hebben, voor ‘men’ beter Europa gelezen kan worden dan het land dat slachtoffer is, omdat men samen sterker staat. Beleidsmatig: Brussel moet de regie zelf veel meer in handen nemen en één lijn inzake vliegroutes in oorlogsgebieden trekken, en dat niet aan het inzicht van de marktpartijen zelf overlaten, waar commerciële belangen het te snel van veiligheidseisen blijken te winnen – denk ook aan die twee spontaan neergestorte Boeingtoestellen.

   Politiek: die afwikkeling is aanmerkelijk gecompliceerder. Dat blijkt nog steeds in het Russische geval. Poetin houdt immers, tegen alle evidente bewijzen in, stug vol dat Moskou niets met de MH-17 te maken heeft, en Den Haag heeft hier geen antwoord op. Even stug volhouden, zoals Stef Blok doet, dat Rusland schuld zal moeten bekennen, heeft tot dusverre tot niets geleid en zal ook in de toekomst tot niets leiden – zeker niet nu de Europese steun daarvoor gestaag afbrokkelt, omdat men elders beseft dat voor de oplossing van tal van problemen samenwerking met de Russen nu eenmaal onontkoombaar is en voortdurende herhaling van het eigen gelijk als effectieve Ruslandstrategie dan niet volstaat.

Thomas von der Dunk, 14 januari 2020

Europese BewegingBekentenis Teheran zal Moskou niet doen buigen
read more

Brussel moet Schotland straks gewoon welkom heten

Het gros van de peilingen in Engeland zelf zat er een maand geleden nog naast, en ik in mijn vorige column dus ook. Mede als gevolg van een uiterst zwakke campagne van Labour behaalden de Tory’s een ruime meerderheid. Tegen het simplistische en op valse beloftes gebaseerde, maar heldere ‘Get Brexit done’ van Boris Johnson konden zijn tegenstanders niet op. Ik zeg nadrukkelijk: Engeland – want Schotland koos, wèl geheel conform de voorspellingen, zijn eigen weg. 

Maar ten zuiden van de Muur van Hadrianus wist Jeremy Corbyn het toen zo onverwachtse kunststukje tegen Theresa May van twee jaar terug nu, tegen sommige verwachtingen in, niet te herhalen. Noodgedwongen bleef hij, omdat Labour zowel de meest pro-Europese als de meest anti-Europese kiesdistricten vertegenwoordigde, tot het laatst vaag over wat hij eigenlijk wilde, en daarmee deed de na drie jaar begrijpelijke Brexit-moeheid van veel kiezers hem de das om.

Eén voordeel heeft die ruime meerderheid beslist: voor geen enkele plank die Johnson vanaf vandaag gaat misslaan kan hij nog anderen de schuld geven. En er kan op zich dus ook eindelijk vaart gemaakt worden, wat de opluchting in Brussel verklaart, waar het Brexitgezeur sinds 2016 ook bijna alle energie heeft opgeslurpt. Alleen volgt nu een misschien nog veel ingewikkelder gedeelte van het hele proces: de onderhandelingen over een handelsverdrag.

Johnson heeft aangekondigd een “ambitieus handelsakkoord met de EU” te willen, waarin bedrijven zonder quota en tarieven zaken kunnen blijven doen. Dat heet dus gewoon een douane-unie, ook al mag dat zo van Londen niet heten. Wel, in dat geval is het simpel: dan kan – en moet! – de EU de nieuwe Britse regering gewoon het boekwerk met alle EU-regels voorleggen, met de opdracht dan bij het kruisje te tekenen. Om Britse goederen het Kanaal over te krijgen, zullen die aan de Europese regels moeten voldoen: niet alleen inzake productkwaliteit, ook inzake de sociaal-economische randvoorwaarden. Een soort Singapore voor de Europese kust, dat met lage standaarden op elk vlak – van arbeidsomstandigheden tot belastingfaciliteiten – voor oneerlijke concurrentie gaat zorgen, is onaanvaardbaar. Het kan niet zo zijn dat Brexit betekent dat het fiscale sjoemelparadijs zich van de Kanaaleilanden nu straks tot héél Groot-Britannië vergroot.

Dat laatste is wat de harde Brexiteers onder de Tory’s rond de neofeodale landheer Jacob Rees-Mogg, indachtig diens botte opmerking over de geringe zelfredzaamheid van de verbrande bewoners van de Grenfilltoren in Kensington, ongetwijfeld om het neoliberale ondernemersdom te behagen voor de geest staat: een verdere afbraak van sociale rechten en een verdere uitverkoop van de staat. Haaks overigens op wat Johnson de laatste maanden de verarmde Brexitaanhangers in de Midlands heeft beloofd: dat de nu ‘vrijkomende’ Britse EU-bijdrage in de volksgezondheid en de volkswoningbouw zal worden geïnvesteerd.

Wat dat betreft levert zijn ruime zege een interessante paradox op. Bij een kleinere meerderheid had hij minder electorale legitimatie voor een harde Brexit – de logische consequentie van een ultrakapitalistische vrijbuiterskoers – gehad, maar zou hij er door de hardliners in zijn eigen partij eerder toe gedwongen worden, omdat hij veel meer van hen afhankelijk zou zijn geweest – precies zoals die indertijd ook Cameron en May voortdurend in de houdgreep hielden.

Dát chantagemiddel is nu weg. Zijn grote meerderheid maakt het voor Johnson namelijk weliswaar gemakkelijker om op een harde Brexit in te zetten, maar maakt dat anderzijds ook minder onontkoombaar. De harde Brexiteers zullen er, nu de oppositie vleugellam is, onder verwijzing naar Johnsons zege op aandringen. Maar tegelijk kan die hen nu makkelijker negeren: zijn meerderheid is daarvoor ruim genoeg. En als hij de Labour-leenstemmen in de Midlands van 12 december de volgende verkiezingen wil behouden, zal hij dat ook moeten. Daar zitten namelijk enorm veel kiezers bij die altijd vanzelfsprekend Labour stemden, en deze keer alleen vanwege de Brexit de overstap hebben gemaakt. Johnson leek dat op de verkiezingsavond ook te beseffen, maar zulk besef slijt bij politici vaak snel.

Iets anders leek hij nog veel te weinig te beseffen: dat zijn legitimiteit in Schotse ogen het nulpunt nadert. De zege van de SNP is mede te danken aan de Brexitkoers van de Tory’s, in combinatie met de dreigende sociaal-economische consequenties daarvan. Van de harde bezuinigingspolitiek die sinds Camerons aantreden in 2010 de toon heeft gezet, moet men in Edinburgh weinig hebben. Met haar eigen zege op zak, eist SNP-leidster Nicola Sturgeon nu een nieuw referendum over Schotse onafhankelijkheid op. Het vorige, op het nippertje verloren, beschouwt zij niet zonder reden als moreel verjaard, omdat er indertijd nog van geen Brexit sprake was, en het toenmalige dreigement van Brussel dat een onafhankelijk Schotland daardoor buiten de EU zou vallen, nu niet meer opgaat.

Hoe harder de Brexit, hoe harder die roep om onafhankelijkheid in Schotland zal klinken; wat dat betreft staat Johnson ook van die kant onder zware druk. Zijn ‘nee’ van nu zal hij uiteindelijk niet kunnen volhouden – en een eventuele keuze voor de ‘Spaanse’ methode in Catalonië ingeval van separate Schotse stappen, zal het conflict pas echt op de spits drijven. Met het Noord-Ierse trauma in gedachten zal Londen dat uiteindelijk niet durven. Ook omdat het daarvoor, anders dan Madrid, onvoldoende steun in eigen land bezit.

Voor Brussel moet de positie in deze kwestie vanaf de aanvang helder zijn: een onafhankelijk Schotland is, net als iedere andere democratische rechtsstaat in Europa die aan de EU-regels wil voldoen, uiteraard als nieuw lid van harte welkom. Wil Brussel heel vilein zijn, dan kan het, als psychologisch drukmiddel, een al te bokkige Boris daaraan ook actief op gezette tijden herinneren.

Thomas von der Dunk, 16 december 2019

Europese BewegingBrussel moet Schotland straks gewoon welkom heten
read more

Rest-Brittannië wordt straks een vazal van Amerika

Hij had inmiddels al een week of drie dood in een greppel moeten liggen. Dat had hij ons toch echt herhaaldelijk en uitdrukkelijk beloofd, als London niet op 31 oktober uit de Europese Unie zou zijn gestapt, desnoods met een No-Deal. En van alle wilde beloftes die de Brexiteers de afgelopen drie jaar hebben gedaan, was dit zo’n beetje de enige waaraan Boris Johnson zich probleemloos had kunnen houden, want de realisatie ervan had hij bij wijze van uitzondering geheel zelf in de hand.

Op 31 januari aanstaande levert Boris Brexit – voor wat die belofte waard is, want het is al twee keer eerder uitgesteld, en de verkiezingen op 12 december kunnen ook nog roet in het eten gooien. De uitkomst is ditmaal mede als gevolg van het districtenstelsel onvoorspelbaarder dan ooit, omdat van het tweepartijenstelsel vermoedelijk weinig overblijft. En dan kan de zetelverdeling in het Lagerhuis alle kanten uitrollen; dat het geen absolute meerderheid voor de Tory’s of Labour wordt, is het meest waarschijnlijk. En dan? Dan zullen de anderen voorwaarden gaan stellen: de Brexit Party een echte No-Deal-Brexit, de Liberalen een nieuw referendum, in de hoop dat dat op een ‘remain’ uitloopt. Brexit krijgt in dat geval steeds minder weg van een koene suïcidale daad, en steeds meer van een voortetterende chronische ziekte.

Johnson heeft, anders dan zijn voorgangster, zijn deal door het huidige parlement weten te loodsen. Of het, uit Brits-nationaal perspectief, ook een betere deal is, nu de backstop eruit is? De Noord-Ierse unionisten bleken er, vanuit hun perspectief terecht, in elk geval anders over te denken. Het Ierse grensprobleem is nu namelijk opgelost door de oplossing niet -zo als in Mays deal – tot Sint-Juttemis uit te stellen, maar door de grens tussen de regels van Brussel en de regels van Londen in de Ierse Zee te leggen. Economisch blijft Noord-Ierland zo de facto deel van de Europese Unie.

Groot-Brittannië wordt zo dus niet groter, maar kleiner. Niets Britain rules the waves – Londen verliest integendeel zelfs zijn greep op de Ierse Zee. En de kans dat het als Little England eindigt, neemt nog meer toe als Schotland opnieuw een referendum over onafhankelijkheid gaat houden. Want dan zou een meerderheid wel eens vóór uittreden uit het Verenigd Koninkrijk kunnen stemmen om in Europa te kunnen blijven, waar de Schotten alleen maar tegen hun zin worden uitgesleurd doordat de Engelsen getalsmatig verre in de meerderheid zijn.

In 2014 kon Cameron een dreigend ‘ja’ tegen onafhankelijkheid nog net in een nee ombuigen door heel veel te beloven, en er tegelijk op te wijzen dat Brussel niet zo maar een zelfstandig Schotland als nieuwe lidstaat toelaten zou. Niet alleen is van die Londense beloftes weinig terecht gekomen, na een Brexit wordt de situatie ook voor Brussel wezenlijk anders: het zal in deze situatie zich niet snel tegen een toetreding van een zelfstandig democratisch Schotland keren.

De meeste Brexiteers, zo blijkt uit peilingen, nemen het afscheidingsrisico op de koop toe. Enerzijds getuigt dat van een grote democratische gezindheid: men zal de Schotten niet met geweld tegenhouden, als die met een duidelijke meerderheid voor onafhankelijkheid kiezen – daarvan kan het starre Madrid nog leren. Maar anderzijds is het wel schokkend dat de EU-haat bij veel Britten zo diep zit dat zij bereid zijn hun land op te breken om maar uit te kunnen treden.

Van de nationale eenheid zal overigens na de Brexit ook in politieke zin weinig sprake zijn, want de Brexiteers zijn over de koers die hun land vervolgens moet varen, tot op het bot verdeeld. Die ter linkerzijde zien de vrije markt als een bedreiging voor de eigen welvaart: Europa is te weinig sociaal en veel te neoliberaal. Voor die ter rechterzijde ligt dat omgekeerd: voor hen is Brussel juist veel te sociaal en te weinig neoliberaal. Een sado-populist als Nigel Farage mag zich zeer volks doordoen, het volk interesseert hem geen biet. Als steenrijk financieel speculant droomt hij van een ultrakapitalistische vrijbuitersstaat, waarin alle sociale rechten zijn afgebroken. Net als in de Victoriaanse standenmaatschappij hoopt de Britse bovenlaag dan weer de golven te kunnen regeren.

Maar zoals Juncker al ooit zei: er zijn vandaag slechts twee soorten Europese landen – kleine landen, en landen die nog niet weten dat zij klein zijn. Daar zal ook Rest-Brittannië snel achter komen. Een aardig voorproefje van de woeste golven waarin het straks, eenmaal buiten de beschutting van Brussel, belandt, heeft Londen al gehad. Donald Trump, die zijn presidentsambt als zijn persoonlijk eigendom beschouwt en als vastgoedbaas regeren gelijkstelt aan zakendoen, heeft recent een poging gedaan om als nieuwe belegging Groenland op te kopen. Die poging kon door de Denen vanachter de EU-muren afgeslagen worden, maar binnenkort valt Trump een veel grotere appel in de schoot.

De komende verhoudingen tussen Amerika en het na Schotse afscheiding straks zesmaal kleinere Brittannië werden al bij Trumps familiestaatsbezoek begin juni aan de Queen duidelijk. Haar gazon lag er na afloop bij als het Malieveld na gebruik door boze boeren. Met voorbijgaan aan elke fatsoensnorm gedroeg Trump zich met zijn selfies schietende nepoten alsof Buckingham Palace al van hem was – en dat is binnenkort ook inderdaad min of meer de facto zo.

Een handelsverdrag met Washington? Prima, maar wel geheel op Amerikaanse voorwaarden – inclusief een stroom aan chloorkippen en liquidatie van de ‘concurrentievervalsende’ National Health Service. De komende vazallenrelatie tussen The White House en Whitehall bleek even later opnieuw, toen een Amerikaanse spionnenvrouw die een Engelse tiener had doodgereden, snel het land werd uitgesmokkeld, en Trump Johnsons verzoek haar diplomatieke onschendbaar­heid op te heffen op zijn geijkte lompe wijze in de prullenbak gooien kon.

Thomas von der Dunk, 18 november 2019

Europese BewegingRest-Brittannië wordt straks een vazal van Amerika
read more

Europa en Nederland staan in Syrië in hun hemd

Het was een rake vondst van de satyrische fake-nieuwssite De Speld op 16 oktober: “Nederland stuurt 150 boeren naar Syrië”, aldus de kop. “Het kabinet heeft in reactie op de spanningen in Noord-Syrië zijn steun geactualiseerd”.
Om te vervolgen: ‘Minister Bijleveld van Defensie: “De boeren hebben de afgelopen dagen duidelijk gemaakt dat ze bloed willen zien. Ondertussen staan de Koerden machteloos tegen de Turkse invasie. Ik denk dat deze groepen een hoop voor elkaar kunnen betekenen. In Noord-Syrië heb je geen overheid die je betuttelt met vage regeltjes over stikstof. Sterker nog: je hebt er helemaal geen overheid. Je kunt gewoon lekker je gang gaan met je trekker. Beetje pesticiden spuiten over je akker of over een woonwijk. Ze vinden het allemaal prima daar'”.
De Speld wist verder nog te ‘melden’ dat de Turken geschrokken hadden gereageerd: “De Turkse minister Mevlüt Cavusoglu verzoekt de regering om niet buitenproportioneel op te treden en gewoon troepen te sturen”.

Vijf dagen eerder had De Speld ook al het nodige bijtende commentaar te bieden, in een stukje getiteld “Turkse inval in Syrisch Koerdistan: wat kun je zelf doen?” Er volgden diverse suggesties onder het motto ‘Een beter Noord-Syrië begint bij jezelf’, zoals het planten van een boom in het oorlogsgebied, met als laatste: installeer een app die updates geeft over de situatie. “Het fijne aan deze app is dat je niet meteen in actie hoeft te komen, maar dat je door het downloaden aan de appstore kunt laten weten dat er interesse is in Koerden”.

Misschien meer dan menig serieus krantenartikel bieden deze twee satirische stukjes een dodelijk commentaar op de totale politieke en militaire onmacht van Europa als de wereld ergens aan haar randen in een bloedbad verandert. En na het kortzichtige verraad van de Koerden door Trump, die Amerika daarmee tot een volstrekt onbetrouwbare bondgenoot heeft gemaakt, is dat zichtbaarder geworden dan ooit. Moskou is meteen in het geopolitieke gat gesprongen dat Washington heeft laten vallen. Europa staat opnieuw bij voorbaat buiten spel – van Brussel wordt eigenlijk niet eens meer iets verwacht.

Daar maakt, zo moet men helaas constateren, Europa het ook zelf naar. Natuurlijk: het optreden van Erdogan wordt in stevige woorden bekritiseerd, zoals ook NAVO-chef Jens Stoltenberg plichtmatig de Turkse president opriep zijn optreden “proportioneel” te laten blijven. Maar van stevige woorden trekt die zich niets aan, zolang die niet door stevige daden worden gevolgd. Misschien toch eens definitief de stekker uit de EU-toetredingsonderhandelingen trekken? Nou nee – we hebben de Turken immers straks ook weer nodig. Om vluchtelingen buiten te houden, want de allergie voor binnenlands politiek rumoer is met al die populisten groter dan voor buitenlandse instabiliteit. Op zich best begrijpelijk, maar de openlijk geëtaleerde angst daarvoor ontgaat ook de Turkse buitenwacht niet.

Daarom was dat eerste stukje in De Speld zo raak: voor een paar boze boeren en hun trekkers gaat in Nederland menig provinciehuis meteen op de knieën, en in Den Haag vervolgens het poldermodel van terugkrabbelen – teneinde het onvermijdelijke toch maar weer even uit te stellen – van stal. Anders gaan Wilders en Baudet er straks immers in de Kamer met kostbare coalitiezetels vandoor. Dus als Erdogan dreigt de vluchtelingensluizen open te zetten wanneer Brussel nog één kritische kik geeft, roept Europa manmoedig zich niet te zullen laten chanteren – maar houdt men dat, als straks puntje bij paaltje komt, dan echt werkelijk vol?

Nog nietszeggender was de reactie van minister Blok van Buitenlandse Zaken. Ankara kreeg te horen dat hij het offensief “veroordeelde”. Daarvan zullen ze ginds onder de indruk zijn. “Niemand is gebaat bij de mogelijke verschrikkelijke humanitaire gevolgen”, zo voegde Blok eraan toe. O ja? Assad blijkt daar nu reeds heel veel bij gebaat te zijn, omdat de Koerden, gedwongen te kiezen tussen de Duivel en Beëlzebub, nu voor het Syrische regime hebben geopteerd. En in het Kremlin wordt de rekening eveneens iets anders opgemaakt dan op het Binnenhof. Partijen moeten “terughoudendheid betrachten”, zo zei Bloks woordvoerder ook nog, en “oog houden voor de militaire consequenties”. Wel, dat laatste doen ze in Damascus, Ankara en Moskou misschien wel meer dan Den Haag lief is – en is voor hen nu juist reden om net wat minder terughoudend te zijn.

Een dag eerder, nadat Trump de boel de boel had gelaten, had Blok Washington “om verduidelijking” gevraagd. Verduidelijking? Installeer een app, om met De Speld te spreken. Weinig doortastender gedroegen zich sommige parlementariërs. Die waren uiteraard door de Turkse inval ‘geschokt’. Nederlandse politici zijn namelijk voortdurend ‘geschokt’, alsof ze op het Binnenhof permanent moeten balletdansen op een defecte hoogspanningskabel.

Maar leidt al dat geschokt zijn ditmaal tot enige daadwerkelijke activiteit? Of installeert ook de Kamer toch bij nader inzien liever een app? In alle boosheid werd meteen om stevige sancties tegen Turkije geroepen. Maar wel ook meteen geclausuleerd, omdat VVD-woordvoerder Sven Kopmans niet wilde dat dit ten koste zou gaan van “onschuldige burgers”, waarmee hij behalve slachtoffers ginds vooral Nederlandse exporteurs bleek te bedoelen: “We moeten voorkomen dat sancties Nederlandse inkomens en banen raken”.

Deze insteek past naadloos in een eeuwenoude nationale traditie van pappen en nathouden, waarmee ook de boeren steeds weg weten te komen. Want serieuze sancties zullen altijd ook eigen inkomens en banen raken – het lukt nooit zonder de moed om te snijden in eigen vlees. Wie daartoe niet bereid is, is gedoemd aan de zijlijn te blijven staan, en machteloos om ‘verduidelijking’ te verlangen van iets wat voor de goede verstaander allang geen verduidelijking meer behoeft.

Thomas von der Dunk, 23 oktober 2019

Europese BewegingEuropa en Nederland staan in Syrië in hun hemd
read more

‘Hoe strategisch denkt de nieuwe Europese Commissie?’ door Thomas von der Dunk

Een democratische schoonheidsprijs verdient het in elk geval niet. En vergeleken met de wijze waarop de vorige keer de voorzitter van de Europese Commissie aan zijn baan kwam, is er duidelijk sprake van een terugval. Het is goed voorstelbaar dat veel kiezers zich door deze uitkomst bekocht voelen. Het systeem van Spitzenkandidaten had duidelijk de opkomst bevorderd. Dat de regeringsleiders geprobeerd hebben dit, door ze allemaal voor de hoogste baan terzijde te schuiven, de nek om te draaien, zal de volgende keer mogelijk menigeen doen thuisblijven.

Interessante paradox, juist met het oog op de forse winst van de anti-Europese nationalistische populisten: die achterkamertjes-gang van zaken is enerzijds koren op hun molen, en slaat hen anderzijds juist een wapen uit handen. Het geeft inderdaad voeding aan hun argument dat het er in Brussel schimmig aan toegaat: de kiezer staat buitenspel. Maar tegelijkertijd wordt hun andere anti-Europese argument ontkracht: dat van een oppermachtige centralistische bureaucratie. De uitkomst is nu juist het gevolg van het feit dat de nationale staten de regie hebben teruggepakt – met de totalitaire superstaat Europa valt het dus wel mee.

Hoe dan ook: de grootste partijen hebben zich intussen bij deze gang van zaken neergelegd, ook omdat er nogal wat waardevolle troostprijzen – voor Timmermans en Verstager – zijn uitgedeeld. Alleen de christen-democratische Spitzenkandidaat Weber is al bijna in het niets verdwenen.

Dat verschil in uitkomst met de vorige keer is mede te wijten aan het feit dat Weber – ofschoon volgens de Spitzenkandidaatformule toch de verkiezingswinnaar, want aanvoerder van de grootste Europese fractie – door teveel regeringsleiders als een vrij zwakke kandidaat beschouwd werd, en met dat argument bij voorbaat terzijde geschoven werd. Waarna vervolgens ook de koppen van de concurrentie rolden, omdat het feit dat Merkel Weber had laten vallen, niet door de EVP werd geaccepteerd, en daardoor gaandeweg een veto tegen alle andere Spitzen werd uitgesproken.

In 2014 was zo’n uitkomst voorkomen doordat de christen-democraat Juncker en de sociaal-democraat Schultz hadden afgesproken dat na de verkiezingen de verliezer van hen beiden zich achter de winnaar zou scharen – waarbij hun beider fracties ook nog tezamen de meerderheid hadden en dus deze regeling konden doordrukken. Doordat er ditmaal minder van een tweestrijd sprake was en die meerderheid weg is, werd het nu veel ingewikkelder, wat de in 2014 door het pact Juncker-Schultz buiten spel gezette nationale regeringsleiders de mogelijkheid gaf om de democratisering terug te draaien. Waarbij naast Webers zwakte ook de met diens onvermoeubare opkomen voor de rechtstaat samenhangende omstredenheid van Timmermans in Polen en Hongarije kwam, die Orban nu over diens ‘val’ victorie deed kraaien.

Heeft hij daarmee gelijk, of toch te vroeg gejuicht? Omdat Timmermans intussen als persoon in Warschau en Boedapest persona non grata was, en ongeveer elke zet zijnerzijds als een rode lap op een stier werkte, kan het verstandig zijn om in personeel opzicht met een schone lei te beginnen. Een nieuwe start in Brussel kan in dat opzicht goed zijn voor de verzuurde verhoudingen. Mits althans de nieuwe commissaris die nu voor de rechtstaat verantwoordelijk is, inhoudelijk dezelfde lijn kiest. De post is aan een Tsjech toebedeeld – dat kan dan een goede strategische zet zijn, omdat dan Orban en de zijnen minder makkelijk kunnen klagen dat zij het slachtoffer zijn van Westeuropese arrogantie.

In dat opzicht lijkt er in meer gevallen van een doortrapt-strategische keuze sprake te zijn: een Ier voor handelsrelaties – met het oog op de Britse Brexitpuinhoop een terecht signaal aan Boris’ bende dat Brussel zich niet door Westminster uit elkaar zal laten spelen, en niet zal toestaan dat deze incompetente opsnijder zijn electorale gelijk over de rug van Dublin behaalt. Vervolgens een Griek voor migratie – ook dat is vast geen toeval.

En een Italiaan voor begrotingsdiscipline – opdat Brusselse oekazes niet meer vanuit Rome als Noordeuropese arrogantie kunnen worden afgedaan. Tegelijk is het, met de nieuwe Italiaanse regering ook zeer wenselijk dat die oekazes zeldzamer worden. Als iets de electorale steun voor de nu buiten spel gezette Salvini heeft gevoed en weer opnieuw kan voeden, zijn het die oekazes en de daarachter schuilgaande onverschilligheid voor het lot van de miljoenen Italianen die de concrete gevolgen van de opgelegde bezuinigingen en hervormingen voelen. Salvini dankt zijn populariteit voor een belangrijk deel aan het feit dat hij, anders dan zijn voorgangers, voor die Brusselse druk niet opzij is gegaan en weerstand heeft durven bieden. Dat maakt hem voor veel Italianen tot een nationale held.

Die druk wordt destemeer door de Italianen als onrechtvaardig beschouwd, omdat bijvoorbeeld Frankrijk enerzijds, als Parijs de regels overtreedt, daar wel altijd mee wegkomt, en anderzijds bij monde van Macron snel een hoge stichtelijke toon aanslaat. Dat laatste geldt ook voor de kwestie van de bootvluchtelingen, waar de rest van Europa zeer weinig solidariteit met Rome heeft getoond, en zich lafhartig achter de Dublinverordening verschuilt. Aan dat laatste bezondigt ook Nederland zich steevast.

Brussel en de Noord-Europese landen zouden een grote fout maken als ze met het aantreden van de Europavriendelijke regering-Conte II menen dat zij nu geen rekening met die Italiaanse sentimenten hoeven te houden. Anders haalt Salvini de volgende keer alsnog de absolute meerderheid. Dat is ook iets dat ook alle Wopkes in Den Haag, altijd vooraan om moralistisch met het monetaire vingertje te zwaaien, eindelijk eens ter harte zouden moeten nemen.

Thomas von der Dunk, 18 september 2019

Europese Beweging‘Hoe strategisch denkt de nieuwe Europese Commissie?’ door Thomas von der Dunk
read more

EBN dringt aan op inpassing van ‘Europa’ in het curriculum voor alle leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs

De Europese Beweging Nederland heeft 30 juni 2019 haar advies gegeven aan Curriculum.nu. Curriculum.nu legt de basis voor de actualisatie van het curriculum van alle leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. Wat moeten leerlingen kennen en kunnen? 130 leraren en 18 schoolleiders zijn vanaf begin 2018 in teams bezig om die vraag te beantwoorden. Dit proces loopt door tot het voorjaar van 2019, waarna in het najaar van 2019 de opbrengsten worden gedeeld met de minister voor basis- en voortgezet onderwijs. De minister deelt de opbrengsten vervolgens met de Tweede Kamer voor verdere besluitvorming en om een vervolgproces te bepalen.

Het EBN advies betreft de leergebieden Burgerschap en Mens & Maatschappij.

Hieronder treft u een samenvatting van de bijdrage van de EBN, die een dringende oproep is tot  een systematische  kennisontwikkeling over het Europa van vandaag in het onderwijscurriculum van lagere school, VMO, VMBO, HAVO en VWO.

De volledige bijdrage inclusief de aanbiedingsbrief aan Curriculum.Nu treft u hier aan.

Samenvatting advies EBN

Samengevat is  het advies van de Europese Beweging om te komen tot een systematische  kennisontwikkeling over het Europa van vandaag in het onderwijscurriculum van lagere school, VMO, VMBO, HAVO en VWO. Onderwijs heeft ten doel de jeugd weerbaar te maken voor de toekomst. Daar hoort Europa bij. Het leven van alledag is niet meer denkbaar zonder de Europese Unie. Europese besluitvorming, samenwerking en integratie zijn van directe invloed op leven en werken van onze burgers. Daarvoor zal besef moeten worden gekweekt. De EBN is van mening dat het reguliere onderwijs gelijke tred moet houden met deze werkelijkheid.

Wij hebben ons advies afgerond na een recent rondetafelgesprek met een aantal civil society organisaties, die al vele jaren actief zijn met voorlichting aan scholen en onderwijzers en leraren. Van de onderwijs- en voorlichtingsprogramma’s van deze organisaties heeft de EBN een inventarisatie gemaakt, die u op onze website aantreft. Verschillende van deze organisaties hebben ook concrete voorstellen gedaan in het kader van de herziening van het Onderwijs curriculum.

Naar de mening van deze organisaties, en de EBN,  kan de voorlichting en het onderwijs niet blijven voorbehouden aan de civil society en goedwillende leerkrachten. De impact van de Europese Unie is dusdanig, dat ook het reguliere onderwijs zijn verantwoordelijkheid moet nemen en de Europese ontwikkelingen een herkenbare plaats moet geven in het curriculum, van de lagere school, VBO, VMBO, HAVO en VWO.

 

Europese BewegingEBN dringt aan op inpassing van ‘Europa’ in het curriculum voor alle leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs
read more

In memoriam Mechteld Gerbrandy – Oomen (1967-2019)

In memoriam Mechteld Gerbrandy – Oomen (1967-2019)

We zijn heel verdrietig dat Mechteld Gerbrandy-Oomen, onze dierbare collega, oud EBN-bestuurslid en lid van onze Raad van Advies op vrijdag 31 mei 2019 aan een slopende ziekte is overleden. Het is ook onwezenlijk, want voor het EBN-bestuur stond Mechteld synoniem met levendigheid, intense betrokkenheid, vrolijke daadkracht en prettige nuchterheid om naar complexe Europese ontwikkelingen te kijken. Met humor en de blik vooruit.

Als ‘Europavrouw’ en Deputy Director International Economic Affairs bij VNO/NCW bracht Mechteld een stevige internationaal economische kijk op Europese ontwikkelingen in het gesprek. Telkens trof ons haar interesse om Europa vooral ook sociaal-economisch te ontwikkelen.

Mechteld was tot 2010/11 lid van het bestuur van de EBN en sindsdien een zeer gewaardeerd lid van onze Raad van Advies. Onze gedachten zijn bij haar en haar familie (Gerben-Jan, Casper, Filine, Tymo, die Mechteld nu veel te vroeg moeten missen).

We zijn Mechteld heel erkentelijk voor haar constructieve betrokkenheid, en alle energie die zij in de Europese zaak heeft gestoken.

Moge zij rusten in vrede.

 

Europese BewegingIn memoriam Mechteld Gerbrandy – Oomen (1967-2019)
read more