Activiteiten

28 februari 2019: Boekpresentatie ‘Alfred Mozer, Duitser – Nederlander – Europeaan (1905-1979)’, biografie door Paul Weller

Graag nodigen wij u uit tot het bijwonen van de boekpresentatie van de biografie van Alfred Mozer:

Deze feestelijke bijeenkomst met seminar zal plaatsvinden op donderdag 28 februari a.s. van 16.00 tot 18.00 uur in het nieuwe gebouw van de Haagse Campus van de Leidse universiteit aan de Turfmarkt 99 in Den Haag (300 m. van Den Haag Centraal Station, richting Stadhuis).

Met medewerking van de auteur Paul Weller, en gastsprekers Patrick Dassen (historicus), Jan-Marinus Wiersma (Senior Visiting Fellow Clingendael, vml. MEP en internationaal secretaris PvdA) en Kati Piri (Europarlementariër).

Achtergrond

Alfred Mozer (1905-1979) was een vroege en belangrijke voortrekker van de Europese beweging. Al qua afkomst en levensloop was hij een Europeaan, geboren in München als zoon van een Hongaarse vader en een Duitse moeder. Hij groeide op in een socialistisch milieu en werd een politiek actieve journalist. Hartstochtelijk verdedigde hij de zwakke Duitse democratie tegen het oprukkend nazisme. Al in 1933 moest hij naar Nederland vluchten. Zijn Duitse nationaliteit werd hem ontnomen, hij was ‘onwaardig Duitser te zijn’. Er volgden zeven jaren van politieke ballingschap in Amsterdam en daarna vijf oorlogsjaren in eenzame onderduik in Poortugaal bij Rotterdam. Na de oorlog werd hij Nederlander. Hij sloot zich aan bij de PvdA en werd daar de eerste Internationaal Secretaris. Daarnaast was hij actief in de Europese federalistische beweging en bouwde een indrukwekkend internationaal netwerk op. In 1958 werd hij politiek adviseur en kabinetschef van de eerste Nederlandse Eurocommissaris in Brussel, Sicco Mansholt.

Mozers leven en werk speelden zich af tegen de achtergrond van dramatische ontwikkelingen in Europa: de Eerste Wereldoorlog, de ondergang van de Weimarrepubliek, de Tweede Wereldoorlog. De gevolgen hiervan ondervond hij aan den lijve. Het maakte hem na de oorlog tot een hartstochtelijk pleitbezorger van een verenigd Europa. Niet alleen vanwege de nieuwe dreigingen die voortvloeiden uit de Koude Oorlog, maar ook vanuit een voortdurende zorg over een mogelijke terugval naar oude en nieuwe vormen van eng nationalisme.

Alfred Mozer was een begenadigd en productief spreker en schrijver, die zijn opvattingen met overtuiging en humor overbracht. Dit boek vertelt het verhaal van zijn rijk en veelbewogen leven. Op beslissende momenten toonde hij grote moed en vastberadenheid. Van Duitser werd hij Nederlander en vervolgens een overtuigd Europeaan, die bijdroeg aan de opbouw van het huidige Europa.

Programma

Na een inleiding door de auteur (Paul Weller) zullen drie sprekers (Patrick Dassen, Jan-Marinus Wiersma en Kati Piri) vitale aspecten van het leven en werk van Alfred Mozer nader belichten.

Aanmelden

De toegang tot het seminar is gratis, maar aanmelding wordt op prijs gesteld. Bij volle zaal hebben deelnemers met een registratie voorrang.

RSVP via email: europesebewegingnl@hotmail.com, onder vermelding van Alfred Mozer boek-seminar.

We zien uit naar uw komst,

 

Paul Weller
Uitgeverij Matrijs
Europese Beweging Nederland
Foundation Max van der Stoel (waarin opgenomen de Alfred Mozer Stichting)

Europese Beweging28 februari 2019: Boekpresentatie ‘Alfred Mozer, Duitser – Nederlander – Europeaan (1905-1979)’, biografie door Paul Weller
read more

Coming to Texel: the International Democracy Alive Festival. An interview with Mads Hvid

In the lead up to the European Elections 2019, The European Movement International is the chief initiator of a big Democracy Fest, called Democracy Alive. Preparations are in full swing. We spoke with Mads Hvid, Head Projects and Campaigns, at the EMI office in Brussels, who is now busy around the clock with what already promises to become one of the Must-Go events of 2019.

Democracy Alive festival, that sounds quite exciting. How did the idea arise?

The idea of initiating a European Democracy Festival has been on our minds for a while. But when in February 2018, we held a democracy workshop for 100 activists and experts from all over Europe, and the idea also emerged among their main ideas for how to engage with Europeans, we decided that we had to move on it.

What are the main drivers of/motivators for this festival?

We want to create a space for Europeans to meet with both their elected representatives and with the organisations which everyday are working on influencing the direction of Europe to the benefit of the citizens. We were looking for a place where a fisherman from Texel can have a beer with an MEP from Romania and somebody working for an Italian environmental organization. We didn’t see such spaces anywhere, so we decided to create it.

Why Texel?

We were originally inspired by the Scandinavian tradition of Democracy Festivals. For many reasons these fests often take place on islands. It helps create a unique atmosphere being somewhere out of the ordinary.

We looked at several beautiful places around Europe, places with distinct and small communities, but relatively close to a major airport so it would be accessible for our international participants. Texel quickly became a place we considered seriously. A nd when we reached out to the potential host locations the local people of Texel were incredibly welcoming and constructive. We established a great relationship with the local municipality and tourist office, and they have been incredible partners all through the planning stages.

Since starting our frequent visits to Texel, we have continued to meet the many passionate people on the island, and this has only confirmed that our decision to base the festival on the island was the right one. We are also working as much as we can with local suppliers on everything: from the organizer pavilions and logistics to food trucks, accommodations and decorations. Texel has a vibrant local business scene, and it’s a delight to get to work with people who are so passionate about their home.

There is quite a bit of democratic ‘unrest’ in Europe these days -from yellow vests to new populist movements – how does the festival relate to all that?

We believe that calm and constructive dialogue is the essence of democracy. Unfortunatey, this is often lacking at the European level. DEMOCRACY ALIVE is our attempt to inspire more of such interactions by showing that it can be done; and that the fight for democratic progress can happen over a drink at a festival and not only in a sterile meeting room or on the streets.

What do you hope this festival will contribute to the European elections?

We hope it will be a great starting-shot for the European election campaign. Together with civil society and party activists from across Europe we will be making the final stretch before the elections and boosting motivation to get out the vote.

When would you call the festival a success?

We would be very happy if we have 3 days in April in which we see great conversations taking place and new relationships being forged. We hope everyone will leave with a feeling of hope and excitement about the upcoming elections, and a whole bunch of ideas of how to get fellow citizens feel the same.

If people wish to join, what are their options?

Several organisations have already signed up, from youth and women’s organisations to trade unions, businesses and NGOs – but we are still looking for more. So if your organisation wants to take part, please reach out to us by contacting us either by email or by going here:

https://www.democracyalive.eu/become_an_organiser

If you are looking for how to take part as an individual or if you wish to become a volunteer, www.DEMOCRACYALIVE.eu is the place to go.

See you on Texel in April!!!

 

Europese BewegingComing to Texel: the International Democracy Alive Festival. An interview with Mads Hvid
read more

Publiek kiest Volt Nederland tot EuroNederlander van het jaar 2018

Reinier van Lanschot en Laurens Dassen van Volt Nederland hebben vanavond de EuroNederlander van het jaar 2018 Award in ontvangst genomen. Dit gebeurde tijdens een feestelijke bijeenkomst van de Europese Beweging Nederland in Nieuwspoort, Den Haag. Deze bijzondere prijs wordt jaarlijks toegekend door de Europese Beweging Nederland aan Nederlanders die Europa actief onder de aandacht hebben gebracht en met hun inzet en activisme anderen hebben geïnspireerd. Een jury nomineert een aantal kandidaten, het publiek kiest online.

Het afgelopen jaar is door heel Europa een beweging van jongeren opgestaan die zichzelf in sneltreinvaart als nieuwe progressieve beweging voor Europa presenteren. Met zes samenhangende kernagenda’s (Burgeremancipatie, Slimme Staat, Echte Gelijkheid, Economische Renaissance, Wereldwijde Balans harten veroverd van mensen die met Europa, Hervorm en Versterk de Europese Unie) heeft Volt al vele harten veroverd van mensen die vooruit willen: niet op een eiland, maar midden in de wereld en met het oog op de toekomst.

Uit het juryrapport: “De Volt jongeren zijn van de Erasmus generatie en willen vooruit. Ze hebben besloten niet te wachten tot de grote kluwen van samenhangende uitdagingen in de wereld en in Europa door iemand anders of door de instituties wordt opgelost. Ze willen zelf aan de bak. Het enthousiasme waarmee deze – vooralsnog volledig vrijwillige – organisatie mensen tot in de late uren weet te mobiliseren voor een betere toekomst wekt grote waardering. Volt’s werkwijze is vanaf dag 1 pan-Europees… en dat blijkt dus te kunnen.”

De andere genomineerden waren:

  • Flor Avelino, Wetenschappelijk directeur Transition Academy, DRIFT, Erasmus Universiteit
  • Adriaan Korthuis, Climate Focus
  • Luuk van Middelaar, historicus, filosoof, hoogleraar Universiteit Leiden, columnist
  • Jesse Pinster, Europa-verslaggever BNR Nieuwsradio

Over de genomineerden kunt u meer lezen via www.europesebeweging.nl/nominaties-euronederlander-award-2018-bekend/

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Mark Zellenrath (0683985645) en Godelieve van Heteren (0655197342)

Europese BewegingPubliek kiest Volt Nederland tot EuroNederlander van het jaar 2018
read more

EBN inventariseert initiatieven die gericht zijn op versterking van Europese waarden

Bij de komende Europese verkiezingen tekenen zich in het politieke spectrum meer dan in het verleden duidelijke scheidslijnen af, met name die tussen voorstanders en tegenstanders van verdieping van het Europese integratieproces, of zelfs die tussen voor en tegen EU- lidmaatschap. Er zal dus kleur moeten worden bekend. In het artikel hieronder gaat Joost van Iersel in op enkele fundamentele dilemma’s onder meer inzake identiteit en Europese waarden. Wij zijn het eens dat een bredere kennis onder de burgers van de Europese gang van zaken een beter zicht zal opleveren op wat Europa wezenlijk betekent. Daarom ondersteunen wij het idee voor een inventarisatie van alle initiatieven in Nederland die daartoe bijdragen. Lezers die deze inventarisatie willen aanvullen, nodigen wij bij deze gaarne uit tot een reactie.

Meer aandacht nodig voor Europese waarden

door Joost van Iersel

In de opmaat naar de Europese verkiezingen zullen zich naast verschillen van mening in het traditionele partijenlandschap ook de tegenstellingen tussen open Europees georiënteerde en gesloten nationale opvattingen verder accentueren. Het is paradoxaal dat de steeds toenemende wederzijdse afhankelijkheid in Europa hand in hand gaat met een hardnekkige nationale naar binnen gerichtheid van de publieke opinie. Anti-Europese gevoelens en groeperingen staan een erkenning van een Europese identiteit danig in de weg. Daartegenover zijn er ook veel initiatieven die juist de andere kant op wijzen. Die zijn echter minder zichtbaar. Er is alle aanleiding om juist aan die initiatieven meer ruchtbaarheid en profiel te geven.

1. Context

In het algemene spraakgebruik wordt de Europese samenwerking veelal als een economisch project aangemerkt. Nu het economisch voor de wind gaat, voelt de bevolking zich tamelijk wel in en met de Europese Unie ondanks dat er veel te verbeteren valt. Ditzelfde beeld weerspiegelt zich grosso modo over het hele continent. Valt de economie echter terug, dan verbleekt het imago van Europa onmiddellijk. Cultureel en emotioneel is men niet op Europa betrokken. Daarom wordt er vaak in één zin aan toegevoegd, dat ‘Brussel’ zich met zo weinig mogelijk moet bemoeien en zich niet moet inlaten met, hoe wij hier de zaken regelen. Vooral nu steeds meer nieuwe onderwerpen in beeld zijn gekomen, zoals banengroei en vaardigheden, migratie en vluchtelingen, klimaat en energie-transitie, buitenlandse politiek en handelsvraagstukken, veiligheids- en defensiebeleid, terrorisme en criminaliteit, en recht en rechtshandhaving, komt uitdrukkelijk de vraag op tafel, tot hoever het proces van Europese eenwording kan en moet gaan. Wat houdt die eenwording idealiter in? Veel mensen willen zelfs van eenwording niet spreken. In het landelijk politiek debat bestaat er weinig klaarheid over. In de publieke opinie gaat het meestal over vage noties. Politieke tegenstellingen in eigen land zowel als ingewikkelde Europese besluitvorming en onderling scherp afwijkende posities van lidstaten dragen evenmin tot verheldering bij.

De uitdrukking economisch project is niet gelukkig. Ten eerste is Europese integratie of intensieve Europese samenwerking vóór alles politiek van aard, ook al is de economie wel het belangrijkste voertuig, zie het dominante belang van de Interne markt en de EMU. Ten tweede is het geen project, maar gaat het om een ingewikkeld samenstel van processen. Zoals hierboven aangegeven, is de boom van de Europese samenwerking of integratie is steeds breder vertakt. Regeringen, economische en sociale actoren, maar ook NGO’s van allerhande aard zowel als onderwijs- en onderzoekinstellingen en de gezondheidssector werken, samen met de Europese Instellingen, in uiteenlopende mate aan verdieping van de samenwerking. Zo ontstaat een ingewikkeld bouwwerk waarvan bepaalde vitale onderdelen vergaand worden geëuropeaniseerd, terwijl andere onderdelen zich in een (veel) beperkter stadium van gemeenschappelijke ontwikkeling bevinden. Er zijn ook tal van terreinen daarbuiten, die onder puur nationale of regionale verantwoordelijkheid blijven. Tot waar mag de besluitvorming in Brussel zich uitstrekken? Er bestaan flinke meningsverschillen in de landen zelf en tussen de lidstaten. Dit roept dan het beeld op van een Europese processie van drie passen naar voren en twee achteruit met op sommige gebieden ook langdurige stagnatie.

Overzien we echter het hele beeld over decennia, dan blijken de regeringen met het oog op de belangen van de burgers, van de politieke stabiliteit op het hele continent en van de economische weerbaarheid van Europa, al dan niet noodgedwongen, steeds nieuwe loten aan de stam van Europese samenwerking te hebben toegevoegd. De intensiteit van dit proces is voornamelijk afhankelijk van nieuwe en onverwachte uitdagingen. De creatie van de EMU hing rechtstreeks samen met de eenwording van Duitsland in 1989. De diepe crisis vanaf 2007 zorgde voor een verdieping van de EMU en voor de Bankenunie. De verhoogde aandacht voor klimaat en energie wordt ingegeven door ernstige zorgen over CO2 en de Klimaatdoelstellingen van Parijs. Veiligheid, buitenlandse politiek en defensie zijn van recente datum, maar niet meer van de agenda weg te denken als gevolg van internationale criminaliteit en terrorisme enerzijds en het vluchtelingen- en migratievraagstuk anderzijds. Ook neemt het bewustzijn snel toe, dat Europa in een vijandige wereld steeds meer zijn eigen boontjes zal moeten doppen, iets waarover vroeger nauwelijks werd nagedacht. Dit gevoel wordt versterkt door de achterstand die Europa dreigt op te lopen ten opzichte van zowel China als de VS op het terrein van de digitalisering en artificiële intelligentie met alle mogelijke economische en zelfs geopolitieke gevolgen van dien.

2. Paradox

Zo zien we dat nieuwe uitdagingen en gebeurtenissen de agenda aanzienlijk uitbreiden. De besluitvorming houdt hiermee geen gelijke tred. In de eerste plaats wordt dezelfde realiteit in de lidstaten vaak heel anders wordt beleefd. De historische en culturele achtergronden zowel als het niveau van de ontwikkeling lopen danig uiteen. In de tweede plaats lopen de prioriteiten van de landen niet parallel. Het vluchtelingenvraagstuk is misschien wel het meest evidente voorbeeld, maar in meerdere of mindere mate is het op andere gebieden vaak vergelijkbaar. Het is voor de Commissie een heidens karwei om alle landen in hetzelfde gareel te houden. Dit is nog meer een probleem, omdat op gezette tijden de nationale soevereiniteit van stal wordt gehaald als een duidelijke piketpaal van hier en niet verder. Het hele circuit van nationale en andere media helpt ook niet echt. Integendeel, juist daarin kristalliseren zich eigen posities en vooroordelen jegens anderen, die op hun beurt weer het nationale debat voeden en eerder tegenstellingen accentueren dan consensus bevorderen. En, zoals het vaak gaat, worden in de publiciteit en in het publieke debat negatieve aspecten behoorlijk uitvergroot, terwijl men evenmin terugdeinst voor de nodige scheuten fake news. Brexit is hiervan een dramatisch schoolvoorbeeld, maar ook elders liggen voorbeelden voor het oprapen, zie maar eens dicht bij huis, hoe het in Nederland jarenlang gelopen is.

De paradox is derhalve dat de Europeanen om aanwijsbare redenen op tal van gebieden steeds meer op elkaar zijn aangewezen, maar dat het Europese bouwwerk onaf is en, wat erger is, nog steeds fragiel in de stijgers staat en bedreigd wordt door het uit elkaar drijven van de lidstaten. Daar wordt niet voor niets van veel zijden voor gewaarschuwd. Terecht wordt daarom verwoed geprobeerd het debat over de geloofwaardigheid, de legitimiteit en de verantwoordelijkheid van de Unie en haar Instellingen aan te jagen.

3. Beleefde identiteit en gedeelde waarden

Ik wil het in deze korte bijdrage ook over een andere boeg gooien met het oog op een aspect, dat ik wil samenvatten onder beleefde identiteit en gedeelde waarden. Tegenstanders van de integratie betogen vaak, dat vergaande integratie noch wenselijk noch voorstelbaar is, omdat die een demos veronderstelt, die niet aanwezig is. Europa is geen volk en daarom kunnen we misschien wel op een aantal terreinen tot betere afstemming komen, maar is datgene wat supranationaal politiek gedragen moet worden in feite taboe. Het enige wat ons blijft is de nationale gemeenschap, in dit verband een tautologie voor demos. Op deze laatste stelling valt al heel wat af te dingen, maar het gaat mij hier om één specifiek element, en dat is het uitsluitend verband tussen identiteit en nationale gemeenschap.

Het lijkt me dat in ieder mens meerdere gelaagdheden schuilen, en daarmee meerdere identiteiten en meerdere loyaliteiten. Iemand kan als goed Hagenaar ook goed Nederlander zijn, daar is geen tegenstelling tussen, in de meeste gevallen is het juist een verrijking. Dat geldt evenzeer voor gedeelde identiteiten als lid van een zangvereniging, een sportclub, een regio en een stad. Die gelaagdheid van verschillende identiteiten zal niemand als een tegenstelling ervaren. De simpele vraag is, waarom een dergelijke blokkerende tegenstelling dan wel zou bestaan tussen het zijn van Nederlander en het zijn van Europeaan? Vanwaar die verkramptheid? De tegenstelling is niet met de natuur gegeven, zij bestaat, omdat zij ofwel kunstmatig wordt opgeroepen ofwel omdat er geen moeite wordt gedaan om beide identiteiten in elkaars verlengde te zien. Het is juist op dat laatste punt dat er heel wat achterstallig onderhoud bestaat, wat tot vooroordelen en wantrouwen leidt tussen volkeren of publieke opinies in plaats van tot openheid, waardering en respect. Het bevordert daarentegen tot naar binnen gerichtheid van landen en roept populisme en negativisme ten opzichte van De Ander op, die hun uitwerking in het politieke veld niet missen. Terwijl de Europeanen meer dan ooit op elkaar aangewezen zijn, kleurt het benadrukken van het eigene en nationale het zicht op alles wat daarbuiten is, negatief. Omdat deze trend in alle landen in verschillende soorten en smaken voelbaar en zichtbaar is, lijken oost en west en noord en zuid soms verschillende planeten. Brussel staat in die visie sowieso in een kwaad daglicht.

Identiteit hangt nauw samen met gedeelde waarden. Die wezenlijke waarden zijn er wel degelijk, maar zij worden vaak onder de mat geschoven. De belangrijkste waarde was vanaf het begin na de oorlog het garanderen van het vredig samenleven van de volkeren. Dit is gelukt. Maar verdere ontwikkeling heeft nadere invulling gebracht. In aansluiting op het economisch integratieproces zijn Europese waarden als democratie, rechtstaat, vrijheid van meningsuiting, mensenrechten, solidariteit en inclusiviteit, menselijke integriteit en individuele privacy, als fundamentele beginselen in onze samenleving erkend. Deze gelden ongeacht godsdienst, ras en geslacht. Zij liggen ook als zodanig neergelegd in de Europese Verdragen. Waar zij kan, probeert de Commissie als hoedster van de Verdragen om deze beginselen in al onze landen gestand te doen. We zien dit in de acties jegens Polen, Hongarije en nu dan ook Roemenië. Deze beginselen geven een concrete invulling aan de eigen identiteit van Europa. We hoeven echt maar één stap buiten ons eigen continent te zetten om te zien dat zij ofwel geheel ontbreken of bij het minste of geringste worden verkwanseld. Het zijn juist deze beginselen die de gelijke gerichtheid van de lidstaten, de common sense of purpose, in het Europese integratieproces, moeten schragen als vast fundament voor de toekomst. Het is bepaald geen rozengeur en maneschijn en ingewikkelde dilemma’s maken het evident niet gemakkelijk, maar het gaat vóór alles om de grondhouding van onze gezamenlijke verantwoordelijkheid en van de noodzaak van gezamenlijke oplossingen.

4. Initiatieven met het oog op kennis over Europa

De tegenstelling tussen de Europese en nationale oriëntatie krijgt een steeds scherper profiel, met name als gevolg van de financiële crisis en haar naweeën en het vluchtelingenvraagstuk en in dat spoor de verhouding tot de Islam. Een grote en luidruchtige minderheid in de Europese publieke opinie verwijt juist Europa dat er onvoldoende probate oplossingen voor die geweldige problemen zijn aangedragen. Anti-Europese partijen en groeperingen maken van de gelegenheid volop gebruik om zich vast te nestelen in de publieke opinie en zij hebben van daaruit ook de nodige invloed op gematigde en centrumpartijen, waardoor de broodnodige Europese gerichtheid in de meeste landen behoorlijk onder spanning staat. Brexit is hiervan het meest flagrante voorbeeld en ook stroeve onderhandelingen in Brussel spreken voor zich.

Hier tegenover staan gelukkig ook veel initiatieven, die juist de andere kant op wijzen en die borg staan voor wat hierboven is gezegd over Europese identiteit en haar waarden en voor het belang van gelijke gerichtheid. Maar deze zijn in de regel veel minder zichtbaar. In de opmaat naar de Europese verkiezingen, waarin tegenstellingen zich juist zullen uitkristalliseren zou veel meer ruchtbaarheid aan deze initiatieven te geven, die ze dan ook meer profiel geven. Ik overzie maar een beperkt deel van wat er op scholen en anderszins aan activiteiten ontplooid wordt. Europa in het onderwijs, als onderdeel van het reguliere curriculum, is in Nederland nooit aangeslagen. Gezien onze afhankelijkheid van onze nationale lotsbestemming van wat we gezamenlijk binnen dit continent en mét dit continent in de wereld voor elkaar brengen, is dit in mijn visie een strategische misser. Maar misschien hebben individuele scholen eigen interessante initiatieven. Laten die ermee voor de dag komen! Een langjarig initiatief van Buitenlandse Zaken is het op aanvraag van scholen van alle categorieën voorlichting te laten verzorgen vanuit een pool van 150 ambtenaren voor klassen. Die voorlichting is vaak ook weer gekoppeld aan schoolprojecten. De Nederlandse Jeugdraad behartigt het belang van jongeren in Europees verband, verzorgt ook gastlessen en zet zich in voor Europa in het curriculum op scholen. Nuttig is ook het onderwerp aan de orde stellen op docentendagen. De Commissie is de afgelopen jaren steeds actiever geworden. Aangemoedigd door het ongekende succes van het Erasmusprogramma, waarvan miljoenen jonge Europeanen en ook talloze docenten profijt trekken, stelt de Commissie voor de periode 2021-’27 een budget voor van €31 miljard voor Erasmus+. Op initiatief van het EP bestaat sinds 2017 in Brussel het Huis van de Europese Geschiedenis, dat naast een indrukwekkende presentatie van ontwikkelingen van de jongste geschiedenis van Europa ook plaats biedt voor ontmoetingen en symposia voor met name historici. Zie ook initiatieven als de Culturele Hoofdsteden en Europees Erfgoed naast zijn sterke particuliere tegenvoeter Europa Nostra.

Deze enkele voorbeelden kunnen nog verveelvoudigd worden met die van veel andere organisaties en bedrijven, die zorgen voor verbreding van kennis en bewustwording van wezenlijke aspecten van het Europese integratieproces. Zij worden gevoed door een gemeenschappelijke visie en staan borg voor een beleefde Europese identiteit en gedeelde waarden in lijn met gemeenschappelijk gedragen belangen. Juist in de opmaat naar de komende verkiezingen zou het de moeite waard zijn, wanneer het totale beeld door alle betrokkenen ook eens duidelijk wordt neergezet.

Joost P. van Iersel

Den Haag,
18 Oktober 2018

Europese BewegingEBN inventariseert initiatieven die gericht zijn op versterking van Europese waarden
read more

New foundations for Europe everywhere in the making. An impression of ‘Sharing Europe’, The Hague 24-25 May, 2018

May 26, 2018 – If the weather was an indication of anything, the Sharing Europe – Congress of The Hague 2018 ended Friday night May 25 on a very sunny note. For over 2 days, around 550 delegates from 20 European countries and beyond: thinkers, doers, officials and activists, old and young Europeans met in The Hague for a collective exploration of our common ground in addressing the current major transformations more constructively together and imagining the future of our continent, and the world.

The immediate occasion was of the commemoration of the 70th anniversary of the famous Congress of The Hague of 1948, where European of that era met in the same city, The Hague, to discuss how to rebuild Europe after two devastating world wars. Times have changed tremendously, but then again, they also have not. For human core needs and anxieties change only very slowly. Few people like hunger, warfare, being isolated, being destitute, being marginalized. Few people like to be dehumanized. Most people do wish some place in the sun.

So while economic conditions have shifted considerably and climate pressures, sustainability issues and challenges in social relations are rapidly mounting, basic human needs do not shift so drastically.  Sharing Europe tried to foreground the vitality of many current citizens’ initiatives, dealing with our times. We were very happy to welcome ambassadors and representatives of 15 European embassies, representatives of cities and urban networks and associations fostering a range of urban innovation programs (such as Frank Vieveen, Smart City Lead City of Rotterdam, Marc Sanderson, Technical Director of Malaga City Council, Bas van den Barg, VNG (Association of Dutch Municipalities), Dr. Adham M Darawsha, First President of the Consulta delle Culture, City of Palermo. We were happy to collaborate with the Global Parliament of Mayors, whose secretariat is hosted at the City of The Hague. We heard from top notch creative leaders and critical thinkers, such as James Bradburne (director Pinacoteca Brera in Milan) and Wim Pijbes (former director Rijksmuseum, now Dream and Do) as seasoned cultural leaders, Margareta Drzeniek of the Davos Economic Forum, Joanna Maycock, Montserrat Mir, Anne Widegren, Winand Quaedvlieg, Paul Peters, Alexander Verbeeck, Jan Zielonka, Jeremy Waters, Maria Heider and Marina Monaco, reflecting the daily experiences of change in many European social networks, and reflecting on what people can contribute anew in these transformations. We saw and heard many representatives of collectives of young journalists and new European initiatives that try to capture the new spirit in Europe (such as Ties Gijzel of Are We Europe and Coen van de Ven and Johannes de Bruycker of the Caravan’s Journal, or Volt), young academics and public intellectuals who are moving to the forefront of tackling our major challenges together by new means (such as earth scientist Sebastian Bathiany, sustainable transitions prof Flor Avelino, European commons movement leader Sophie Bloemen, digital legal expert Jonathan McCully, Charlot Schans of Pakhuis De Zwijger, Josien Pieterse of Network Democracy with her Madrid counterpart Miguel Arana Catania, Sabina Biesheuvel of BlueCity, or our Ridderzaal keynote speaker Felix Klos who rearticulated what European commitment could look like, anew). We welcomed singer Azeline Calister and guitarist Ed Verhoeff, story teller Ogutu Muraya. And many many others, participants, Europeans and world citizens who wish to contribute to better interactions for better futures. Looking at all these contributors reflected that Europe as soft force, as transformational and as a beacon of hope is still possible.

So it was for good reasons that during our meetings, the  ‘Agora’ concept was revived. Agoras are places where people meet, dialogue, debate, negotiate, trade, take time for each, do politics, and take a coffee or a wine together. Piazza, plaza, square, plein, agora… Europe has long been full of those places where people can really meet and take time to reflect, meet and laugh. We do need to cherish those public spaces, for they are the places where democracy can take shape.

Both in the congress part of the event on Thursday May 24, and in the special Ridderzaal ceremony on Friday and the open Plein (Parliament Square) lunch, the spotlight was firmly on dialoguing, debating, taking time for the great transitions of our days and for each other. And in the many encounters that followed of a wide variety of people who wish to contribute to better futures for all in Europe, the seeds of change became very clear. Concrete, tangible, in civic networks, in new connections, in new inspirations. This Europe is already in the making. It is ongoing, despite all the challenges and set backs.

Many speakers called for capturing this new foundational moment for Europe Not in a bubble, but very rooted, in concrete alternatives for current policies that may be too extractive of exclusionary. We were therefore very happy to have political representatives with us as well. Europarliamentarians Eva Maydell (also President of the European Movement), Paul Tang, Brando Benifei and Jo Leinen. We were honoured with the presence of Joris Backer, vice-chair of the Dutch Senate, which hosted our Ridderzaal ceremony, prof. Piet Hein Donner, vice-president of the Dutch Council of State and deputy Mayor of The Hague, Tom de Bruijn. And of course we felt extremely honoured and pleased by the presence of the Dutch deputy prime Minister, mrs. Kajsa Ollongren, who delivered the keynote VIP speech in the Ridderzaal on behalf of the Dutch government.

So the 70th anniversary of the first Congress of The Hague, this 2018 edition Sharing Europe will be a very memorable one. We are at crossroads in Europe. Old values: of equity, inclusion, freedom, solidarity, have not lost their pertinence. But institutional forms, relations and modus operandi will have to change. Many participants called for ‘daring to be ambitous’. Listening carefully to much of what was being exchanged, ‘daring to be ambitious’ in our time and age also means daring to be more open, more generous, more genuinely curious to differences, embracing diversity, being kind, civil, and being more humble, creating new spaces in the sun, and being rooted and related, to the real lives of real people.

The Congress of The Hague 2018 highlighted that such a more constructive Europe is possible and willed by many citizens. In fact, it is everywhere in the making. A new foundational moment for Europe: it is possible: let’s Action This Day!

EBN Board
Godelieve van Heteren, Mark Zellenrath, Laura Fruhmann, Kim de Jong

WORD OF THANKS
EBN and the EMI would like to thank our partners and all other contributors: The Dutch Ministry of Foreign Affairs (Wicher Slagter); The City of The Hague (Kevin Verbaas, Martin Born, Frans van Bork, Caroline Schep, Paul Verhoeff), the Dutch Senate (Ankie Broekers-Knol, Geert Jan Hamilton, Annelies Pilon, Fred Bergman, Ronald Berghouwer, Rene Prins), the Liaison Bureau of the European Parliament (Danny de Paepe, Kristina Dimitrova, cc Eduard Slootweg), Meriam Evers-Oortwijn and Mathijs Eskes of the Bureau ‘Grafelijke Zalen’ en Johan de Witt Huis, The Representation of the European Commission (Caroline Richelle), Eveline van Boxel and the Board of the University of Leyden – Campus the Hague, the staff of the International Press Center Nieuwspoort, Europa Nostra, the European College of Brueges and many others: all speakers, Ben Lachhab van Resto Van Harte, colleagues of the security services RBO and Crowd Support, Bart Ter Mate and the Plein entrepreneurs, Marc Noble and colleagues of More Stage Services and podium crew, designer Reier Pos, Joshua Bolwerk of Bolwerk Media and filmer A. Fruhmann, Pieter Brooymans and technicians of GIT, Azeline Calister and Ed Verhoeff, Ogutu Muraya, moderators Rocky Tuhuteru and Mendeltje van Keulen, and all volunteers for their dedication and support to this event.

Without their efforts and input there would not have been a program!

For a retrospect of the Sharing Europe festival:

  • An overview on the European Movement International website is here.
  • The  livestream of the conference is here 
  • The Sharing Europe trailer is here
  • And this a link to the keynote speech by Minister Ollongren, deputy Prime Minister of the Netherlands at the Sharing Europe festival

 

Europese BewegingNew foundations for Europe everywhere in the making. An impression of ‘Sharing Europe’, The Hague 24-25 May, 2018
read more

‘Sharing Europe’: het Congres van Den Haag, 24-25 mei

24 en 25 mei is het zover en vindt in Den Haag de 7e editie van de tienjaarlijkse herdenking van het Congres van Den Haag plaats. Elk decennium houden we samen met de EMI deze herdenking, en iedere tien jaar reflecteert deze gebeurtenis ook de grote veranderingen op ons continent en in de wereld.

De belangrijkste inspiratie van het aanstaande speciale congres – dat we Sharing Europe/Congres van Den Haag 2018 noemen – is duidelijk. Net als bij het eerste Congres van Den Haag in 1948, toen Churchill in de Ridderzaal zijn fameuze pleidooi hield voor een ‘unie van mensen’ in Europa, bevindt Europa zich opnieuw op een fundamenteel kruispunt. Net als in 1948 beleven we een fundamenteel moment van herijking, institutioneel en praktisch, waarbinnen nieuwe toewijding en onze eigen keuzes van vitaal belang zijn.

De wereld is gespannen. Overal zijn diepe transformaties gaande, ecologisch, sociaal-economisch, politiek. Mensen worstelen met de uitdagingen die alle veranderingen teweegbrengen. We zien op veel plekken de maatschappelijke fall-out.

Er is grote behoefte aan nieuwe inspiratie, het opnieuw formuleren van de kern van de zaak – als mensen: minder partijdig, minder gepolariseerd, meer met het oog op de toekomst. Er is geen tijd te verliezen. We moeten veel verder gaan dan de verschanste discussies, de dode frames en de vele niet-productieve vormen van tweespalt. We moeten ook veel dieper durven analyseren waarom we dat nog niet genoeg doen.

Sharing Europe/Congres van Den Haag 2018 zet de schijnwerpers vol op het andere ‘mogelijke Europa van mensen’, waaraan een breed scala aan individuen en maatschappelijke bewegingen al lang bijdraagt: met innovatieve ideeën en hands-on engagement, met nieuwe verbeeldingen en verbindende verhalen. Het is geen eenvoudige taak, maar zo’n verschuivend focus kan ook veel energie geven. In heel Europa werken mensen, organisaties en netwerken aan rechtvaardige en meer inclusieve manieren van leven, met meer aandacht voor mens en planeet.

Als Europese beweging, een van de oudste naoorlogse Europese verenigingen, maken we graag deel uit van zulke constructieve nieuwe funderingsinspanningen. Niet met een roze blik, maar realistisch (en ervaren) in het licht van de moeilijke omstandigheden van ongelijkheid en uitsluiting die veel mensen dagelijks beleven. We willen samenwerken aan het hoognodig herbronnen van Europa en aan praktische oplossingen.

In Sharing Europe voeren we daarom een aantal cruciale gesprekken rond alle kiemen van verandering die zichtbaar zijn. We werken samen met zeer ervaren mensen en enthousiaste jongeren, die zich bezighouden met democratie, nieuwe economische en sociale arrangementen, met duurzaam leven; met security4all, een breder veiligheidsbegrip, en met betere manieren om met onze mobiele en cultureel diverse wereld om te gaan.

Sharing Europe / Congress of The Hague 2018 is dus geen traditionele conferentie waarin experts de wereld uitleggen aan gewone stervelingen. Het is een ‘meeting of minds’, een uitwisseling van rijke ervaringen die vele mensen met zich meedragen, een collectief nadenken over de toekomst, vanuit allerlei praktijken, en liefst voorbij de clichés. De Sharing Europe/Congres van Den Haag agoras en panels zijn open voor iedereen die betere alternatieven zoekt voor de huidige situatie in Europa, waarin te veel mensen zich niet meer verbonden voelen.

Dit is daarom ook niet het zoveelste ‘evenement’. Sharing Europe eindigt niet op 25 mei. We hebben het Sharing Europe-motto geadopteerd als geuzenkreet om het te blijven gebruiken in de aanloop naar 2019, en om ons met constructieve initiatieven te verbinden en deze onder de aandacht te blijven brengen, ook in de aankomende verkiezingstijd.

Het is dus ook niet zomaar dat we het belang van ‘betere verbindingen’ in het komende Congres van Den Haag zo benadrukken. Dat gaat om bruggen slaan en het creëren van voldoende tijd en ruimte om thema’s gezamenlijker te verkennen dan nu vaak het geval is. Onze politieke economie is er een van felle concurrentie en meedogenloze druk voor individuele en institutionele zelfpromotie. Alleen als we op een veel intelligentere manier samenwerken, rekening houdend met de tijd die verandering vergt, en daarbij de diversiteit van mensen respecteren, slagen we er wellicht in de voornaamste veranderingen in onze wereld op een zinvolle manier aan te pakken.

Het tweedaags Sharing Europe programma bestaat uit een serie cruciale dialogen over zes thema’s. In zes agora’s, vier panels, een feestelijke ceremonie van de Ridderzaal met Europese maatschappelijke leiders, een openbare Sharing Europe lunch op het Parliament Square Sharing Europe met podium & living lab komen deze thema’s steeds terug. We sluiten op vrijdagavond 25 mei van 18.30-20.00 af met een persmoment/borrel in Perscentrum Nieuwspoort. Tijdens die persconferentie zal de Sharing Europe / Congres van de Den Haag-resolutie worden gepresenteerd en de campagne Sharing Europe worden gelanceerd.

Programma
Het programma van Sharing Europe/Congress of The Hague is te volgen op de EMI weblink: sharingeurope2018.eu, waar de komende week elke dag updates zullen worden bijgeschreven.

Europese Beweging‘Sharing Europe’: het Congres van Den Haag, 24-25 mei
read more

‘Sharing Europe’, 70 jaar Congres van Den Haag

Elke 10 jaar organiseren de Europese Beweging en de stad Den Haag de herdenking van het beroemde Congres van Den Haag in 1948, waar de basis werd gelegd voor de Europese integratie en de Europese Beweging.

Om de zeventigste verjaardag van het Congres van Den Haag te markeren, komen vertegenwoordigers van burger bewegingen, maatschappelijke organisatie, politieke partijen, academici, bedrijfsleven, vakbonden, jeugdorganisaties, lokaal bestuur en milieubewegingen uit heel Europa bij elkaar. We willen de geest van 1948 doen herleven, en bijeenkomen met een gevoel van optimisme en doelgerichtheid om te debatteren over de richting die Europa zou moeten inslaan om de sociale, economische, milieu- en geopolitieke uitdagingen van onze tijd aan te pakken.

Het tweedaagse festival staat open voor iedereen, is toekomstgericht en verbindt een breed scala van maatschappelijke netwerken. Het festival bestaat uit 5 ‘stromen’: Citizens Debate, Citizens Challenge, Citizens Imagine, Citizens Build en Citizens Connect. We willen laten zien hoeveel burgerinitiatieven en bewegingen er zijn die een vitale rol spelen in de grote transities in Europa. Het festival biedt ruimte voor constructieve dialogen, met name over onderwerpen die Europa nu verdelen. Tijdens het festival willen we die kloven overbruggen en een bijdrage leveren aan het gezamelijk aan de toekomst bouwen.

Het tweedaagse festival op 24 en 25 mei is het hoogtepunt van een groot aantal Sharing Europe evenementen, die in februari van start zijn gegaan, en die de dialoog in gang zetten voor het festival zelf.
Het festival is niet ‘partijdig’, maar richt zich op een creatieve dialoog, het zichtbaar maken en ontwikkelen van innovatieve ideeen, toepassingen en samenwerking

De context van Sharing Europe
In 2018 vindt Europa zich op een historisch kruispunt. Het is duidelijk dat de economische en culturele impact van globalisering, de geopolitieke machtsverschuivingen, de razendsnelle technologische en sociale veranderingen voor iedereen voelbaar worden. Regionale conflicten en migratie oefenen enorme druk uit op grote groepen mensen, die velen het idee geven nergens meer bij te horen. Sommigen reageren door het vertrouwde te zoeken: in veel landen zien we neonationalistische bewegingen ontstaan. Het constitutionele verhaal van de Europese Unie vindt weinig weerklank meer bij veel burgers. Tegelijkertijd heeft de Europese samenwerking veel tot stand gebracht en ervaren we dat al vanzelfsprekend. Een terugtrekkende beweging maken is niet de beste optie.
Waarden als solidariteit, gelijkheid, broederschap en vrijheid hebben hun relevantie niet verloren. Integendeel. Maar het is duidelijk dat dit een tijd is waarin fundamentele veranderingen plaatsvinden en naar nieuwe bronnen van inspiratie wordt gezocht: in nieuwe ‘narratives’, ook in –heel concrete- nieuwe toepassingen, vormen van samenwerking en in het experimenteren met nieuwe instituties.

Informatie over het programma vindt u op de speciale Sharing Europe website: http://sharingeurope2018.eu/

Europese Beweging‘Sharing Europe’, 70 jaar Congres van Den Haag
read more

Dreigt door de Duitse Groko nu Europese overmoed?

 

 

In Berlijn zijn ze er (voorlopig) uit, en in Brussel haalt men vast opgehaald adem: de GroKo, de Große Koalition van de twee Europagezinde oude volkspartijen CDU/CSU en SPD wordt, ondanks zwaar verlies van alle drie bestanddelen bij de jongste Bondsdagverkiezingen, voortgezet. Mits de SPD-leden ermee instemmen, en dat is nog niet gezegd.

Die staan in elk geval voor een onmogelijk dilemma, want aan beide keuzes kleven grote risico’s. Afwijzen zou Duitsland nu in politieke chaos kunnen storten, instemmen mogelijk hetzelfde over vier jaar. Waar de Duitse christen-democraten en sociaal-democraten een paar decennia samen ruim boven de tachtig procent van de kiezers scoorden, is dat aandeel nu gedaald tot amper de helft. Dat is niet zonder oorzaak. Een nieuwe GroKo zou, omdat zij beide partijen nog meer kleur doet verliezen en zo mogelijk nog meer kiezers naar de randen zal verjagen, wel eens in 2022 voor een gezamenlijke score ónder de helft kunnen zorgen, en dan keert de ‘Weimar’-paniek van de afgelopen maanden nog veel heviger terug.

Het is dus de keuze tussen instabiliteit vandaag en mogelijke instabiliteit op termijn. Inhoudelijk hebben de SPD-leden, omdat Merkel om het eerste te vermijden tot grote concessies – zowel qua regeringsprogram als qua regeringspersoneel – bereid bleek misschien niet veel redenen om voortzetting van de samenwerking af te wijzen, en daarom weinig andere keus dan om zuchtend accoord te gaan, maar uit politiek oogpunt zijn dergelijke GroKo’s ongezond.

Het versterkt bij veel burgers de indruk van een partijkartel dat, vernietigende kiezersuitspraak of niet, per se aan de macht blijft vasthouden, en daar spint de AfD garen bij. Dat is – en dat was indertijd één van de redenen van Schulz om ‘nee’ te zeggen – als gevolg van de vaandelvlucht van de FDP nu al de aanvoerder van de oppositie. Met haar tegemoetkomingen richting SPD weet Merkel straks misschien de slag om de SPD-leden te winnen, maar dreigt aan de andere kant afvalligheid. Het eerste gemor op de rechtervleugel van de CDU is al vernomen, en de CSU is niet zonder reden bang binnenkort in Beieren onderuit te gaan.

En Brussel? Dat moet zich vooral niet te rijk rekenen, nu het behalve in Parijs, ook in Berlijn op een Europa welgezinde regering kan bogen. Hoe verheugend dat op zich ook is: omdat twee zwaluwen nog geen zomer maken, en de euroscepsis onder grote delen van de bevolking daarmee nog niet verdwenen is, is enige politieke prudentie op zijn plaats. Alleen is politieke prudentie niet een eigenschap waardoor Juncker de afgelopen jaren opgevallen is.

Nu heeft hij zelfs alvast meteen maar de hele Westelijke Balkan op het uitbreidingsprogramma gezet, ook al zal geen van deze landen op afzienbare termijn aan de Kopenhagencriteria voldoen. Kennelijk heeft men, inzake voorbarige toetredingen, met Bulgarije en Roemenië zijn lesje toch niet geleerd.

Wie het vertrouwen in de Europese Unie bij de bevolking in de westelijke lidstaten wil ondermijnen, moet vooral zo doorgaan. Het zal Merkel en Macron toch al de nodige moeite kosten om andere hoofdsteden van de noodzaak van verdere integratie te overtuigen – om te beginnen Den Haag, waar het Europese beleid van Rutte-III vooral uit het ontkennen van de noodzaak van enig Europees beleid lijkt te staan, althans van enig Europees beleid dat verder reikt dan ‘de markt’. In elk geval zolang Halbe Zijlstra op BZ de scepter zwaait, maar goed, dat zal niet lang meer zijn, want die vindt binnenkort in een mooie datsja onderdak.

Evenmin zal Den Haag zich kunnen beperken tot wat geroep over de noodzaak van de Zuid-Europese landen om nu echt eens te hervormen, want dat geroep heeft in het verleden evenmin veel uitgehaald. Met het afwijzen van elk idee van kapitaaloverdracht van Noord naar Zuid, of van machtsoverdracht van de nationale hoofdsteden naar de federale, komt men er rond het Binnenhof niet. De gemeenschappelijke euro heeft ons nu eenmaal met Griekenland in hetzelfde financiële schuitje doen belanden. Dat betekent enerzijds dat Rutte de Nederlandse kiezer erop zal moeten voorbereiden dat er nog een paar centen naar de Grieken gaan – als bekend niet zijn favoriete ding – en anderzijds Juncker het Rutte niet nog moeilijker moet maken om die boodschap zonder complete afgang te verkondigen. Dat betekent: het door Bulgarije als nieuwe EU-voorzitter opgeworpen idee om binnenkort tot de eurozone toe te treden is absurd.

En verdere uitbreiding van de EU zal in de komende decennia sowieso alleen electoraal verkoopbaar zijn, als dat direct gekoppeld wordt aan een duidelijke keuze voor een Europa van twee snelheden, waarbij voor nieuwe toetreders geen volwaardig lidmaatschap is weggelegd. Om de simpele reden dat er weliswaar – met een assertief Rusland en Turkije in de buurt – heel plausibele geopolitieke redenen zijn om deze landen nauwer aan Europa te binden, maar dat men zich tegelijkertijd – indachtig ook de complete ontsporing van juist ‘kandidaatlid’ Turkije – over de worteling van democratische waarden en de waarde van papieren garanties dienaangaande geen illusies moet maken. Brussel heeft met Warschau, Boedapest en inmiddels ook Praag al genoeg te stellen, en er is weinig reden om aan te nemen dat het wereldbeeld van Sofia en Boekarest wezenlijk anders is.

Daar komt voor de westelijke Balkan bij dat het nationalisme er zo mogelijk nog weliger tiert, en Brussel ook nu, al meer dan een kwart eeuw na het bloedige uiteenvallen van Joegoslavië, er nog steeds niet in slaagt in Bosnië voor stabiliteit en verzoening te zorgen, het Servische revanchisme jegens Kosovo niet beteugeld is, en Macedonië en Griekenland elkaar in de haren blijven vliegen over de vraag: van wie is eigenlijk de erfenis van Alexander de Grote – inmiddels welgeteld tweeduizenddriehonderdeenenveertig jaar na de dood van.

 

Thomas von der Dunk, 13 februari 2018

Europese BewegingDreigt door de Duitse Groko nu Europese overmoed?
read more

European Movements for Building the Future: op weg naar het Congres van Den Haag

Wie de wereld rondkijkt ziet op veel plekken de spanningen oplopen. Economische ongelijkheden nemen toe, de politiek wordt harder en gepolariseerder en op heel veel plaatsen escaleren conflicten sneller dan voorheen en met steeds grover tromgeroffel.

De zachte krachten: van stillere diplomatie, het zoeken naar faire internationale relaties en het creatief omgaan met alle kennis die tot betere en duurzamere oplossingen van problemen zou kunnen leiden lijken voortdurend op achterstand gezet. Machtsvertoon is in, ware dialoog lijkt uit. En toch zijn vreedzame conflictbeslechting en een switch naar duurzamere samenwerking in het licht van de huidige mondiale uitdagingen urgenter dan ooit.

Europa is een continent van historische erfenissen, intellectuele en materieel-institutioneel. Sommige van die erfenissen zijn zwaar bekritiseerd, zoals Europa’s koloniale geschiedenissen en haar imperiale trekken. Andere, positieve erfenissen, zoals een hoge mate van rechtstatelijkheid en vrijheid en een zekere institutionele solidariteit, zijn zo vanzelfsprekend geworden dat niemand de verdediging ervan nog ter hand lijkt te willen nemen en we instituties die de pijlers van deze erfenissen zijn onder onze ogen laten uithollen.

Het is zeer te b

etreuren dat ook in Europa momenteel de interne meningsverschillen tussen bepaalde lidstaten, de politieke spanningen in de lidstaten, en chaotische processen als Brexit heel veel energie opslurpen. Naarstige pogingen van de Europese Commissie om de koers van het naoorlogse Europese project te herijken en realistischer te doen aansluiten bij wat er speelt, of van pro-Europese politici als Macron om nog een keer te verhalen waarom Europa toch echt iets meer dan ‘best belangrijk’ is worden overschaduwd: door intern gekrakeel, angstvalligheid en de opkomst van eurosceptische partijen met deels terechte grieven maar zonder oplossingen. Ook terechte kritiek komt hierdoor nauwelijks verder, in al dit kabaal.

Dit is dus opnieuw een tijd, waarin het zeker niet volstaat dat slechts in kleine kring ‘Europa’ wordt herijkt. Gevraagd is een veel energiekere inspanning, veel breder, met zo groot mogelijke inzet van mensen op dit continent die nog geloven dat we samen een toekomst scheppen. En geen beter jaar dan 2018, het jaar waarin we als EMI en EBN herdenken dat 70 jaar geleden, op de puinhopen van de WWII de Europese Beweging werd opgericht, tijdens het Congres van Den Haag. Dit fameuze congres wordt iedere tien jaar herdacht: zo ook dit jaar.

De EBN zal onder de vlag van de European Movement International en samen met al onze zusterorganisaties in Europa en allerlei andere civiele netwerken vanaf februari een programmering voeren onder de titel European Movements for Building the Future. Het is een gezamenlijke internationale programmering, waaraan veel partijen meedoen en die op 24-25 mei zal uitmonden in een internationaal festival in Den Haag. De opzet sluit aan bij wat velen van ons steeds sterker voelen. Europa kan en moet een constructievere kracht worden in een gevaarlijk onstabiele wereld en nog veel harder inzetten op alternatieven die de huidige polarisatie stoppen. Het zijn burgers en civiele organisaties die hier wellicht de meest vitale rol kunnen spelen. Begin februari zullen we op deze website de programmering bekend maken. Voor meer informatie: info@markzellenrath.com en gmvanheteren@xs4all.nl

administrator_ebnEuropean Movements for Building the Future: op weg naar het Congres van Den Haag
read more

Zal Centeno doen wat Dijsselbloem nagelaten heeft?

Onlangs heeft Jeroen Dijsselbloem als voorzitter van de Eurogroep het stokje overgedragen aan de Portugees Mário Centeno. Er is in Nederland nog wel her en der geopperd dat Dijsselbloem, gezien de tevredenheid over hem in Brussel en bij de andere EU-lidstaten, het beste gewoon kon aanblijven, maar daarvan is terecht afgezien. Vanuit Nederlandse optiek zou dat ook onlogisch zijn, omdat dit de weg zou plaveien naar een vast voorzitterschap, los van een nationaal ministerschap van Financiën, en daar is Den Haag tegen, geobsedeerd door de angst dat ook maar één handeling op iets als ‘meer Europa’ zou lijken.

Dat is overigens niet míjn argument om te stellen dat terecht van continuering is afgezien: dat is, omdat daarachter bij de voorstanders van aanblijven van Dijsselbloem een apolitieke, technocratische gedachtengang zit. Er ligt namelijk een kiezersuitspraak en er zit een nieuw kabinet. Het voorzitterschap van de Eurogroep is geen ambtelijke functie, maar een politieke, althans het behoort dat te zijn. Al degenen die nu hard roepen dat Dijsselbloem had moeten aanblijven, hadden op 15 maart gewoon één ding moeten doen: op zijn partij stemmen. Velen die dat nu zo hard roepen, hebben dat toen echter zelf nagelaten, of zelfs gestemd op een partij met ideeën die haaks op de zijne staan. Dat mag. Alleen heeft dat dan wel consequenties.

Nu zo weinig mensen de ter bevordering van het aanblijven van Dijsselbloem meest logische stap blijken hebben genomen, kan het niet zo zijn dat hij vervolgens als uithangbord fungeert voor een kabinet van een compleet andere politieke kleur. Als iets namelijk aan de geloofwaardigheid van de politiek afbreuk doet, als iets het idee van baantjesjagerij bij het brede publiek versterkt, dan is het dat. De boodschap zou namelijk zijn: ik ben weliswaar van een bepaalde kleur, maar als die kleur even niet in de smaak valt, ben ik gewoon een kameleon. Het siert Dijsselbloem dat hij meteen heeft laten weten, geen bewonderaar van deze diersoort te zijn.

Dát die opvatting dat Dijsselbloem politiek ‘inwisselbaar’ zou zijn, bij veel burgers opgang heeft gemaakt, valt overigens niet slechts die burgers te verwijten. Het ligt aan de vertechnocratisering van de politiek, het idee dat er maar één juiste, verstandige keuze bestaat, het TINA-denken – There is no alternative – dat juist op het terrein van de financiële en economische politiek en juist in Europa de afgelopen decennia opgang heeft gemaakt. Alternatieven heetten bij voorbaat irreëel. Voor de Europese politiek was de enige acceptabele richting: méér Europa – tot een electorale volksopstand in de vorm van het populisme zand in de machine begon te gooien. Voor de economische politiek was de enige acceptabele richting: méér markt, wat, als gevolg van de daarmee samenhangende flexibilisering en privatisering bij veel burgers tot grote bestaansonzekerheid heeft geleid.

Aan het TINA-denken op het laatste vlak is ook Dijsselbloem, die de afgelopen jaren teveel als spreekbuis van de monetaire fundamentalist Wolfgang Schäuble heeft geopereerd, overigens medeschuldig. Ofschoon we niet in alles hoeven mee te gaan met de kritiek van Yanis Varoufakis: hier heeft de gewezen Griekse minister van Financiën zeker een punt. De koers lag vast, verkiezingen mochten er niets aan veranderen. Zoals Schäuble zelf eens bestond te zeggen: die doen er in Athene niet toe, U mag slechts de mensen kiezen die ons beleid gaan uitvoeren.
Met desastreuze gevolgen voor Griekenland; grote delen van de bevolking zijn in diepe armoede gestort. Dat wordt inmiddels zelfs door het IMF erkend. Nog niet, overigens, door Den Haag. Daar vinden sommige partijpolitici een welvaartsverlies van dertig procent voor andere Europeanen heel goed verdedigbaar, terwijl in 2012 bij henzelf al bij een dreigend verlies van drie procent – eventuele invoering van een inkomensafhankelijke zorgpremie – het stoom uit de oren kwam. Het interessante is overigens dat Dijsselbloems opvolger in eigen land wél een iets andere koers heeft durven varen – eerst tot ontzetting van de dogmatici in Brussel, maar die moesten uiteindelijk erkennen dat Portugal er nu (anders dan Griekenland) veel beter voorstaat dan enkele jaren terug.

Dijsselbloems de facto omarming van deze neoliberale koers van Brussel maakt ook dat mijn oordeel over hem zeer gemengd is. Positief is dat hij in het geval van Cyprus niet de Europese burgers, maar de Russische zwart-geld-spaarders voor het va banque-beleid van de Cypriotische banken heeft laten bloeden. Maar negatief is niet alleen dat hij zich te vaak heeft opgeworpen als belangenbehartiger van brievenbusbelastingzwendelparadijs Nederland – want wee degene die naar ons nationale verdienmodel wijst, dat gedeeltelijk op de beroving van de fiscus van andere Europese lidstaten berust. De hoofdveroorzakers van de kredietcrisis van 2008 die miljoenen Europeanen hun baan en soms ook huis heeft gekost, de banken, zijn nog steeds niet getemd. Ook heeft hij nagelaten om zich in te zetten voor alternatieven voor de heersende monetaire orthodoxie.

Daar ligt de kern van het probleem: dat Nederland economische kwesties als technocratische beschouwt, en stelselmatig depolitiseert. Denk aan Ruttes verdediging van de afschaffing van de dividendbelasting: ‘dat is niet links of rechts, het gaat om banen’. Dit soort redeneersels legt de bijl aan de wortels van de democratie, want hier wordt de keuzemogelijkheid ontkent. Het past bij de positie van de Europese Bank: politiek onafhankelijk, maar wel met verreikende bevoegdheden die verreikende maatschappelijke gevolgen kunnen hebben, zonder dat die democratisch zijn gelegitimeerd. Wat onderwerp van debat moet zijn, wordt hier aan ‘neutrale deskundigen’ uitbesteed. Het valt te hopen dat Centeno de moed zal hebben die vanzelfsprekendheid minder voor zoete koek te slikken.

administrator_ebnZal Centeno doen wat Dijsselbloem nagelaten heeft?
read more